Close
Bilbao #5: de wijk Abando en het Guggenheim
rhdr

Bilbao #5: de wijk Abando en het Guggenheim

In augustus 2022 trokken het lief en ik voor 6 dagen naar Spaans baskenland. We verbleven in de bruisende stad Bilbao om gezapig te citytrippen en combineerden dit met uitstappen naar San Sebastian en de kasteelrots San Juan de Gaztelagutxe.

Na een uitstap naar San Sebastian moesten we nog één wijk verkennen in Bilbao: Abando. Deze wijk stond lang in het teken van industrie, maar vandaag staat het Guggenheim museum er -letterlijk- te blinken aan de oever van de Nervion. Het is daardoor de hotspot van de stad. Het kan snel verkeren!

We begonnen de wandeling in een woonwijk in de jardines de Albia, een rustig park met palmbomen in het midden van de stad. Het is aan dit pleintje dat je het befaamde Café Iruna vind – waar je ’s middags en ’s avonds pintxos kan komen snoepen. Al mijn favoriete eetplekjes in Bilbao vind je trouwens in deze post.

Bij een heropwaardering van een oude industriële wijk hoort vaak moderne architectuur die niet altijd in dank wordt afgenomen door de lokale bevolking. De nieuwe voetgangersburg over de Nervion is daar ook een voorbeeld van. De Zubizuri – wat Baskisch is voor witte brug – wordt bij regenval al eens wat te glad. De brug is van de hand van Santiago Calatrava en door zijn witte uiterlijk niet makkelijk op foto te krijgen.

Ik vind het een pareltje van een brug – deed me wat denken aan het wetenschapspark in Valencia. ’s Avonds is de brug ook mooi verlicht – maar dat is nog moeilijker op foto te krijgen.

Ik heb wel iets met bruggen, maar we moesten ook wel echt aan de overkant raken want daar kan je naar het mooiste uitzichtpunt van de stad. De monte Artxanda ligt op bijna 300m hoogte. Je kan dat te voet te doen, maar dat hoeft gelukkig niet :).

Al 100 jaar kan je de funicular de Artxanda nemen, een kleine kabeltrein. Een retour kost 3,60 euro per persoon en het is een belevenis op zich als je het treintje de steile berg ziet op- en afgaan.

Boven geniet je van een prachtig uitzicht over de hele stad. Er is een mooi aangelegd park en je kan poseren voor de rode Bilbaoletters die de afspanning vormen.

Het prachtige uitzicht op casco viejo en de heuvels in de verte.

Weer beneden neem je opnieuw de zubizuri om zo tot aan het Guggenheim en de felrode ‘Le salve’ brug te wandelen. Je hebt vanop de hoger gelegen brug een mooi uitzicht op het Guggenheim gebouw.

Le salve

En dan het Guggenheim zelf. Het is dé reden dat Bilbao een citytripbestemming is geworden. Het is een van de drie officiële Peggy Guggenheim musea en die van Bilbao werd geopend in 1997. Het gaf een heuse culturele impuls aan de stad. Het ontwerp is van de architect Frank Owen Gehry. Het is een gebouw in de stijl van ‘deconstructivisme’ – wat georganiseerde chaos wil uitstralen blijkbaar – gemaakt uit glas en titanium.

Het gebouw alleen al is een trekpleister! Het titanium zorgt voor een voortdurende glinstering van het gebouw – zon of geen zon.

Maar het museum wil natuurlijk vooral kunst toegankelijk maken en daarom staan er ook een aantal werken rond het gebouw, die je gratis kan bekijken.

Zo vind je er een reuzegrote spin ‘Maman’ van Louise Bourgeois, ‘Tall Tree & The Eye’ dat 73 metalen bollen telt van Anish Kapoor. En mijn persoonlijke favoriet: ‘Puppy’ van Jef Koons, een immense grote puppy opgetrokken uit bloemen.

Uiteraard bezochten wij ook het museum zelf. Een ticket kost 16 euro per persoon en dan kan je alle expo’s zien in het gebouw.

Op de benedenverdieping is er plek voor een meer permanente collectie, waarvan ‘The matter of time’ van Richard Serra het bekendste werk is. De immense stalen constructies geven een soort bevangen gevoel.

