Close

November

Het is alweer het voorlaatste overzicht van het jaar. Ik vind het bijna eng hoe snel het nieuwjaar zal zijn. Maar tegelijk heb ik het ook al echt gehad met de herfst en de winter moet nog beginnen. November was wat een vreemde maand. We gingen naar Londen en dat is altijd fantastisch. Voor de rest kabbelde het zo wat voort en waren er niet echt veel speciale dingen.

Begin november startte mijn directe collega terug op na haar bevallingsverlof, hoera! En hadden we nog eens een kwartaaloverleg. Ik vluchtte echter vlak na het eten weg omdat ik compleet overprikkeld was door het lawaai. Het was echt mijn avond niet ofzo. De dag ervoor had ik veel sinushoofdpijn gehad en dat heeft er waarschijnlijk ook mee te maken gehad.

In het weekend begaf mijn gsm het dan plots. De batterij deed al een aantal weken raar dus ik had in mijn hoofd om met Black Friday een nieuwe te kopen, maar het werd plots last-minute een keuze maken. De week erna stonden de smartphones natuurlijk allemaal wel in promotie. Soit, ik kocht gewoon het huidige model van mijn vorige, een Google Pixel.

Ik wou ook echt niet zonder gsm in Londen zitten uiteraard. Na twee dagen vakantie thuis die gewoon voorbij gingen, vertrokken we dan richting mijn favoriete stad. Ze gaven niet het meest fantastische weer, maar we hadden geboekt om naar Rouleur live te gaan, een soort conferentie/beurs over het wielrennen dus we zouden sowieso veel binnen zijn.

Links: Rouleur Live. Rechts: Op de foto met Pauline, een GOAT uit women’s cycling

Het event was leuk met interessante talks en ik ontmoette Pauline Ferrand-Prévot die ik enkele woorden Nederlands probeerde leren, zonder veel succes :D. Maar de ruime waarin het event plaatsvond, een stuk van de Truman Brewery op Brick Lane, was een akoestische hel en dat heb ik geweten. De eerste avond waren we er lang en ik kon op den duur wel wenen van het lawaai.

Links: John Soane Museum. Rechts: The lady’s chapel in Westminster Abbey

Londen was verder echt fantastisch: we bezochten eindelijk het John Soane Museum (wauw!) en spendeerden bijna drie uur in Westminster Abbey (ik had de kerk dus nog nooit bezocht en nu moesten we een halve dag ergens binnen overbruggen dus voila, het uitgelezen moment) en gingen naar expositie van drie street art kunstenaars in de StolenSpace Gallery.

Links: het koor van Westminster Abbey. Rechts: ik spotte Sophie Mess, een street artiste die ik al even volg live aan het werk op Brick Lane

Links: een mistige ochtend in Shoreditch. Rechts: Triple Trouble expo in The StolenSpace Gallery.

Maar de deden ook the usuals: wandelen van aan The Tower tot Borough Market, iets eten bij Dishoom en Rudy’s, de koepel van St. Pauls spotten en heel wat boeken kopen in de gigantische Waterstones op Piccadilly. We ontdekten ook nieuwe eetplekken (Humble Crumble is de hype dus echt waard!). Ik vulde ondertussen daardoor mijn Londen food blog ook weer aan ;).

Op de laatste dag werd het plots heel koud en dat bleek ook het geval in België. Ik moet er dit jaar echt aan wennen en heb het precies voortdurend te koud.

Londen <3 en overal gekke uithoeken in het John Soane museum :D.

Na Londen kreeg het lief een serieuze griep of een ander virus. Ik had schrik om het ook op te pikken maar het gebeurde gelukkig niet. Het kabbelde allemaal wat voort en ik probeerde wat tijd te maken voor enkele cozy hobbies: lezen, puzzelen, lessen kunstgeschiedenis en purrdle.

Links: ik kocht purrdle op de weg terug van Londen. Rechts: Norma in Brussel

Afgelopen weekend besloten we nog even tot in Brussel te treinen voor de expo rond Goya in Bozar in het kader van Europalia Spanje. We aten eerst ook iets bij Norma, amai zo lekker!

De expo zet Goya af tegenover latere kunstenaars die hem als inspiratie gebruikten, zoals Picasso.

De expo was op zich zeker goed, al had ik gehoopt op wat meer bekend werk van hem. Bij Bozar laten ze altijd te veel volk tegelijk binnen (je moet een tijdslot reserveren, maar er zijn altijd nog tickets voor elk slot 🤷‍♀️). En er zijn ook altijd te veel groepen met een gids die de weg versperren. Soit, ik ben aan het zagen, ik vond het een goede expo maar voor mij mag het wat rustiger.

Links: moderne kunstenares die in vraag stelt wat een prinses moet doen ;). Rechts: schets van Goya van het beroemde schilderij Las meninas van Velazquez.

Al was er een madame die luidop aan het vertellen was tegen haar vrienden dat ze had ontdekt dat je een foto van dat vierkantje nam, je dan extra tekst kon lezen. Ze had met name de QR-code ontdekt. Ik kon mijn lach amper inhouden :D.

Gelezen

Ik las deze maand twee wat dikkere boeken en één Kindleboek op de trein.

  • A marriage of lions van Elizabeth Chadwick vond ik een prachtig boek over de halfbroer van koning Henry III en vooral zijn vrouw Joanna Of Swanscombe. Er zijn niet zoveel boeken over deze periode dus ik heb genoten, maar ik ga jullie niet vervelen met de saaie historische details ;).
  • The devil’s slave van Tracy Borman is het tweede boek over Frances Gorges die in de nadagen van The Gunpowder plot niet opnieuw verraad probeert te plegen of van hekserij beschuldigd probeert te worden aan het hof van de eerste Stuartkoning. Heel entertainend dit wel.
  • De kathedraal van de zee van Ildefonso Falcones. Stond al eeuwen op de lijst en is de Spaans ‘Pilaren der aarde’. Het heeft dan ook echt veel overeenkomsten met Ken Follett zijn boeken. Het is hard en gruwelijk met momenten, de personages zijn nogal eendimensioneel, het verhaal is heel vrouwonvriendelijk… maar het heeft dat sfeertje en zo’n meeslepend plot en daar lees ik dit soort boeken voor. Je loopt zelf rond in middeleeuws Barcelona en ziet de kathedraal stap voor stap worden opgebouwd.

Nu komt december eraan, niet mijn favoriete maand, maar ik probeer elk jaar om de feestdagen niet te veel onder mijn kleren te laten kruipen en gewoon mee te gaan in de flow.

Wat zijn jouw plannen in december?

Napels #4: een kloostertuin en meer in het historisch centrum

In april 2024 trokken Leen en ik naar de Italiaanse stad Napels voor onze jaarlijkse citytrip. Napels wordt ook wel de buik van Italië genoemd, ze zijn er blijkbaar zot van kerststallen en er is altijd wel ergens een hoek van waaruit de Vesuvius opdoemt. Napels is veelzijdig, Napels is luid, Napels is vuil en Napels voelt nog heel echt. Het werd een fijne kennismaking met deze zonnige stad.

Na een dag in de wijk Vomero en een uitstap naar Pompeii, trokken we nu echt naar het historische (en toeristische) hart van de stad. Het centro storico is uniek, in die zin dat de indeling nog net zo is zoals in de tijd van de Grieken. En dit maakt dat het is uitgeroepen tot Unesco werelderfgoed. Chique!

Grofweg concentreert het historische centrum zich rond de Spaccanapoli, een twee kilometer lange straat die het centrum doorkruist. Aan het begin van deze straat vind je onze eerste stop: de chiesa del Gesu Nuovo. Een kerk met een wel heel bijzondere gevel en een barokke interieur.

De voorgevel dateert van het Sanseverinopaleis dat hier eerst stond en heeft allemaal kleine rustieke piramides die blijkbaar een ding waren tijdens de Renaissance. Ik vind het maar speciaal :).

De Gesu Nuovo (‘Nieuwe Jezus’) is een van de grootste en belangrijkste kerken van de stad. Binnen valt meteen het prachtige interieur op, dat zelfs een beetje doet denken aan de Sint-Pieter in Rome door de felle koepel. Toegang tot de kerk is trouwens gratis. Wij liepen er wel even rond om alles in ons op te nemen. Weetje: er kwam tijdens WOII een bom terecht op de kerk die wel wat schade aanbracht maar gelukkig nooit echt tot ontploffing kwam.

Op het pleintje voor de kerk vind je de obelisk van de Onbevlekte Maagd en ook de ingang naar het Complesso Monumentale de Santa Chiara. Voor 7 euro per persoon mag je het klooster, de kerk en het museum bezoeken. In Vomero waren we al eerder verliefd geworden op zo’n klooster dus we haalden snel die portefeuille boven.

De kerk stamt uit de 14de eeuw, maar werd wel volledig verwoest door een WOII bombardement. In het museum zie je foto’s van de verwoesting. Maar ondertussen is de kerk herbouwd in gotische stijl zoals het gebouw ooit was bedoeld, met een uniek houten plafond en toch nog wel een zijkapel met wat barokke elementen. Het zorgt voor een sober interieur, helemaal anders dan de Gesu Nuovo die er pal tegenover staat.

De kloostertuin is wel gespaard gebleven van het bombardement en is helemaal niet zo sober te noemen. Er is versiering met kleurrijke tegels rondom de hele patio aangebracht. Het was hier een nonnenklooster en de tuin werd aangelegd in de 18de eeuw.

De zuilen en tegels in de tuin zijn allemaal versierd met bloemenmotieven en de zuilengalerij rondom heeft fresco’s met taferelen uit het Oude Testament. Het deed me op sommige momenten denken aan de Plaza de Espana in Sevilla.

Je mag trouwens niet op de zuilen gaan zitten, want je ziet al wat schade van de toeristen die dat wel hebben gedaan. Dit klooster is één van de bekendere trekpleisters dus je bent er niet alleen. Tegelijk is het ook wel een rustpunt, weg van de drukke spaccanapoli straat.

Naast de kerk en het klooster is er ook een klein museum over de geschiedenis van het klooster en kan je wandelen rond de archeologische opgravingen die ze er aan het doen zijn. Want net zoals overal in Napels zit er ook hier een hele stad onder de grond: overblijfselen uit Griekse en Romeinse tijd.

Links: Romeinse opgravingen. Rechts: de kerststal

En je ziet er opnieuw een kerststal, deze keer kon ik wel een deftige foto nemen. De presepe is een miniatuurtafereel over de geboorte van Jezus in de stal in Bethlehem. Die Napolitanen zijn toch echt kerstgek.