In die zaal werd me al meteen duidelijk dat het druk was binnen in het museum. Het liep er ook vol met krijsende kinderen en gewoon heel veel mensen die niet vaak in een museum te vinden zijn. Ook dat is het Guggenheim effect.

Op de tweede verdieping is een tijdelijke expo. Toen wij er waren ging het over de geschiedenis van de auto, waardoor er heel wat zeldzame auto’s in de zalen stonden. Geflankeerd door kunstwerken aan de muren. Ook hier: doordat het om auto’s ging leek het soms wel een speeltuin. Maar ik zag ook wel een aantal leuke dingen. Het is een heel toegankelijke expo, maar daardoor ook niet zo inspirerend .

Op de bovenste verdieping hangt de moderne kunst. Werken van o.a. Richter, Rothko en Warhol versieren de muren.

Je merkt dat het er meteen iets rustiger is – zo toegankelijk is moderne kunst dan weer niet als je ook gewoon auto’s kan kijken. De collectie kunst die er hing was kleiner dan ik had verwacht. Het gebouw is wel de hele tijd prachtig om door te lopen.

Ik vond het Guggenheim een beleving op zich, maar er waren voor mij wat te veel prikkels. Ik word in een museum liever geprikkeld door de kunst op zich, dan door de andere mensen. Ik zou dus betalen om op een ‘kindvrij’ moment te kunnen komen.

Het Guggenheim is een instituut op zichzelf en ik vond het heel fijn om er geweest te zijn. Het is iets dat je in Bilbao niet kan overslaan. Wil je een rustiger museum? Trek dan naar het Museum voor Schone Kunsten iets verderop.

Aan de achterzijde van het museum spuiten ze soms rook de lucht in en ook ’s avonds is het mooi verlicht. Wij passeerden er dus wel meerdere keren. Hoe vaker ik er kwam, hoe meer ik het gebouw begon te appreciëren.

En zo zagen we alle bekende plekken van de stad, hoog tijd om ook eens buiten de stad te trekken, maar daarover een volgende keer meer :).

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Aan tafel #1

Aan tafel #1

Ik zou mezelf nooit echt een keukenprinses noemen, verre van zelfs. Maar ik vind het wel belangrijk om zoveel mogelijk vers te eten. Niet alleen voor de gezondheid, maar ook om een zekere regelmaat, een routine op dat vlak te bekomen. Sinds de verhuis in mei probeer ik elk weekend een weekmenu in elkaar te flansen en eigenlijk vind ik dat niet echt het leukste taakje. Maar ik probeer er telkens wel bewust nieuwe recepten in te stoppen met voldoende variatie. Libelle lekker is daarbij voorlopig mijn beste vriend.

Ik dacht dat het wel fijn was om de recepten op te lijsten die hier wel eens vaker op tafel komen. Want ik doe zelf graag kookinspiratie op bij anderen, dus misschien inspireer ik hier jullie op mijn beurt mee.

Wij eten trouwens zoveel mogelijk vegetarisch, af en toe vegan, ongeveer één keer per week vlees en nooit vis. Just so you know ;).

  • In de pan gebakken gnocchi met verse kruiden, erwten en spekjes – en vooral zure room en citroen die van dit gerecht echt een topper maken. Tip: snij een citroen in partjes en vries het in. Dan moet je niet telkens een hele citroen kopen en opdoen.
  • Curry ovenschotel met courgette – en met gehakt of veggie gehakt. Dit is echt een favoriet geworden op korte tijd! De truc hier is de kruiding van de curry: ik strooi rijkelijk met gember en niet alleen met kerriepoeder. Ook kokosroom in plaats van kokosmelk does the trick better.
  • Kip tikka masala – het is even de juiste kruiden in huis halen, maar dan is dit een topper die snel klaar is. Opnieuw: voldoende gember en cayennepeper gebruiken voor wie houdt van pit.
  • Pita met falafel en feta – Kan ook met vlees en ik varieer al eens met de groenten om niet altijd alleen maar paprika te hebben.
  • Pasta met prei en erwten – En room en kaas natuurlijk!
  • Enchiladas in de oven naar eigen recept – ik maak het met kip of gehakt (of veggie gehakt), rode bonen, chilipeper, mais en paprika. En dan oprollen in een wrap en nadien bestrooien met tomatensaus of fajitasaus en veel kaas. Eventueel nog nacho’s erop voor die echte Mexicaanse sfeer en zure room als side dish. Comfort food en toch heb je wel wat groenten binnen.
  • Hemelse prei met gnocchi naar het recept van Mme Zsazsa (uit ‘Honger‘)
  • Pasta met aubergine en zoete tomatensaus van Mme Zsazsa (ook uit ‘Honger‘)
  • Oosterse tajine – zonder tajine – dus gewoon in de kookpot met abrikozen en kikkererwten – een top vegan gerecht met veel groenten en mijn truc is om wat saffraan toe te voegen aan de couscous samen met je bouillon.
  • En dan maak ik ook wel regelmatig de klassieke vol-au-vent met patatjes. Ik doe dat met kipfilet ipv een hele kip (ongeveer volgens dit recept dus). Gebruik voldoende bouillon en geen melk maar wel room voor de saus. Zo heb je dit gerecht binnen het half uur op tafel ;). Ik wil binnenkort trouwens eens een vegetarische versie met falafel proberen maken.