Na dit bezoek wandelden we verder door het centrum en volgden daarbij de Time To Momo reisgids die ons opnieuw naar een kerk wees: die van Santa Luciella. Maar toen we daar aankwamen zagen we slechts een kleine deur en aan het onthaal zeiden ze dat de kerk enkel via een Italiaanse tour te bezoeken was. Maar we konden aansluiten en kregen een Engels infoblaadje. We betaalden 6 euro per persoon.

Wat we niet wisten is dat de Santa Luciella kerk bedolven is geraakt onder een aardbeving in 1980 en dat vrijwilligers sinds 2016 de kerk hebben uitgegraven en deels terug hebben open gesteld. De kerk dateert uit de 14de eeuw en is gewijd aan Santa Lucia. Van de kerk zelf is maar één mini ruimte toegankelijk vandaag en dan de ingang naar de crypte.

Wat we ook niet wisten is dat er een grote legende rond het kerkje hangt: in de crypte is namelijk een schedel met oren aan gevonden. Een schedel met nog oren aan, ja je leest het goed. De crypte is ooit een begraafplaats geweest en is vandaag een soort bedevaartsoord waar mensen dingen komen neerleggen wanneer er iets mis is met één van hun zintuigen (Santa Lucia is blijkbaar de heilige van het zicht).

Links: crypte met schedels en offeringen. Rechts: schedel met oren, net Gollem!

Zou ik het aanraden om te bezoeken? Ik weet het niet zo goed, want het is wel een van de meer bijzondere dingen die ik in Napels heb gezien. En de inkom die je betaalt gaat naar de restauratie die nog volop bezig is. Wie weet is een bezoek aan deze kerk over enkele jaren wel weer heel anders.

Links: interieur piepkleine kerkruimte Santa Luciella. Rechts: drukte in de Spaccanapoli.

Ondertussen was het zeer druk geworden in het centrum. We sloegen de Via San Gregorio Armeno over, die staat bekend als de kerststraat van Napels, waar je dus kerststalpoppetjes en miniaturen zou kunnen kopen. Al zouden heel veel winkels ondertussen importeren uit China en is er van echte ambacht niet zoveel sprake meer. Het was er over de koppen lopen, dus we zochten stilaan naar een lunchplek.

Eerst passeerden we nog langs de Santa Maria delle Anime del Purgatorio ad Arco (wat een naam zeg!), waar er schedels buiten aan de ingang staan die je blijkbaar moet aanraken voor geluk. En de Italianen deden dat ook echt. Die schedels, het is naast kerststallen een terugkerend dingetje in Napels. Verder is het een mooie barokke kerk. De entree is gratis.

Links: schedel aan de ingang, Rechts: interieur van de Santa Maria Purgatorio ad arco.

Nu begon het te regenen en dus doken we Pizzeria I Decumandi binnen. Eten in het toeristisch centrum is altijd wat moeilijker, maar deze stond in de reisgids. Zeer grote en goedkope Napolitaanse pizza in een typisch Italiaanse zaak. Was het de beste pizza van de vakantie? Neen, maar er was ook helemaal niets mis mee.

Links: foto van pizza met hand om de grootte aan te duiden. Rechts: random straatje.

Et voila, dat was deel 1 van onze dag in het historische centrum. Veel kerken dus, Napels is heel religieus en dit maakt nu eenmaal deel uit van hun erfgoed. Wordt vervolgd!

Waar at jij ooit de beste pizza?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

So You Think You Can Dance

Afgelopen week kondigde VTM aan dat ze dansers zoeken voor een nieuw seizoen van So You Think You Can Dance, een danstalentenjacht die meer dan tien jaar geleden enkele seizoenen liep in België en Nederland. Het bericht bracht zowel een glimlach als heel wat nostalgische gevoelens bij mij naar boven.

Ik dans zelf al sinds mijn 6 jaar, absoluut geen hoog niveau, puur voor mijn plezier. Ik keek als kind naar Sterren op de dansvloer (en tegenwoordig ook nog steeds naar Dancing with the stars – zelfde show, maar nu met een Engelse titel). Toen het tweede seizoen van SYTYCD op Belgische tv kwam, zat ik in het middelbaar en er ging voor mij echt een wereld open.

Het programma zat goed in elkaar: auditierondes, een bootcamp en liveshows waarbij de deelnemers per tv telkens in een andere combo een andere stijl kregen voorgeschoteld. Er komen heel wat verschillende stijlen aan bod: jazz, modern, hiphop lyrical, hiphop fast popping, street, klassiek… Ik hou van latin en ballroomstijlen (die ook aan bod komen trouwens), daar niet van, maar het feit dat ‘mijn’ type dans op tv kwam vond ik zalig.

Ik hield ook van de jury want ik kreeg al snel een crush op Jan Kooijman die toen het kapsel had van de gemiddelde lead zanger van de poprockbands waar ik in het middelbaar naar luisterde. Zijn interactie met medejurylid Ish Ait Hamou en presentator Dennis Weening vond ik ook heel grappig. De show gaf daarnaast veel aandacht aan de choreografen achter de danschoreo’s (wat uniek is aan dit soort shows) en namen als Isabelle Beernaert, Laurent Flamant, Min Hee Bervoets, Roy Julen, Vincent Vianen en Koen & Roemjana ben ik nooit meer vergeten.

Ik trok zelfs door het programma naar een show van Isabelle Beernaert en besloot op mijn 18de modern te gaan dansen (en dat doe ik nog steeds). Met enkele vriendinnen ben ik ook naar een liveshow fysiek gaan kijken toen het laatste seizoen in België werd opgenomen. Ik herinner me nog weinig van die avond (ik weet zelf niet waarom), maar het toont aan dat het programma toen wel in mijn hart zat.

Er zijn blijkbaar zes seizoenen geweest in België, en zeven in Nederland. Ik las de namen van de winnaars nog eens terug en bekeek wat choreo’s op Youtube. Sommige dingen kwamen terug, anderen niet :).

En dit alles was ik een beetje vergeten, tot ik de aankondiging las dat het programma terugkeert. Reken maar dat ik op het puntje van mijn stoel zal zitten om te kijken. Dansen brengt nu eenmaal iets teweeg bij mij, door het zelf te doen én door het te zien. Het is misschien wel het enige moment dat ik wat in sync ben met mijn lichaam ofzo.

Ik besloot dit jaar in een tweede dansschool een andere choreoles te gaan volgen. Dezelfde stijl trouwens, maar ik was wat uitgekeken op de stijl die in mijn dansschool werd gegeven en toen de leerkracht en groep hard veranderde, was dat voor de trigger. Een grote stap want ik haat verandering en een nieuwe groep, maar ik merk dat de nieuwe les me wat uitdaagt en een andere soort energie geeft. En ondertussen dans ik ook nog heel graag modern in mijn eerste dansschool. En kijk ik er naar uit om na zo’n les in de zetel te ploffen om naar SYTYCD te kijken. Nog even geduld.

Heb jij ook zo’n tv-programma waarvan je nostalgisch hoopt dat het ooit terugkeert?

Londen #21: Kunst kijken in Victoria Miro & The Courtauld Gallery

Yes, dit is al bericht 21(!) over mijn favoriete stad. In oktober 2024 gingen we op herfsttrip naar de Britse hoofdstad en deden we weer heel wat nieuwe dingen die ik graag met jullie deel. Vandaag: twee minder gekende hotspots voor kunstfanaten – van hedendaags tot impressionisme – die we tijdens onze eerste dag bezochten.

Victoria Miro

Dit is een redelijke grote galerij voor hedendaagse kunst in Islington (Oost-Londen) van de vrouwelijke kunstdealer, Victoria Miro, die ook een galerij heeft in Venetië. Zowel bekende namen als opkomende artiesten krijgen er een plek. Toegang is gratis, al zal je wel op voorhand moeten reserveren voor bepaalde populaire expo’s. Zoals die van Yayoi Kusama, de beroemde Japanse stippenkunstenares, die wij bezochten in oktober 2024. De expo is vandaag dus niet meer te zien. Maar ik vond dit echt een hele fijne galerij waar ik sindsdien de expo’s van check als we naar Londen gaan en dus wie weet hebben ze ook iets interessant als jij naar Londen gaat.

De galerij zit in een vroegere meubelfabriek en dat zie je nog steeds goed terug in de indeling van het gebouw. Het gebouw bestaat uit twee verdiepingen en een kleine stadstuin. Zoals steeds vind ik het gebouw bijna net zo fascinerend als de kunst wanneer ik een galerij of museum bezoek.

De lappen stof met de typische stippen van Kusama hingen vast aan het houten plafond en besloegen zo twee verdiepingen. De muren zijn in elke exporuimte wit geverfd.

Zoals je hierboven ziet, hingen de schilderijen kriskras door elkaar. Ook in de stadstuin stonden enkele werken van Kusama.

Via de tuin kan je opnieuw een trap op en kom je in een tweede exporuimte waar werken hingen van Jules De Balincourt – ook geen kleine naam in de hedendaagse kunst.

Ik vond dit ook echt een hele mooie ruimte waarin de werken goed tot hun recht komen. En ik werd ook wel meteen fan van de kleurrijke, sfeervolle abstracte schilderijen van De Balincourt.

Het is een hele toegankelijke kunstgalerij. Geen te gekke installaties (ze hebben soms wel installatiekunst trouwens, maar toch vooral veel schilderkunst in hun portfolio), geen drukke ruimtes, niet te veel volk én gewoon echt goede kunst. Islington is sowieso een fijne, onbekendere wijk om te verkennen als je het toeristische hart van Londen al goed kent. En Victoria Miro is ook goed bereikbaar met de metro: vanaf het metrostation Old Street is het slechts 10 minuten stappen tot aan de galerij.

Courtauld Gallery, Somerset House

Tweede stop van de dag werd Courtauld Gallery, het kunstmuseum van de kunstfaculteit van de universiteit in Londen dat zich bevindt in Somerset House, aan The Strand. Hartje Londen dus. Uitstappen met de metro op Temple, Charing Cross of Covent Garden.

Somerset House is een neoklassiek gebouw waar verschillende overheidsinstellingen gevestigd zijn, met een zeer groot binnenplein, een standbeeld voor George III, een bar en een evenementenlocatie.

Het is eigenlijk vreemd dat het museum nog nooit eerder op mijn lijstje was geraakt. In de jaren ’30 verzamelde Samuel Courtauld voornamelijk (post)impressionistische werken met grote namen als Renoir, Manet, Degas, Pissaro… Ondertussen heeft het museum nog heel wat kunst verzameld van andere stromingen en periodes, maar de collectie impressionisme blijft het paradepaartje. En het is één van mijn favoriete stromingen.

The Courtauld Gallery is geen staatsmuseum en dus ook niet gratis. De permanente collectie bezoeken kost 12 pond, best vooraf te reserveren via de website. Wij betaalden voor de permanente collectie en de expo 18 pond.