Als je me vijf jaar geleden had gezegd dat ik dit soort blogposts bij elkaar zou schrijven had ik je ronduit uitgelachen. Is dit nu later? ;).

Wat schaft bij jou de pot?

Eén traan

Eén traan voor de wereld
Eén voor alle kinderen, mannen en vrouwen in Gaza
Eén traan voor alle slachtoffers van antisemitisme
Eén traan voor alle mensen geraakt door racisme
Eén traan voor Oekraïne
Eén traan voor iedereen die zijn leven weer bij elkaar moet rapen na een natuurramp
Eén traan voor alle vrouwen die slachtoffer zijn geworden van femicide
Eén traan voor iedereen die in de supermarkt niet langer kan kopen wat die wil
Eén traan voor iedereen die vergeten wordt

Niet moeilijk dat het maar blijft regenen…

(Noord)-Ierland #1: het centrum van Dublin

(Noord)-Ierland #1: het centrum van Dublin

In augustus 2023 trokken het lief en ik voor onze zomervakantie niet naar de zon, maar naar (Noord)-Ierland – waar we alle seizoenen meemaakten. Vliegen deden we op Dublin, waar we het even verkenden, om daarna door te reizen naar Belfast om het woelige verleden van Noord-Ierland en de prachtige natuur te ontdekken.

Uiteindelijk sliepen we twee nachten in Dublin en waren we er dus tweeënhalve dag, waarvan we ook een dag in Howth doorbrachten. Van de luchthaven geraak je makkelijk in de stad met de bus (lijn 784 of 782 afhankelijk van waar je wil afstappen). Je betaalt dan 10 euro per persoon.

Ons hotel was het Marlin Hotel aan St. Stephen’s Green. Het hotel was zeker in orde, maar de matras was absoluut niet goed voor onze rug. Ik zou er om die reden niet terug boeken. De locatie was wel goed.

We hebben dus vooral een eerste sneak peek gekregen van de stad Dublin en die deel ik graag met jullie. Er is nog veel meer te zien en te doen in de Ierse hoofdstad natuurlijk.

St. Stephen’s Green

Omdat we er vlakbij sliepen was St. Stephen’s Green één van de eerste plekken die we bezochten. Het is een rechthoekig park in Engelse stijl, dat ooit een executieplaats was en ook tijdens de Paasopstand van 1916 een belangrijke rol speelde. Nu is het een groene long in de stad.

Iveagh Gardens

Niet heel ver weg van St. Stephen’s Green vind je het iets kleinere en minder bekender park Iveagh Gardens. Ik had mij laten vertellen dat dit een nog mooier park was.

Met een mooie rozentuin, fonteinen, een waterval en een grote open grasvlakte is dit volledig omheinde park een favoriete lunchplek van locals – dat merkte je ook toen wij er waren en de zon volop scheen.

St. Patrick’s Cathedral

St. Patrick’s Cathedral is een Romaanse kerk gewijd aan de patroonheilige van Dublin – en bij uitbreiding van Ierland – Saint Patrick. De kerk ontstond in de 11de eeuw, maar was niet de enige. Vandaag is Dublin een stad met twee kathedralen – want ook de nabijgelegen Christ Church mag zich kathedraal noemen – en dat is best uniek.

St. Patrick’s is echter de bekendste en heeft een meer klassieke inrichting. Een leuk weetje is dat Jonathan Swift, de schrijver van Gulliver’s Travels, ooit decaan is geweest van de kerk.

Je betaalt 9 euro per persoon voor een bezoek. Je krijgt een audiogids waarvan ik de invulling niet geweldig vond (heel katholiek, wat natuurlijk past bij het nog altijd zeer gelovige Ierland). Het was er ook heel druk, veel drukker dan bij Christ Church. Maar de vloer in deze kerk vond ik echt prachtig en ook de Romaanse elementen waren helemaal mijn ding.

Christ Church Cathedral

Na Saint Patrick, wilden we dus ook een bezoek brengen aan de andere kathedraal. Ook deze kathedraal is gebouwd in de 11de eeuw, maar dan door de vikingen. Deze kerk staat dan ook in het hart van middeleeuws Dublin en is te herkennen aan de boog over de nabije straat. Zo wordt de kathedraal verbonden met het Dublinia museum dat meer vertelt over de overheersing van de vikingen.

Een bezoek kost 10,50 euro per persoon en ook hier krijg je een audiogids. Het was er veel rustiger. Op veel plekken in de kerk vind je de beeltenis van de Foxy Friars (twee vossen verkleed als monniken) – wat een symbool van deze kerk is geworden.

Naast de kerk, kan je ook de crypte bezoeken waar je voornamelijk een exemplaar van de Magna Carta kan bewonderen – het belangrijkste geschreven document uit de Engelse geschiedenis waarin de koning voor het eerst macht afgaf aan een geselecteerde groep van burgers. Christ Church deed dienst als decor voor series zoals The Tudors en Reign – daarvoor moet ik die dus nog eens terug bekijken.

Er zijn nog heel wat andere kerken in de stad, zo staat vlakbij Christ Church de St. Audoen in een mooi parkje – deze keer gingen we niet binnen.

Dublin Castle

Alleen kerken in Dublin? Think again. Zo kan je ook Dublin Castle verkennen. En dat is niet echt een traditioneel kasteel zoals de naam doet vermoeden. Eigenlijk is het een geheel van gebouwen dat lang het politieke hart vormde van het middeleeuwse Dublin, maar nu is opgesplitst tussen regeringsgebouwen en een museum.

Wij gingen nergens naar binnen. Op het binnenplein staat ook een grote stenen tijger – waar ik nog niet echt van heb kunnen afleiden waarom precies. Mij viel vooral de mooie gotische Royal Chapel op – die deed denken aan ons bezoekje aan Windsor Castle.

Vind je ook in de buurt van Dublin Castle: de Chester Beatty Library en een mooi park ervoor. Voor veel van de musea binnen zal ik nog eens moeten teruggaan.

Temple Bar

Op naar de befaamde Temple Bar dan maar. Ik had in mijn hoofd dat dit verschillende middeleeuwse straatjes waren met veel pubs en ambiance. Blijkt dat het toch vooral om één straat gaat, die evenwijdig loopt met de rivier Liffey en dat de ambiance zich vooral rond die ene pub Temple Bar voordoet. Dit vond ik dus wel een teleurstelling.

Gezelligheid vonden wij dan meer in bv. het graffitistraatje Love Lane en langs de rivier Liffey. Ook passeerden we de majestueuze City Hall.

De City Hall

Ha’ Penny Bridge

Steden aan een rivier zijn altijd fijn en hebben meestal wel één bekende brug. In Dublin is dat de Ha’Penny Bridge – een voetgangersbrug die je vroeger voor een halve penny mocht oversteken. Vandaag is oversteken gratis en is het over de koppen lopen. Witte bruggen zijn altijd moeilijk op de foto te zetten en ik vind deze eigenlijk niet zo speciaal. Nogal zeer fel versierd.

Op de tweede foto zie je de rivier Liffey met de koepel van de Four Courts, het gerechtshof.

Zoals je misschien merkt aan mijn tekst, voelde ik niet meteen de vibe met Dublin. Dat zou later wel wat beter worden, maar dit zijn de beelden van de eerste dag waar we dus vooral twee mooie kerken bezochten en verder proefden van het meest toeristische stuk van de stad. Ik kan er niet echt de vinger opleggen wat ik miste. Local leven en een beetje authenticiteit denk ik. We wandelden op een gegeven moment wel door een straat vol antiekwinkels met wat meer local pubs – maar omwille van de feestdag (het was 15 augustus) was veel gesloten.