Naast de permanente collectie, hebben ze dus ook een kleine exporuimte. En dat was de trigger om langs te gaan, want er liep een expo ‘Monet en Londen’. Monet is natuurlijk een grote naam en hij verbleef enkele jaren in Londen waarin hij verschillende werken van de Charing Cross Bridge, Waterloo Bridge en the Houses of Parliament maakte – met vaak een mistige blik op de heel industriële stad aan het begin van de 20ste eeuw. Nu waren er een 12-tal van die werken samen verzameld vanuit de hele wereld, uniek dus!

De exporuimte zelf is best klein, daarom dat ze werken met tijdsloten. Dat is ook echt wel nodig. Maar ik vond het wel prachtige schilderijen. Monet wou zelf graag een expositie organiseren in Londen met deze werken, maar het is hem nooit gelukt.

Na de expo verkenden we de permanente collectie. Er is een zaal met meer religieuze kunst, barok (vooral Rubens) en dan op de derde verdieping de impressionisten.

Links: A Bar at the Folies-Bergère. Rechts: Een versie van Déjeuner sur l’herbe, allebei van Edouard Manet. Twee topstukken uit de collectie.

Links: danseres van Edgar Dégas. Rechts: het gebouw heeft een prachtige trappenhal met koepel.

Barokke kunst op de tweede verdieping.

Het is een zeer behapbaar museum. Geen overload aan kunst, maar mooi gecureerd en overzichtelijk. Zijn prijs zeker waard. Ook van The Courtauld Gallery hou ik dus vanaf nu de expo’s in het oog ;).

Vanaf Somerset House wandelden we nog tot aan The Tower en The Tower Bridge onder een heerlijke herfstzon en met Halloween vibes ;). ’s Avonds gingen we eten bij Ottolenghi. Alle Londen food tips vind je in deze blogpost die ik regelmatig bijwerk.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Wat is jouw favoriete museum in België, Nederland, Londen, Parijs dat ik zeker eens moet checken?

Balans

Soms blader ik door een woordenboek* en valt mijn oog op één specifiek woord. Vandaag is het dit woord:

ba·lans (de; v(m); meervoud: balansen)

  1. tweearmige weegschaal: de balans doen doorslaan de zaak beslissen
  2. evenwicht: in balans zijn in evenwicht; uit zijn balans raken uit zijn evenwicht
  3. (boekhouden) overzicht in tabelvorm van de waarden van bezittingen, schulden en eigen vermogen van een onderneming op een bepaalde datum: de balans opmaken het resultaat van zijn werk berekenen (ook figuurlijk)

Je kan in of uit balans zijn. Balans houden. Er zijn mensen die het opmaken. Boekhouders zijn er veel mee bezig, zo blijkt. En in het Engels spreken ze soms van ‘it hung in the balance’, wat ik wel gepast vind want balans voelt altijd een beetje als hangen en friemelen. Als tussenin zijn. De ene zoekt er zijn hele leven naar, de andere zweert erbij als sleutel tot geluk.

De ene keer is het dat stuk fruit na een deugddoende sportsessie. De andere keer die reep chocola want dat heb je toch zeker verdiend na dat sporten? Nog een andere keer is het een zak chips tijdens een avond in de zetel. Genietend van elke seconde of dat stiekeme stemmetje negerend dat vindt dat je toch beter iets nuttigs had gedaan met de tijd en iets gezonds had gegeten.

Soms is balans stom en wil je niet liever dan overhellen naar de ene kant. Soms trekt balans je weer recht tot je in evenwicht komt. Het zorgt dat je niet valt. Of dat je pirouette er sierlijk uitziet. Evenwicht kan saai lijken, maar het zorgt er wel voor dat je even geen houvast nodig hebt.

Voor de ene is het even – eindelijk alleen – douchen en dan nog drie minuten extra in de badkamer doorbrengen met je favoriete liedje op speaker. Voor de andere is het een hele dag in je agenda vrijhouden en daar wekenlang naar uitkijken. Of die pint bier op vrijdagavond na een hele week werken. Die avond uit met vriendinnen terwijl de babysit op je kind past. Die wasmand dagenlang onderaan de trap laten staan omdat je geen zin hebt hem tot boven te dragen. Nog een beetje opruimen de avond voor de kuishulp komt. Jezelf een presentje kopen in de winkel of even goed 50 euro overschrijven naar je spaarrekening. Op het internet wegdromen van een verre avontuurlijke reis en toch weer diezelfde camping in Frankrijk boeken omdat het zwembad er zo fijn is.

Balans kan veel betekenissen hebben en voor iedereen anders zijn. We kunnen het allemaal individueel vormgeven. Als een blok ruwe klei dat een meesterwerk zou kunnen worden. En kloppen de verhoudingen niet langer, dan beginnen we gewoon opnieuw.

*Spreekwoordelijk hé, al heel lang geen echt woordenboek meer vastgehad ;).

** Dit was weer een post in columnstijl en wat spelend met taal. Ik wil dat misschien wel wat vaker doen.

Oktober

Weer een maand voorbij. Insert clichés. Oktober was een beetje een vreemde maand, vol met zoveel ups en downs dat mijn gevoelens precies zelf niet konden volgen.

Grootste oorzaak: het was belachelijk druk op het werk (ik zeg dat niet graag, want ik haat de druk druk druk maatschappij). Ik denk dat ik vorige keer al zei dat een collega in zwangerschapsverlof is en dat gecombineerd met het altijd drukke najaar is pittig. Deze week verwelkomen we haar terug, maar voor mezelf en mijn andere collega was het doorperen geblazen in oktober.

Op één of andere manier hadden we dat op voorhand aangevoeld en dus hadden we ook besloten twee dagen op conferentie te gaan om bij te leren over strategie en service design en de alledaagse chaos even achter te laten. Die conferentie was in Barcelona, dus we besloten tot zondagmiddag te blijven. Het was zo’n kleine 20 graden in de Spaanse stad en mij hoorde je niet klagen.

Maar we vertrokken eigenlijk allebei compleet overprikkeld. We hadden een late vlucht heen en het hotel was toch blijkbaar niet gemakkelijk bereikbaar met de metro dus na drie metrolijnen te nemen waren we pas rond 23u op hotel en ik was die dag al opgestaan met lichte keelpijn en hoofdpijn.

Gelukkige zette de ‘ziekte’ zich niet verder. De conferentie was heel interessant (wel lange dagen van 9u15 tot 18u30), maar het was interessant en we hebben veel leuke mensen gesproken. De locatie was ook top – de Design Hub in het Glories park vol moderne architectuur.

Links: Design Hub, onze locatie voor de conferentie. Rechts: dramatische lucht boven de Sagrada Familia

De locatie was ook op een kwartier stappen van de Sagrada Familia dus daar zijn we ook een avond naartoe gewandeld (toen het nog niet de hoogste kerk ter wereld was, maar toch al belachelijk hoog – ik schrok ervan), de andere avond richting het strand.

Zo even weg van het alledaagse zorgde er ook voor dat we goed konden babbelen onder ons twee, over het werk en de dinges des levens. Zij is echt een heel belangrijk klankbord voor mij en het kwam op het juiste moment voor ons allebei denk ik.

Op zaterdag trokken we zonder plan naar het meer toeristische hart van de stad. We startten in de wijk El Born en gingen via het Centro Cultural naar het Parc de la Ciutadella waar we o.a. een prachtige Art Nouveau (Modernista in Spanje) serre vonden. We aten ergens vegetarische paella en wandelden nog naar meer Modernista op de Passeig De Gracia. Om nadien neer te ploffen op een terras. En ’s avonds alweer een tapasbar in te duiken. Goed eten, dat kan je wel in Spanje :).

Op zondag reisden we terug en maandag weer aan het werk. De realiteit kwam meteen hard binnen en ik had een hele week moeite met de vermoeidheid van me af te schudden. Ik had ook een drukke sociale week en de overprikkelling was dus groot.

Ik nam maar één foto van mezelf in Barcelona, deze in de grote spiegel voor ons bed in het hotel om 23u als we eindelijk waren aangekomen :D. En lezen is sexy, maar dat wist ik natuurlijk al.

In het weekend had ik afgesproken met Leen voor pizza bij het nieuwe Giuditta in Leuven (zeker een aanrader). We pikten ook de nieuwe expo voor 600 jaar KU Leuven mee in Museum M. In enkele zalen stonden kriskras stukken door elkaar die uit de ruime collectie van de universiteit kwamen, met wetenschappelijke en soms ook ethische duiding. Ik vond het echt fijn gedaan, maar ik vond het ook wel een kleine expo – meestal zijn de expo’s van de tweejaarlijkse Leuvense stadsfestivals groter.

Expo Kennis in zicht, Museum M

Daarnaast was er een tentoonstelling van Alicja Kwade, een hedendaagse Poolse kunstenares met vooral installaties. Ze speelt graag met tijd en ruimte en we zijn allebei als een blok voor haar werk gevallen. Ga dat zien! ‘Dusty die’ en ‘Kennis in zicht’ lopen allebei nog in Museum M tot 22 februari.

Dusty die, Alicja Kwade, Museum M

De rest van de maand stond in het teken van werken en rust nemen in het weekend. Ik liet nog eens bloed nemen bij de dokter ter opvolging en bleek kerngezond – geen ijzertekort meer en zelfs potentieel de piste dat ik nooit CMV gehad zou hebben (wat ik niet geloof want ik ben echt wel fundamenteel minder moe dus er was ‘iets’ en CMV checkte alle symptomen af).

Ik voelde dat ik gas terug moest nemen en deed dat ook. Er volgde nog een spontane avond uit met de collega’s, ik las wat fijne boeken, volgde een nieuwe cursus ‘inleiding tot de architectuur’ en keek cyclocross op tv onder een dekentje .

Het was dus echt een wat gemengde maand, ik heb te vaak een vol hoofd gehad, en tegelijk was alles wat ik heb gedaan echt fijn en deed de Spaanse zon extra deugd. Ik las dat het ook een heel sombere maand is geweest qua licht en dat heeft sowieso zijn invloed gehad op mijn vermoeidheid denk ik. Op naar november want dan gaan we naar Londen en dat is nu eenmaal mijn happy place away from home :).

Gelezen

  • Tyrant van Conn Iggulden is het tweede boek van drie over keizer Nero. In dit boek wordt Nero eerst troonopvolger, om na de dood van Claudius, ook effectief keizer te worden. Het verhaal focust op zijn moeilijke relatie met zijn moeder Agrippina. Een beter boek dan het eerste boek, voor de geschiedenisfans en Latinisten onder ons.
  • Godwine, kingmaker van Mercedes Rochelle, vertelt het verhaal van Godwin, een belangrijke hertog vlak voor 1066. Hij maakte maar liefst 5 Engelse koningen mee tijdens een heel turbulente periode. Ik hou van de Saksisch-Deense periode dus vond het een goed boek
  • The smallest man van Frances Quinn is mijn aanrader van de maand. Frances Quinn schrijft geweldige boeken met personages die onder je huid kruipen en tegelijk wilt doodknuffelen – in een lichte historische setting. Nat Davy is een dwerg en wordt cadeau gegeven aan Henrietta Maria, Franse katholieke koningin van een protestants Engeland. De burgeroorlog breekt uit en Nat Davy wil graag een held zijn. Zijn kijk op de wereld en de manier waarop hij omgaat met zijn beperking is geweldig, dus ga dit lezen.

Amai, dit was een lange post merk ik. Hoe gaat het met jou?

Rotterdam #4: Huis Sonneveld & Het Depot (+ nieuwe eettips)

In de zomer van 2024 startte de Tour De France Femmes in Rotterdam. Wij trokken er voor drie dagen naartoe om de start van een rit, aankomst van een rit én een tijdrit door de stad te beleven, en dat in een snikhete week. Daarnaast hadden we nog één dag vrij te besteden. In 2018 was ik al eens een weekend in Rotterdam, dus ik had al veel van de stad gezien (dus check zeker even de oudere blogposts vol inspiratie). Vandaag neem ik jullie mee naar twee musea die ik toen niet bezocht.

We besloten richting museumkwartier te trekken. Ik volgde toen een cursus kunstgeschiedenis en het modernisme is natuurlijk dé bouwstijl in Rotterdam. Daarom stond een bezoek aan Huis Sonneveld hoog op mijn wishlist.

Huis Sonneveld is een museumwoning uit de jaren 30 en een mooi voorbeeld van ‘Het nieuwe bouwen’, oftewel het modernisme waarbij licht, lucht en ruimte de kernwoorden zijn. Het huis werd gebouwd voor de heer Sonneveld, een van de directeurs van de Van Nellefabriek door architect Leendert van der Vlugt. Die fabriek is trouwens ook een modernistische parel van dezelfde architect. Een ticket tot de woning kost 10 euro per persoon.

Met een fijne audiogids ingesproken door één van familieleden van de heer Sonneveld wandel je door de verschillende ruimtes. Je krijgt een beeld van hoe een best rijke familie (en hun personeel) leefde in de jaren ’30. Het is niet groot, maar ik vond de audiogids echt mooi gedaan. Ook het meubilair was best vernieuwend voor die tijd en is heel vrolijk en kleurrijk.

Naast Huis Sonneveld kan je nog een bezoek brengen aan Het Nieuwe Instituut of het Chabot museum, maar de trekpleister is het Museum Boijmans Van Beuningen, dat we de vorige keer bezochten maar ondertussen gerenoveerd wordt. Sinds enkele jaren kan je er ook Het Depot bezoeken, het eerste openbare kunstdepot. Het is geen museum, maar een opslagplaats van werken én een plek waar restauratie plaatsvindt. Een bezoek is met 20 euro best prijzig, maar we besloten het toch te doen.

Bij binnenkomst merk je onmiddellijk: dit is geen museum. Met heel wat verschillende (rol)trappen kan je de verschillende verdiepingen verkennen waar kunst lukraak op elkaar lijkt gestapeld en restaurateurs aan het werk zijn.

Er zijn ook een paar kleine tentoonstellingen. Bv. “de favorieten”, een selectie van heel bekende werken die er op hangen (opnieuw lukraak door elkaar) en we konden in een spiegelkamer van Yayoi Kusama (wat ik leuk vond, want we hadden haar net ontdekt in Porto, anderhalve maand eerder).

De kunst die er hangt is wel van topniveau, maar toch vonden we het een wat vreemde ervaring. Het depot zette wel een trend, ondertussen heeft ook de V&A in Londen een depot geopend voor het brede publiek (yes, die staat al op de ellendig lange Londen wishlist).

Bovenop heb je een bar, veel groen een uitzicht over Rotterdam, deze derde dag bracht wat regen en bewolking met zich mee.

Wanneer het Boijmans Van Beuningen museum in zijn geheel opengaat zal er waarschijnlijk wel een soort combiticket mogelijk zijn en dan lijkt me de combo ook wel tof. Nu bleef ik toch een beetje op m’n honger zitten. Zo’n origineel gebouw langs buiten, dan had ik binnen misschien net wat meer verwacht.

Drie dagen Rotterdam, dat is ook wandelen langs mijn favorieten: de kubushuizen, de Erasmusbrug, de Leuvehaven, de food markets…

En het leverde ook waar wat nieuwe (en oude) favoriete eetplekken op, dit zijn onze aanraders:

In de Witte De Wihtstraat

  • Ter Marsch & Co voor burgers (vond ik iets minder dan de hype leek uitschijnen, maar nog steeds lekker)
  • Supermercado, nog steeds lekker
  • Bazar, nog steeds lekker
  • Pizza Beppe, nieuwe ontdekking (zit blijkbaar op meerdere plekken)

Elders

  • La Pizza (stomme naam, maar wel heerlijk eten)
  • De Foodhallen voor een fijne lunch, tegenvaller was dan weer de Fenix Food Factory die veel kleiner is geworden dan de vorige keer dan we er waren?
  • Giraffe Coffee Roasters voor koffie en ontbijt
  • Harvest voor koffie en ontbijt

Et voila, dat was weer een fijne dag in Rotterdam. Ik blijf het wel een leuke stad vinden waar je als liefhebber van moderne architectuur, musea en lekker eten wel voldoende aan je trekken komt.

Wat is jouw favoriete stad in Nederland?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

A tot Z boek tag

De zinnen stromen even wat moeilijker uit mijn digitale pen, maar dan zijn er gelukkig nog altijd van die goede oude tags. Ik zag er eentje bij Irene, die terug op haar vertrouwde stek blogt, en zij haalde de mosterd bij Sas.

Lezen is mijn grootste en meest stabiele hobby, dus ik vond dit meteen een hele fijne tag om in te vullen. Waar mogelijk geef ik zowel de Engels als Nederlandse titel van het boek mee.

A • auteur waarvan je het meest boeken las
Logischerwijs een auteur waar ik een serie van uit las. Ik las volgens mij al zo’n 14 boeken van Bernard Cornwell (The Last Kingdom serie + 1 standalone) en 9 boeken van Diana Gabaldon (Outlander) en ook ooit alle boeken van Jane Austen (dat zijn er 7 denk ik). Ik lees verder eigenlijk wel divers qua auteurs en grijp ook vaak naar een nieuwe naam.

B • beste vervolg
Het tweede Outlander boek Dragonfly in amber (Terugkeer naar Inverness) vond ik echt wel beter dan het eerste boek. En ook The city of tears (Stad van Tranen) van Kate Mosse is deel 2 in de Joubert chronicles en mijn favoriet. Verder vind ik het tweede boek vaak het minste boek in bv. een trilogie aangezien het dan aanvoelt als een tussenboek.

C • currently reading
A marriage of lions van Elizabeth Chadwick (net begonnen!) en The devil’s slave van Tracy Bornam als treinboek op mijn Kindle.

D • drankje dat bij lezen hoort
Ik drink eigenlijk niet per se iets tijdens het lezen. Dus ik zou zeggen water of een ice teake ofzo.

E • e-reader of fysiek boek
Beiden! Ik was sceptisch over een e-reader maar sinds ik mijn Kindle heb, kan ik niet meer zonder. Ik heb plots toegang tot heel wat boeken die in België niet in de winkel of de bib terechtkomen. En je sleurt veel minder mee. Dus ik lees eigenlijk standaard één fysiek boek en één e-boek door elkaar.

F • fictief personage dat je zou gedatet hebben vroeger
Ik lees weinig romance en de mannen in historische boeken zijn meestal niet zo sympathiek, haha.

G • goed boek dat je eerst niet aansprak, maar dat je dan toch een kans gaf
Heel vaak zijn dit boeken uit mijn comfort zone. Elif Shafak was echt een ontdekking. Ik was ook eerst niet zeker van The longest exile toen ik het ontving als recensie-exemplaar maar ik vond dat een heel goed boek. En ik heb lang gewacht met Hamnet te lezen door de verschillende gemengde reviews, maar ik vond dat best een goed boek.

En dan zijn er altijd die gehypte boeken waar ik soms wat schrik van heb bv. ‘De zeven zussen’, ‘Al het blauw van de hemel’, ‘Waar de rivierkreeften zingen’… maar ik geef ze dan toch meestal wel een keer een kans. Met gemengd succes, maar dat maakt niet zo uit, er zitten soms ook echt pareltjes tussen.

H • hemelse vondst
Het nogal feministische Griekse mythe hervertellingsgenre (dat is niet echt een woord besef ik, maar hoe noem je het anders?) brengt ons letterlijk tot bij de Goden in Olympus dus dat durf ik hemels noemen. Het genre heeft ook echt terug mijn liefde voor ‘de ouden’ (Grieken en Romeinen) tot leven gebracht.

I • ingrijpend/interessant moment in je lezend leven

  • Toen ik rond mijn 20ste terug ben beginnen lezen, na jaren gestopt te zijn omdat we in het middelbaar verschrikkelijke Hollandse romans moesten lezen (denk Tommy Wieringa en Remco Campert – niets voor mijn 16-jarige Vlaamse zelf).
  • Het kopen van mijn e-reader viel ook samen met de opstart van mijn boekenblog en via mijn blog en de community heb ik al veel goede boeken leren kennen.
  • De ontdekking van The Waterstones in Piccadilly in Londen (hun grootste winkel). Het is de enige boekenwinkel waar mijn genre – Europese historische fictie – een eigen afdeling heeft en een enorm assortiment. Ik voel me als een kind in de snoepwinkel. In mijn bib heeft historische fictie ook lang een eigen schap gehad, maar dat is een paar jaar geleden afgeschaft en nu is het zoeken tussen de immense hoeveelheid romans.
  • Ook gewoon dat lezen tegenwoordig echt terug een hippe hobby is en dat ik wel best wat mensen ken om mee over boeken te praten.

J • juist uitgelezen
The smallest man van Frances Quinn. Vijf sterren! Fantastisch boek en Quinn is één van mijn nieuwste favoriete auteurs geworden.

K • kakboeken (soort boeken die je nooit (meer) zou lezen)
Van die bouquetrommanetjes, of eender welk boek met een zware romance. Horror lees ik ook nooit en ik zie wel vaak de clue in een detective aankomen. Maar die lees ik soms toch nog wel hoor ;).