Food en drinks

Eten is altijd belangrijk. Hierbij een lijstje met fijne plekjes die wij aandeden.

  • Ontbijten deden wij in de koffiebar Brew Lab speciality coffee – echt een leuke niet toeristische plek
  • Ook bij Shoe Lane coffee in Tara street is de koffie geweldig.
  • Wijn dronken bij we bij Sfuso, kan je zeker ook lunchen of bestel een tapasplank.
  • De echte aanrader is de Italiaanse pastaplek Sprezzatura, volledig uit het centrum. Je eet er versgemaakte pasta voor een tientje, dat laat budget over voor een dessert.
  • The ramen bar heeft een interessant lunchmenu van 15 euro met een kom ramen waarvan je de bodem niet kan zien.
  • The porthouse biedt Spaanse tapas, porto en wijn in een gezellige setting.
  • Pizzaplek PI heeft meerdere vestigingen, wij gingen naar die van George Street. Niet de goedkoopste pizza, maar wel hele lekkere.

Et voila, dat was een eerste portie Dublin. Ben jij er al eens geweest? Wat vond jij van de stad? Heb ik iets gemist?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Winter bucket list

Winter bucket list

Het lijkt me fijn om opnieuw per seizoen een lijstje te maken met dingen die ik graag wil doen. In de zomer is dat vaak niet nodig – want dan is er zoveel te doen, maar in de winter kan ik dat best gebruiken. Als een soort extra schop onder mijn kont. Al moet ik er dan tussen nu en mijn terugblik wel nog eens naar kijken, wat best een uitdaging is.

Ik heb trouwens niet echt iets met het woord bucket list. Maar het mag ook geen to do lijst worden, dus dan is dit wat vrijblijvender verwoord. En ja, ik weet dat de winter technisch gezien pas in december begint. Dus het is een soort late herfst/ winter bucket list.

  • Naar de Dieric Bouts expo gaan in Leuven (met de Museumpas)
  • Een voorjaarscitytripje plannen met Leen
  • Mijn fotoboek van Bilbao afmaken en liefst ook aan die van Firenze beginnen
  • Alle reisverslagjes voor de blog over Firenze afschrijven
  • 2 boeken uit de fysieke kast lezen, want dat zijn vaak de beste (maar ze worden soms vergeten)
  • Twee keer naar de cross gaan (stiekem droom ik van meer, maar dat hangt heel erg af van het weer en de gezondheid)
  • Terug een historische nieuwsbrief schrijven. We beginnen klein. Wil je hem ontvangen? Inschrijven kan hier.
  • Ergens nieuw uiteten gaan
  • Niet te veel tijd voor tv doorbrengen a.k.a. bewust bezig zijn met winterse hobby’s en daar wat mijn draai in vinden
  • Toch ook een stap verder zetten in de laatste to do’s voor het huis

Et voila, dat is hét. Lijkt me wel haalbaar. Of misschien ook helemaal niet, we zien wel :).

Heb jij een winter bucket list gemaakt?

Wintermodus
cof

Wintermodus

Waar het hart van vol is, loopt de mond van over – of dat zegt men al eens. Maar mijn pen loopt niet bepaald over deze periode. De aandachtige lezer heeft al gemerkt dat er vooral reisverslagjes online komen – die zijn al geschreven of zijn nog relatief makkelijk om te schrijven voor mij. Mijn hoofd zit namelijk best vol met vanalles, maar toch slaag ik er niet in om dat hier te uiten.

En de tijd is genadeloos. De wereld staat in brand. Mijn leven heeft ook even op zijn kop gestaan. Op één dag was het plots geen 30 graden meer, maar 12 en regen. Het crossseizoen is nu echt begonnen. Sinterklaas maakt bijna zijn intrede. Het is alsof de klok sneller is beginnen tikken zonder dat ik het getik hoor.

En dus gaan we in stilaan in wintermodus. De dekentjes zijn uit de kast gehaald, de verwarming is opgezet en de eerste jeansbroek bevat al een gat (dat wordt shoppen geblazen). Binnenkort nog even het zuiden op zoeken in Rome en dan staat Mariah Carey alweer te wachten om haar grootste hit te zingen.