L • langste boek dat je hebt gelezen
Hiervoor heb ik even in mijn Goodreads statistieken moeten duiken, maar dat zou The fiery cross (Het vlammende kruis) van Diana Gabaldon zijn (meer dan 1400+ pagina’s), het vierde boek uit de Outlander serie (en dat zijn altijd dikke boeken!).

M • mega boekenkater door
Ik wissel mijn genres en types boeken wel echt goed af om katers te voorkomen. Ik heb dit vooral bij dikke boeken waardoor ik vaak dagen tot weken met personages heb doorgebracht waardoor het vreemd is om een ander boek te beginnen bv. de boeken van Ken Follett, Het achtste leven, een Outlanderboek…

Ik kan ook nooit op dezelfde dag een nieuw boek beginnen. Er moet een soort afscheiding in tijd zijn tussen het uitlezen van één boek en het starten van een volgend boek. Ben ik raar?

N • nooit genoeg boekenkasten! Aantal boekenkasten in je huis
0. Sinds de verhuis hebben wij dus nog steeds geen boekenkast waardoor alle boeken rondslingeren in kasten waar nog een beetje plaats is en nog steeds in dozen, helaas. Ik vind dat zelf heel jammer. Eén van de zaken waar we binnenkort werk van gaan maken.

O • onverslaanbare favoriet: hoe boek dat je het vaakst herlas
Ik herlees eigenlijk zelden. Als kind was ik fan van de boeken van Patrick Lagrou (o.a. bekend van ‘Het dolfijnenkind’) en die boeken heb ik wel vaak herlezen.

P • plaats waar je het liefste leest
In de zon in een ligbed in de tuin (of de wellness). En anders: in de zetel.

Q • quote die je onthouden of bewaard hebt
Ik kan eigenlijk niet meteen een quote bedenken. Er zijn vaak zinnen die me aan het denken zetten, maar ik schrijf ze niet op ofzo. Lezen gaat net om je in de schoenen van anderen te zetten en daardoor op een andere manier naar de wereld en je eigen leven te kijken. Dus elk boek brengt daar op zijn manier aan bij en doet je nadenken over dingen.

R • rampzalige tegenvaller
Ik hou niet zo van die dark academia boeken blijkbaar dus toen ik jaren geleden ‘De verborgen geschiedenis‘ van Donna Tartt las, snapte ik echt niet wat je daar goed aan kan vinden. Dat was wel echt één van mijn meest teleurstellende leeservaringen denk ik (ik ken echt veel mensen van die dit een lievelingsboek is). Daarnaast heb ik elk jaar wel een paar boeken die tegenvallen, zo gaat dat hé, meestal niet rampzalig.

S • serie die je begonnen bent en nog graag wil uitlezen
Ik las recent heel wat series uit. Maar de laatste Matthew Shardlake van S.J. Sansom moet ik nog steeds lezen, de auteur is ondertussen gestorven dus ik vind het wat moeilijk om eraan te beginnen ofzo wetende dat dit het laatste boek is en dat het niet meer verdergaat. Verder ben ik dus redelijk goed ‘bij’ met series lezen.

T • top 5 van je favoriete boeken
Dit vind ik redelijk onmogelijk, ik ga gewoon vijf boeken geven waar ik van genoten heb en die misschien niet zo bekend zijn:

Ik denk dat bovenstaande vijf boeken mijn smaak goed samenvatten: allen historisch maar met andere accenten (Griekse mythe, kunst, gothic en met sterke vrouwelijke personages).

U • uberfan van
Enkele auteurs waarvan ik elk boek lees: Tatiana De Rosnay, Elizabeth Fremantle, Frances Quinn, Nathalie Haynes, Sarah Dunant, Emilia Hart en Joanna Hickson.

V • vol spanning aan het uitkijken naar deze release
‘Bouddica’s daughter’ van Elodie Harper is net uit en ik ben benieuwd om te zien of ze het kan blijven waarmaken. Ook ‘Circle of days,’ de nieuwe Ken Follett wil ik graag kopen. En er is na jaren wachten eindelijk een nieuwe Sarah Dunant (‘The marchesa’). Robert Harris komt volgend jaar met een boek over de Romein ‘Agrippa’ en in 2026 komen er nog heel wat boeken van andere favoriete auteurs uit (o.a. Frances Quinn, Jennifer Saint, Joanna Hickson, Anne ‘O Brien…).

W • werkelijk verschrikkelijke boekige gewoonte
Oei, ik kan niet meteen op iets komen? Ik gebruik braaf bladwijzers, eet nooit tijdens het lezen en probeer de kaft zo weinig mogelijk stuk te maken. Ik denk dat ik een brave lezer ben eigenlijk.

X • x geeft de plaats aan: ga naar je boekenkast, kies een plank en kies het 24ste boek
Ik heb dus geen boekenkast. Maar ik heb vanuit mijn zetel zicht op ‘The glass maker‘ van Tracy Chevalier (nog een favoriete auteur trouwens) en ‘The flames‘ van Sophie Haydock. Twee boeken die ik in juni in Wenen kocht en die nog steeds geen plaats in een kast of doos hebben gekregen. Oeps!

Y • yay! Laatste nieuw gekochte boek
Fysiek: Sinners van Elizabeth Fremantle in The Hatchards in Londen, vlak aan de Eurostar terminal in St. Pancras station. We waren wat te vroeg voor de trein na onze vakantie in de Cotswolds.

E-book: vorige week kocht ik The devil’s slave (ben ik nu aan het lezen), The first man in Rome en The lost passenger.

Z • zzz… Laatste boek waarvoor je ’s nachts te lang wakker bleef
Ik slaap te graag om mijn slaap voor een boek te laten en als ik echt moe ben kan ik ook niet goed lezen. Ik lees ook niet zo vaak spannende boeken dus ik kan een boek wel makkelijk wegleggen eigenlijk.

Herken jij bepaalde zaken? Laat het zeker weten als je de tag ook hebt ingevuld!

Het wiel en de rat

Het gaat me nooit gebeuren dacht de twintiger in mij. Ik zoek me een job met impact, een paar leuke hobby’s en voel me niet schuldig als ik rust neem. Fast forward zo’n dikke 10 jaar later. Ik jaag me op in iets terwijl ik denk ‘heb ik nu weer hoofdpijn?’ en al zuchtend vooruitblik op vanavond want dan heb ik niet veel tijd tussen eten op tafel krijgen en mijn volgende afspraak. Ik zou graag wat langer slapen want ik voel me moe, maar tegelijk wil ik op tijd achter mijn scherm zitten want er zijn nog zoveel werk to do’s. En waarom ben ik me nu eigenlijk aan het opjagen? En waarom doet iedereen rondom me exact hetzelfde?

Het is gebeurd: ik zit in de rat race, en eigenlijk wist ik dat al lang. Belgen zijn koplopers in zich opjagen: in het verkeer, op het perron als de trein weer niet komt, op het werk, in ons sociaal leven en dan heb ik nog geen kinderen.

En met de komst van de herfst valt dat het meeste op. Waar de natuur ons vraagt om te verstillen, blijven wij aanstaan. Terwijl we minder zonlicht binnenkrijgen en er allerlei virussen rondwaaien. Geen recept voor succes.

En voor je je zorgen begint te maken. Er zijn duidelijke redenen waarom ik vandaag meer moeite heb dan anders met de rust te vinden. Ik spring al enkele maanden in voor een collega in zwangerschapsverlof (in november is ze terug!) en we zitten momenteel in de drukste periode van het jaar, ik ben herstellende van het CMV-virus en ik had de laatste weken iets minder rustige avonden thuis dan normaal. Doe daar nog hormonen bij en dan weet je dat mijn lontje de afgelopen week wel heel kort was.

Maar ik vind het wel beangstigend. Hoe dit systeem zoveel energie uit mensen kan zuigen. Hoe we de signalen van ons lichaam zo kunnen negeren. Hoe moeilijk het soms lijkt om even een stap terug te zetten. De droom lonkt om naar een huisje in de natuur ver weg van alles en iedereen te trekken. En tegelijk zou een half uur wandelen in de natuur misschien wel meer deugd doen.

‘Waar zijn we eigenlijk allemaal mee bezig?’ is een gedachte die wel heel vaak door mijn hoofd gaat. Volgende week wordt nog een pittige qua werk en afspraken – daar kan ik helaas niet onderuit – dus zal ik het vooral van die kleine rustpuntjes moeten hebben, maar daarna wordt het tijd om wat meer in die herstmodus van verstilling te raken. Hoe ik dat ga doen? Nog geen idee, maar de intentie is er.

Hoe ga jij om met de rat race/herfstdrukte? Heb je tips?

Porto #2: Van Sao Bento via Palacio Da Bolsa tot de Sao Francisco kerk

In juni 2024 gingen we voor 6 dagen naar Porto als onze zomervakantie. Porto leek ons een ideale uitvalsbasis om ook wat uitstapjes te doen naar andere delen in Portugal. Maar al op dag 1 kreeg het coronavirus me te pakken, waardoor we meer in de stad bleven dan verwacht. Gelukkig bleek Porto een fijne stad waar je best veel kan doen, al is het er niet groot. De stad voelt als een soort Leuven in het buitenland. De ideale citytrip voor een lang weekend of voor een luie zomervakantie zoals wij deden.

Na op de eerste dag onze wijk Bonfim te verkennen, maakten we ons op voor het historische centrum. Meer bepaald Ribeira & Vila Nova De Gaia, beide zijdes van de oevers van de Douro met de ponte Luis I centraal. Te veel om in één keer te laten zien, dus beginnen we vandaag aan het Sao Bento station.

Toen wij er waren, lag het plein voor het stationsgebouw open door werken dus kwam de enorme voorgevel wat minder tot zijn recht. Sao Bento is het belangrijkste treinstation van de stad, je kan van hieruit ook heel wat dagtrips doen (o.a. naar Guimaraes of Braga).

Het is ook één van de mooiste treinstations binnenin door de blauwe azulejos en glas-in-loodramen. Het zouden zo’n 20.000 tegels zijn in totaal en ze representeren verschillende belangrijke oorlogen. Ik vond vooral ook de stoomtreinen en andere kleine details heel mooi, net als de lichtinval door de ramen.

Links: Time Out Market. Rechts: street art van een kat in de Rua das Flores

Ook leuk: om de hoek van het station vind je de Time Out market, een overdekte markt waar je street food kraampjes kan vinden en zowel binnen als buiten heel wat zitplaatsen hebt. Ideaal voor een lunch of een uitgebreid aperitief.

Rua das Flores

Van aan het station kan je de Rua das Flores afwandelen, één van de meest gezellige straten met allerlei winkels en restaurants. Spring bijvoorbeeld binnen bij Fabrica De Nata voor wat verse pasteis de nata. Op het einde van de straat vind je een gezellig pleintje waar vaak een straatartiest staat te spelen. Aan de overkant vind je het Palacio des artes waar je op de eerste verdieping een leuk arty marktje vindt.

Een goede lunchspot is Puro4050 aan het pleintje op het einde van de Rua das Floras. Ze hebben allerlei heerlijke kleine hapjes en serveren daarnaast ook goede pasta’s en andere hoofdgerechten. Zie het als een soort fusion Italiaans meets Portugees. Echt één van de beste maaltijden van de vakantie. Ze hebben ook nog een tweede restaurant in de straat, Cantina 32.

Nog wat verder naar beneden kom je uit in een klein park met enerzijds de Mercado Ferreira Borges en anderzijds het Palacio Da Bolsa.

De enorme rode markthal is opgetrokken uit glas en ijzer en je vindt er binnen een arts & craft markt. Heel gezellig om door te wandelen en je kan er ook iets drinken.

Het neoclassicistische Palacio da Bolsa is wel echt een attractie op zich. Je kan er enkel binnen via een begeleide tour van drie kwartier. Een begeleide tour kost 12 euro per persoon.

Tickets kan je zowel op voorhand boeken via de website, als ter plaatse aan de balie. Via de website geven ze maar een deel van de tickets vrij. Dat merkten wij omdat we tickets voor de Portugese tour online hadden gekocht aangezien de Engelse tour uitverkocht was, tot we aan de balie stonden en er nog veel plaats vrij was voor de Engelse tour. Helaas konden we niet gratis wisselen van taal (we begrepen echt niet waarom), maar we kochten dan maar nieuwe Engelse tickets om er toch iets van te verstaan.

Ondanks dit verhaal, wil ik zo’n tour echt wel aanraden als één van de topdingen om in Porto te doen. Het Palacio da Bolsa is niet voor niets uitgeroepen tot Unesco Werelderfgoed. Het is een immens mooi gebouw langs binnen en vrees niet voor een zware geschiedkundige tour. Je krijgt vooral uitleg over het gebruik van de ruimtes, vroeger en nu. Het beursgebouw heeft niet langer een commerciële handelsfunctie maar doet vandaag dienst als conferentie- en evenementenlocatie (dus vandaar dat je er niet zomaar mag rondlopen).

Bij de binnenkomst kom je meteen uit in de prachtige Hal der Naties met glazen koepel en de wapenschilden van de landen waar Portugal in de 19de eeuw handelsrelaties mee onderhield. Ook België is van de partij.

Ook de vloer is prachtig, met gekleurde tegels en het licht geeft via de glazen koepel een mooi effect.

Daarnaast is er een immense neoclassicistische traphal en enkele kamers die werden gebruikt voor de handelsrelaties. Steeds rijkelijk gedecoreerd met schilderijen, houtwerk en unieke vloeren.

De handelsrechtbank

Maar de blikvanger is de Arabische zaal in Moorse stijl met een enorme hoeveelheid bladgoud en mudejar-elementen (golvende, bloemige en geometrische patronen). Je weet niet waar eerst kijken in deze ruimte.

Om de hoek van het palacio da Bolsa vind je de Igreja de Sao Francisco, de fransicanerkerk van de stad. Ooit gebouwd in gotische stijl, maar binnenin volledig omgezet naar barok. Voor 10 euro per persoon mag je de kerk binnen met audiogids en er hoort ook een museum bij.

Buitenkant van de kerk, rechts is de sobere ingang en pas binnen heb je zicht op hoe immens deze kerk is.

Binnen mag je geen foto’s nemen dus ik kan niets tonen. Maar ik herinner het me nog goed: elke millimeter van de kerk zit onder het bladgoud en barokke ornamenten. Ik heb in het zuiden al veel overdreven barok gezien, maar dit overtreft alles. Er zijn heel veel zijkapellen met een eigen altaarstuk. Ze waren er ook eentje aan het restaureren, wat wel interessant was om te zien.

Kijk, you love it or you hate it. Ik vind dit soort barok té, maar kan het ambachtswerk wel appreciëren en deze stijl hoort nu eenmaal bij het nog steeds katholieke zuiden. Het is een ervaring, deze kerk. Dus oordeel vooral zelf als je er bent ;).

Hierna sta je aan de oever van de Douro, met zicht op de Portohuizen van Vila Nova de Gaia en natuurlijk de brug. Maar die overkant is voor een volgende keer.

Wat is jouw favoriete zuiderse citytrip?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

September

Net als veel mensen heb ik vaak een haat-liefde verhouding met september. Niet omdat de verplichtingen weer groter worden, dat valt best mee zonder schoolgaande kinderen denk ik, en ik hou wel wat van structuur en dingen die vooruit gaan. Maar september luidt de herfst in en het is toch altijd weer even wennen ofzo. Maar als ik terug kijk op de afgelopen maand, dan was deze september zo erg nog niet ;).

De maand begon rustig, maar de weergoden waren me nog goedgezind. Dus werden er nog ijsjes gegeten en boeken gelezen op het terras. En de vrouwenkoers kwam nog eens naar Leuven, hoera!

Voor het derde jaar op rij ondersteunden we de website van Open Monumentendag (en dat doen we ook nog de volgende drie jaar, hoera!). Dus na een spannende voormiddag trokken we naar de gaststad van dit jaar: Antwerpen. Het thema daar was heilige huisjes, dus liepen we vooral binnen bij wat verborgen kapelletjes, kerken, Hotel Belmont en KU Leuven Campus Opera.

’s Avonds gingen we nog mezze eten met een vriendin bij Yalla, Yalla (lekker!). Ik ging ook nog eens langs bij El Sombrero in Leuven. Op het werk vielen dan eindelijk enkele mooie (en soms grote) offertes die ik voor de zomer had gemaakt (het is deze periode altijd nog langer wachten op feedback, amai!). Dus de agenda van het najaar zit goedgevuld.

Toen de regen eraan kwam, doken we de cinema in voor de Downton Abbey film. Een prachtig afscheid van de serie.

De laatste week was ik eerst een paar dagen alleen thuis omdat het lief al naar Lissabon was vertrokken voor een conferentie. De danslessen zijn wel weer gestart, dus ik heb niet echt veel alleen thuis gezeten ;). Ik vloog op donderdag naar de Portugese hoofdstad. Het was de week van de problemen met het elektronische systeem op Brussels Airport en ik heb het geweten want na een superlange manuele boarding stonden we ook nog een uur stil op het tarmak.

Links: Miradouro Santa Lucia. Rechts: Jardim Botanico.

Ik was in 2018 al eens in Lissabon, maar voor het lief was het de eerste keer. Onze drie dagen in de stad waren dus een goede mix van de toeristische hoogtepunten en een paar musea. Lissabon is blijkbaar het mekka van de hedendaagse kunst, zoveel mooie musea daar!

Links: MAAT Central. Rechts: MAC/CCB in Belem.

En we gingen naar het azulejo (Portugese tegels) museum en het was echt een fijn museum (wel druk in het weekend). Ik heb genoten: de zon scheen er nog (al hadden we een dag veel wind en regen), het uitzicht over de rode daken, pasteis de nata en al dat andere lekkere eten <3.

Links: we sliepen vlakbij Praca do Comércio. Rechts: Museu Nacional do Azulejo

Na drie dagen vond ik het ook prima om weer terug te vliegen. Lissabon is leuk, maar ik heb het er nu ook wel weer even gezien ofzo. Ik was ontzettend moe van het vele wandelen (en de bijhorende hoogtemeters). En de nieuwe wandelschoenen die ik had gekocht knellen iets te hard dus de blaren waren aanwezig. Op zoek naar nieuwe schoenen dan maar.

Links: Centro de Arte Moderna Gulbenkian (CAM). Rechts: Indisch genieten bij The Oven.

In oktober ga ik dan weer op conferentie naar Barcelona en in november treinen we naar Londen voor Rouleur live. Ik geef het toe: ik leef momenteel van trip naar trip en de herfst/winterdip gaat daardoor heel erg toeslaan. Maar dat negeer ik nog even ;).

Gelezen

Er werd toch ook weer belachelijk veel gelezen in september, zo blijkt :). Ik geef steeds de Engelse titel, met een eventuele vertaling tussen haakjes.

  • The Blue van Nancy Bilyeau, een boek waarin een Geneviève Planché, een jonge Hugenotse vrouw uit London met een wens om kunstenares te worden, op zoek moet naar de formule van het ultieme porseleinblauw. Ik heb veel geleerd over kleuren door dit boek, maar hoewel de setting helemaal mijn ding is, greep de schrijfster me onvoldoende vast. Toch ken ik veel mensen die dit boek geweldig vonden dus oordeel vooral zelf. Het verhaal heeft nog twee vervolgdelen trouwens.
  • River sing me home (Vrij stroomt de rivier) van Eleanor Shearer. Een boek over slavernij in de Caribische eilanden. Rachel gaat op zoek naar haar vijf overlevende kinderen die zijn doorverkocht als slaaf. Het is soms allemaal wat bitterzoet, maar je krijgt een goed idee van de verschillende uitkomsten die er voor een slaaf zijn. Shearer beschrijft vooral zeer goed de omgeving, ik reisde echt met haar mee.
  • No friend to this house van Natalie Haynes (boek is nog maar net uit en moet nog vertaald worden) is haar volgende feministische Griekse mythe hervertelling. Deze keer vertelt ze het verhaal van Jason en Medea. Ik vond Medea fantastisch goed neergezet, maar ik ben zelf geen grote fan van Jason zijn mythe. Ik vond dit dus weer een fantastisch boek, maar ik ben nog veel meer fan van Haynes haar andere boeken. Een must read auteur voor wie houdt van het genre.
  • The librarian Spy (Het geheime archief van Lissabon) van Madeline Martin. Ik trok dus naar Lissabon en ter voorbereiding las ik dit boek waarin de Amerikaanse Ava naar Lissabon vliegt om er kranten uit het bezette gebied te fotograferen. Die kranten worden in Frankrijk rondgebracht door Elaine die bij het verzet zit. Uiteraard zal één verhaallijn hen verbinden. Ik wandelde mee door Lissabon met Ava en dat vond ik wel fijn. Dit boek schuwt de gruwel van de oorlog niet, maar tegelijk snijden Martin haar boeken nooit echt diep ofzo.

Wat heb jij gedaan, gelezen of beleefd in september?

(Noord-)Ierland #9: Crumlin Road Gaol & conflicting stories tour

In augustus 2023 trokken het lief en ik voor onze zomervakantie niet naar de zon, maar naar (Noord)-Ierland – waar we alle seizoenen meemaakten. Vliegen deden we op Dublin, waar we het even verkenden, om daarna door te reizen naar Belfast om het woelige verleden van Noord-Ierland en de prachtige natuur te ontdekken.

Vandaag is het tijd voor de laatste blogpost over deze vakantie en het is ook meteen de meest serieuze – nu al sorry voor alle tekst :). We verlieten al wandelend het centrum van de stad, richting het westen. Waar het leven veel harder is en je best ook als toerist ’s avonds niet ronddoolt. Maar overdag voelden we ons er volledig veilig. Eerste stop: een oude gevangenis.

Crumlin Road Gaol

Deze gevangenis op Crumlin Road is een Victoriaanse gevangenis uit de 19de eeuw. Het gebouw is ontworpen door Lanyon, dezelfde architect van The Queen’s university. Je kan de gevangenis bezoeken, ofwel met een begeleide tour ofwel op jezelf. Wij deden dat laatste voor 14,50 Pond per persoon.

Je komt eerst in een soort van expokamer met wat achtergrondinformatie en dan kan je een route volgen door de verschillende kamers van de gevangenis met vaak filmpjes, die ook zeer gericht zijn op kinderen.

Ik vond dat de filmpjes het allemaal wat te licht maakten. Crumlin Road Goal was een sterk bewaakte gevangenis waar het leven hard was. Het was één van de eerste gevangenissen waar je als gedetineerden apart in een cel werd opgesloten. Ook vrouwen – bv. suffragettes – en kinderen zijn er ooit opgesloten geweest.

En zes mannen zijn er aan hun eind gekomen tussen 1928 en 1945. Ze werden opgehangen en begraven op het terrein. Al weten we ondertussen dat de meesten van hen potentieel onschuldig waren. Daarom mogen de families de lichamen komen ophalen, maar dat doen ze niet allemaal.

Tijdens The Troubles werden verschillende leden van de IRA hier opgesloten. De bekendste naam is Bobby Sands, die in een andere gevangenis stierf als gevolg van een hongerstaking. Ik had op voorhand gedacht dat deze gevangenis een grotere rol speelde tijdens The Troubles maar dat bleek niet zo te zijn.

The courthouse

De gevangenis is via een ondergrondse tunnel verbonden met het oude gerechtsgebouw zodat gevangenen hun verdict konden gaan aanhoren. Het gerechtsgebouw is een mooi toonbeeld van neoclassicistische architectuur maar ligt er vervallen en verlaten bij na een brand in 2009 (toen was het al even niet meer in gebruik). Het werd nadien opgekocht om er een hotel van te maken, maar in 2020 was er opnieuw een brand (aangestoken?) en momenteel is het voortbestaan van het gebouw dus onzeker. Door de geschiedenis is het uiteraard geen geliefd gebouw bij de buurtbewoners.

Eigenlijk vond ik de tour in de gevangenis wat tegenvallen. Ik had er persoonlijk meer van verwacht. In de buurt is verder niet veel te doen. In de kelder van de gevangenis zit wel een goed restaurant – Cuffs Bar & Grill – waar wij lunchten. Zeker een aanrader!

The conflicting stories tour

Even wat achtergrond:

Tussen grofweg 1968 en 1998 waren er heel wat gewelddadige conflicten en aanslagen in Noord-Ierland tussen Ieren en Britten, oftewel tussen katholieken en protestanten. Een periode die vandaag bekend staat als The Troubles, de Bloody Sunday in Derry is wereldberoemd geworden door het lied van U2. Maar vooral Belfast was het epicentrum van het geweld.

Het Ierse republikeinse leger (de IRA) wierp verschillende bommen op de Engelsen, waarvan verschillende op Shankill Road. Tegelijk had je het Britse leger dat repressailles deed en verschillende mensen in de gevangenis opsloot of ze werden koudweg neergeschoten bij te veel weerstand. Ook staan de Britten bekend als orangisten die ieder jaar de slag bij de Boyne herdenken waarbij William Of Orange (koning van Engeland) de Ieren versloeg en Noord-Ierland zo veroverde. Tijdens die vieringen dagen ze vaak de Ieren echt uit en dat leidt tot schermutselingen.

Meer dan 3.500 mensen lieten het leven tijdens het conflict, en heel veel families werden verscheurd. In 1998 werd het Goede Vrijdag akkoord ondertekend waarmee de vrede was aangebroken. Maar ook nadien waren er nog regelmatig conflicten. In West-Belfast staat een kilometerslange Peace Wall die Ierse en Britse families van elkaar scheidt. Elke avond gaan de verschillende poorten genadeloos dicht, omdat er anders ’s avonds geweld zou uitbreken.

Bon veel geschiedenis dus. Wij keken deze aflevering van Reizen Waes en boekten nadien dezelfde conflicting stories tour die ons in drie uur tijd rond het gebied van de peace wall zou rondleiden. Het eerste anderhalve uur werden we rondgeleid door een Ier, die deel uitmaakt(e) van de IRA. Het laatste anderhalve uur door een conservatieve ex-soldaat van het Britse leger.

Ierse propaganda murals

Tijdens de tour:

We begonnen met de wandeling aan de Ierse kant. In een hoog flatgebouw werden in de jaren ’60 een jongen en een politieagent – in zijn vrije tijd -doodgeschoten door de Britten. Voor onze gids was dit de start van The Troubles en dus uitgelokt door de Britten. De man zelf ontkende dat de IRA in die periode bestond en dat ze pas veel later actief zijn moeten worden. De man sprak nooit over de bommen die zijn gegooid of alle andere aanslagen. Hij had ook zelf in de gevangenis gezeten en deelgenomen aan het conflict.

Zowel aan Ierse als Britse kant worden murals gebruikt voor propaganda. Het is politieke street art. Hier zie je een mural van Bobby Sands. De Ierse katholieke man die aan een hongerstaking stierf in de gevangenis.

Daarna kwamen we dichter bij de Peace Wall waar je ziet dat de huizen hun achtertuinen hebben afgeschermd tegen de bommen die van de andere kant gegooid zouden kunnen worden. De straat brandde in 1969 al eens volledig af.

Nadien liepen we door één van de poorten van de peace wall naar de Britse gids. En die vertelde ons vooral over de verschillende IRA bomaanslagen op Shankill Road. Op twee pubs, op een viswinkel… Er was een hele propagandahoek waar parallellen werden gemaakt tussen IRA en IS, Al Qaida en Hamas.

Hij vertelde ons ook dat de overheid graag de vredesmuur wil afbreken, maar dat de mensen hier dat niet willen. Meer nog: hij is in de jaren ’90 nog verhoogd. Hij gaf daarnaast aan dat hij denkt dat het conflict nog niet ten einde is en dat hij over enkele jaren geen toeristen meer zal kunnen rondleiden omdat er dan terug gevechten zullen zijn. De jeugd wordt opgehitst met van die murals en propaganda en zo wordt haat voor de Ieren letterlijk met de paplepel doorgegeven.

Hier zie je dat het doorzichtige deel van de muur er later bij op is gezet.

Mijn gevoel na deze tour:

Ik vond dit eigenlijk best confronterend. Beide zijdes focusten heel erg op wat de anderen hadden gedaan en hadden geen enkele zelfreflectie. De kinderen gaan hier naar gescheiden scholen omdat de ouders dat zo willen. Bijna alle mensen die hier woonden in de periode van het conflict hebben zelf of via een dierbare wel iets of iemand verloren – en dat kunnen en willen ze nog niet vergeten.

Het is eigenlijk een beetje triest om de muur peace wall te noemen. Want die muur houdt net een conflict in stand. Mensen kijken liever op een metershoge muur, dan dat ze elkaar in de ogen kijken en de hand schudden. Zolang de kinderen die hier opgroeien dit soort verhalen en propaganda meekrijgen kan het conflict nooit opgelost worden. Misschien binnen enkele generaties, wanneer herinneringen vervagen, dat er een oplossing komt. Je kan niet in het verleden blijven leven.

Maar er is ook vooruitgang: de laatste 10 jaar nemen de conflicten aanzienlijk af. De Britse man die zei dat er in een jaar twee terug gevochten zou worden, overdreef, want daar is vandaag nog steeds geen sprake van. Ik hoop dat de mensen daar ooit het principe ‘it starts with me’ in plaats van ‘how can I make this about me?’ gaan hanteren.

Bon, laat dit je dus zeker niet tegenhouden om Belfast te bezoeken. Ik zou zelfs aanraden om een tour boeken. Dit is zo dicht bij België en Nederland en het conflict is nog rauw. Ik heb er heel wat van opgestoken en heb ook weer mijn eigen omgeving en land weten appreciëren.

Dit was het laatste bericht over onze trip naar (Noord-)Ierland. Ik wil graag nog eens terug naar dit mooie eiland en de stad Belfast die toch wel echt een beetje mijn hart heeft veroverd.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Over Downton Abbey

Gisterenavond ging ik voor het eerst in jaren (serieus, ik kan het me niet meer herinneren) naar de bioscoop. Ik ben geen filmliefhebber. En als ik er eentje opzet doe ik dat het liefst thuis in mijn eigen zetel. Maar voor de derde en laatste Downton Abbey film maakte ik graag een uitzondering. Die serie betekent namelijk wel wat voor mij.

Ik ben pas met de serie begonnen wanneer alle zes seizoenen al waren afgelopen. Tijdens één van de eerste lockdowns plaatste VRT alle zes seizoenen op VRTmax. In volle lockdownperiode zat ik thuis, was ik nog hard aan de bouw aan het werken en begon ik op een vrijdagavond aan de eerste aflevering. Die ik trouwens niet zo goed vond.

Maar uit verveling zette ik één van de volgende dagen de tweede aflevering op, en de derde. En het moet tegen aflevering vier of vijf geweest zijn dat ik helemaal in het vooroorlogse Engeland werd meegezogen. Ik spaarde de afleveringen. Ik mocht er maar twee kijken per week. Het vormde een waar hoogtepunt van de week, en dat was nodig want covid was nu niet bepaald een fijne periode. Maar dat lukte niet altijd, soms keek ik er meer.

Als je weet dat ik absoluut geen binge watcher ben en vaak het kijken van series heel ruim spreid, was het best speciaal hoe snel ik door zes seizoenen ben gevlogen. Na een paar seizoenen gekeken te hebben, vertelde ik over de serie tegen het lief. Wij woonden toen nog niet samen.

Hij begon aan seizoen één, terwijl ik midden in het zesde en laatste seizoen zat. Hij ook eerst aflevering per aflevering. Het duurde ook bij hem een paar afleveringen voor hij overstag ging. En hij is wel een binger, dus tegen dat ik de laatste aflevering had gekeken, zat hij al ergens halverwege.

Toen we gingen samenwonen bekeken we de hele serie samen opnieuw. Weliswaar gespreid over de laatste twee jaren. Zo zijn we net niet klaar geraakt met seizoen zes alvorens we die derde film in de cinema zouden gaan kijken.

Is dit nu een oproep om de serie te gaan kijken? Of een pleidooi om Downton tot de allerbeste serie ooit te bestempelen? Neen. Downton was een lichtpuntje in donkere tijden. De humor, de herkenbare personages en de geweldige setting van Highclere Castle en de Cotswolds dorpjes (inspiratie voor onze recente trip? Zijt maar zeker!).

Dat gevoel van tijdens die donkere dagen in 2020 en 2021 een volgende aflevering op te zetten ga ik waarschijnlijk altijd onthouden. En Downton Abbey zal altijd een warm dekentje te zijn om over me te leggen in moeilijke en minder moeilijke tijden. Het is heerlijk om van die kleine comfort things in je leven te integreren.

En die derde film? Die was zeker de moeite voor de echte fans, al is er geen groot plot. Elk personage krijgt een gepast einde. De films zijn altijd een ode geweest aan de serie, die toch wel vele malen beter is nog. Ik moest twee keer een traantje wegpinken. En liep met een dankbaar gevoel de zaal weer uit. Het is goed geweest zo.

Herkenbaar? Heb jij ook zo’n comfortserie of film waar je altijd naar terugkeert?

Een tweede analoog experiment

In het voorjaar deelde ik een blogpost met lessen over de foto’s die ik liet ontwikkelen met mijn eerste wegwerpcamera. Voor onze vakantie in Engeland kocht ik exact hetzelfde Agfa model en ik had er geen enkele moeite mee om 27 foto’s te nemen, dus was ik wel heel benieuwd naar het resultaat.

Ik moet toegeven dat ik een beetje teleurgesteld was toen ik de foto’s zag. Er waren er een tweetal mislukt en het prachtige weer dat we tijdens de vakantie hebben gehad, bleek een extra moeilijkheidsgraad. Veel foto’s waren overbelicht of de lucht zag er wit en dus nogal vlak uit.

Maar qua kader zaten de foto’s wel al echt veel beter. En het is toch nog echt wel iets anders qua sfeer dan de foto’s die ik met mijn smartphone neem. Ik neem je even mee door mijn favorieten.

Op onze tweede dag nam ik in Oxford twee foto’s van bovenop de toren van de universiteitskerk. Het zijn misschien wel mijn favoriete kiekjes, de lucht zat ook echt goed.

Ik wist van de vorige keer dat het belangrijk is om het onderwerp dat je wil fotograferen in het midden van de foto te plaatsen (aangezien de zijkanten niet scherp zijn). Dat is bij bovenstaande foto’s zeker gelukt. Ik poseerde ook zelf een aantal keer. Maar de foto (links) in de oude tithe barn van Sudeley Castle is mijn favoriet (jammer van de platte lucht wel), net als die van Broadway Tower (rechts).

Links: Great Chalfield Manor. Rechts: Corsham Court. Beide foto’s tonen de grootte van het gebouw en geven het een heerlijke sfeer. De voorgrond is hier telkens ook wat vlakker, waardoor de focus wel echt op het gebouw ligt.

Links: een stukje van Sudeley Castle. Rechts: zicht vanaf de brug op Bradford-On-Avon. Ook hier zit de lucht nog wel best goed.

Het is soms best moeilijk om het onderwerp goed in het midden te houden en ook met perspectief is het soms wat oefenen. Wat meer op de voorkant staat, is scherper, zoals op onderstaande twee foto’s.

Links: Bristol harbour, met vooral de boot in focus. Rechts: Chastleton House met de bloemen vooraan in focus. Ik begrijp niet altijd hoe die focus werkt, maar ik vermoed dat het met voor- en achtergrond te maken heeft?

Hierboven nog twee geposeerde foto’s die niet helemaal gelukt zijn, maar wel een leuke sfeer geven. Links: the circus in Bath, rechts: de tuin van Somershill manor.

En dan nog twee voorbeelden die ik minder geslaagd vind, omdat de lucht het geheel nogal plat maakt en er daardoor eerder zo’n echte wintersfeer over hangt (het was nochtans echt warm :)). Links: de abdij van Lacock, rechts: een straat in Lower Slaughter.

De echte mislukte foto’s ga ik jullie niet aandoen. Ik vind het nog steeds leuk om op deze manier wat met analoge fotografie te experimenteren (haha, de echte fotograaf lacht me zeker uit om deze zin) zonder veel moeite of een zware camera met lenzen mee te moeten sleuren. Gewoon aandacht hebben voor wat een mooie foto zou kunnen zijn en dan het cameratje erbij nemen.

Dit najaar staan er nog wat kleine tripjes gepland, dus weer een mooie kans om zo’n camera mee te nemen!

Neem jij graag foto’s?

Rome #8: Van de Sint-Pieter naar het pantheon

In november 2023 kreeg het lief een tripje naar Rome cadeau van het werk (voor zijn 10de werkverjaardag), als collega en lief had ik zelf de trip in elkaar mogen steken. En man, wat was ik vergeten hoe een geweldige stad Rome was! Ja, het is er altijd druk, ook in november, maar je kan heel snel weer de hoek om een rustig straatje inwandelen waar je alleen bent. Ook dat is Rome.

Op deze derde dag namen we de metro in de buurt van ons hotel (aan Barberini) naar Ottaviano. Rome werkt nog volop aan een beter metronet. Het Vaticaan is aan de overkant van de Tiber en voor ons was deze halte de makkelijkste manier om er te geraken. We wandelden zo eerst langs de Vaticaanse Musea, die ik 10 jaar eerder bezocht en we dus oversloegen, om uiteindelijk op het Sint-Pietersplein uit te komen.

En dat Sint-Pietersplein is altijd druk. Altijd. Er staat altijd een rij om de basiliek binnen te gaan, je moet namelijk door security. Die securitycheck is gestructureerder dan 10 jaar geleden en dus vond ik dat het allemaal heel vlot ging. Maar om grote massa’s te vermijden zou ik zeggen dat je ofwel heel vroeg in de rij gaat staan (zoals wij), ofwel tegen de latere namiddag. Draag ook altijd een broek/rok langer dan je knieën en bedek je schouders.

En dan ja, de grootste kerk ter wereld (allez dacht ik, blijkbaar staat er sinds 1989 in Ivoorkust een grotere kerk). Sowieso wel de meest indrukwekkende kerk. Over de Sint-Pieterbasiliek kan je veel vertellen. Als je binnenkomt rechts zie je meteen La Pieta van Michelangelo. Er liggen verschillende pausen en kardinalen begraven die elk een monument hebben, sommige waarbij het marmer er letterlijk vanaf druipt en in heel realistische plooien is neergelegd, zoals op de foto hierboven.

Twee van de grotere blikvangers zijn daarnaast de koepel van Michelangelo met het baldakijn van Bernini er vlak onder. Om dat baldakijn te maken zou er brons van het pantheon zijn gebruikt, wat op heel wat tegenstand van de toenmalige inwoners van Rome zou zijn gestoten. Maar ondertussen denken we dat dit eerder een vuile roddel zou zijn geweest om Bernini en vooral de toenmalige paus in diskrediet te brengen.

Je kan hier uren rondlopen: alle kleinere koepels bewonderen, de vele praalgraven, de beelden in de nissen, de zijkapellen… Het is gewoon zo veel en zo immens. Ik word telkens heel stil van mijn bezoek aan deze kerk. En dat als niet gelovige.

Je kan de koepel ook beklimmen (dat deed ik 10 jaar eerder), daarvoor moet je apart tickets kopen. De kerk bezoeken is gratis.

Het Sint-Pietersplein is weer een ander meesterwerk van Bernini. Van bovenaf lijkt het plein een sleutel, al is er ook een uitleg dat het om armen gaat die de gelovigen naar de kerk lokt. Het plein is omgeven door twee zuilencolonades. Steeds dubbele zuilen, maar op twee specifieke punten op het plein krijg je de optische illusie waarbij de zuilen samenvallen en je dus maar één rij ziet. In het midden staat een Egyptische obelisk.

Je kan in het Vaticaan makkelijk een hele dag doorbrengen, maar wij wandelden richting Castel Sant’ Angelo. Deze burcht is via een ondergrondse gang verbonden met het Vaticaan en is al zowel paleis als gevangenis geweest. Je kan de burcht bezoeken en dat is zeker een aanrader (zie ook deze oudere post), al is het maar voor het uitzicht van bovenop.

Naar het Castel Sant’ Angelo wandel je via de Engelenbrug met beelden van engelen van (de leerlingen van) Bernini. In dit stuk van de stad is Bernini werkelijk overal.

Tijd voor een lunch. We wandelden opnieuw richting het centrum en zetten ons neer op het terras van Osteria della Coppelle, niet ver van het Piazza Navona. Hier zouden ze hele goede pasta Amatriciana hebben, samen met Cacio e Pepe en Carbonara, de derde typische pastasaus van Rome met tomaat en spek. En amai, dat heeft echt gesmaakt. Maar ze hebben ook andere dingen dan pasta die er lekker uitzagen. Zit dit terras vol? Dan kan je ernaast bij Maccheroni terecht waar we de eerste dag aten. Dit is echt een heel gezellig pleintje.

Op naar het pantheon dan. Ten opzichte van mijn vorige keer in Rome is er wel iets veranderd: het is niet langer gratis om te bezoeken. Je moet 5 euro per persoon betalen. Je kan online tickets bestellen, of je gaat in de rij staan, die nog eens verdeeld is tussen cash en bankkaart. De cash-rij was bij ons de kortste dus namen we die. Misschien wat prijzig geworden, maar het pantheon is één van mijn favoriete gebouwen in de stad.

Het pantheon is een antieke Romeinse tempel gebouwd in opdracht van Marcus Agrippa, de rechterhand en schoonzoon van keizer Augustus. Maar die tempel werd meermaals verwoest door natuurrampen en opnieuw hersteld. Uiteindelijk werd het in de 7de eeuw hervormd tot kerk, en dat is de reden dat het gebouw zo goed bewaard is gebleven. Vandaag is het nog steeds een kerk en ook een begraafplaats.

De binnenkant is dus die bijzondere combo van tempel en kerk. Met het oculus als blikvanger. Daarnaast zie je in de koepel – die als inspiratie diende voor de Duomo in Firenze – typische Romeinse cassettes (die vierkanten), een manier om de koepel meer draagkracht te geven.

Et voila, dat was de eerste helft van deze dag in Rome. In de namiddag gingen we langs een onbekend museum dat zwaar de moeite bleek en eindigden we in Trastevere.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.