En zo tikt de klok verder, maar deze keer ga ik proberen luisteren. Alles heeft zijn tijd. Ook de winter die voor de deur staat. Met voldoende rust en mildheid – en een extra dosis vitaminen – moet dat wel lukken. En wie weet, pen ik dan hier wel wat vaker opnieuw mijn gedachten neer.

Zijn er trouwens zaken waar jullie nog graag over zouden lezen? Inspireer mij :).

Bilbao #4: daguitstap naar San Sebastian
cof

Bilbao #4: daguitstap naar San Sebastian

In augustus 2022 trokken het lief en ik voor 6 dagen naar Spaans baskenland. We verbleven in de bruisende stad Bilbao om gezapig te citytrippen en combineerden dit met uitstappen naar San Sebastian en de kasteelrots San Juan de Gaztelagutxe.

Op dag drie stonden we vroeg op omdat we vandaag Bilbao even zouden verlaten richting San Sebastian. De culinaire badstad van het Baskenland die in het Baskisch nog zoveel mooier klinkt als Donostia. Ik ga eerlijk zijn, San Sebastian kende ik vooral van de clasica San Sebastian (dat is een wielerkoers), en stond niet echt op de bucketlist. Maar omdat we lang genoeg in Bilbao waren en op zoek gingen naar uitstappen, kwam deze stad overal naar voren als een aanrader. Tijd om het zelf te gaan ontdekken.

Van Bilbao naar San Sebastian

Hoe geraak je er vanuit Bilbao? De makkelijkste optie is de bus nemen. Dat klinkt stom, maar het gaat hier om reisbusvervoer tussen grote steden (denk Flixbus). De meeste bussen vertrekken vanuit het San Memes busstation. Dit station bevindt zich trouwens ondergronds – dat vind ik al een goede tip want wij moesten erg zoeken. We gingen een dag op voorhand al kaartjes kopen.

Wij kochten tickets bij de maatschappij Pesa (omdat die ook op Google Maps verscheen), een enkeltje kost 12,50 euro per persoon. Ongetwijfeld zijn er goedkopere alternatieven, maar deze bus rijdt elk uur heen en weer en dat gaf ons voldoende flexibiliteit voor de terugtocht.

We namen de bus al om 8u30, waardoor we rond 10u in hartje San Sebastian afstapten. De Time To Momo Bilbao bevat ook een wandeling voor San Sebastian en dat was de leidraad voor ons bezoek.

Bezienswaardigheden

De wandeling begint aan de Catedral del Buen Pastor. De toren van maar liefst 75 meter hoog zie je al van ver opdoemen. Het gebouw is gotisch en we konden maar heel even binnen piepen aangezien er een mis bezig was.

In het winkelcentrum van de stad passeerden we enkele versmarkten en we wandelden door het pittoreske park Gipuzkoa Plaza.

Volgende stop was het luxehotel Maria Cristina en het Teatro Victoria Eugenia die beiden uitkijken op de rivier. Het theater is de achtergrond voor het jaarlijkse filmfestival dat hier plaatsvindt en het hotel heeft al vele wereldsterren mogen verwelkomen.

We wandelden verder naar het uitkijkpunt over de eerste baai.

San Sebastian is naast een luxe badstad, ook een hemel voor surfliefhebbers. Het Zurriola strand is een van de plekken waar surfers zich thuisvoelen.

Zurriola baai

Tijd om het historische centrum in te trekken. Twee dingen hierover: het is echt mooi én het is klein en druk. Als in: heel druk. In augustus trekt half Spanje/Baskenland zelf op vakantie naar de zee. Het was er soms over de koppen lopen. En tegelijk sla je een hoek om en heerst er absolute rust. Vreemd gevoel dit.

Een van de meer vreemde gebouwen die er staat is de San Bizente Eliza kerk die je gratis kan binnenwandelen.

Niet veel verder doemt ook de Santa Maria Del Coro op met zijn barokke voorgevel. Omdat de kerk niet gratis te bezoeken is, was het er meteen rustiger. Toegang kost drie euro per persoon en je mag zoveel foto’s maken als je wilde. Dat zei de schattige oudere meneer toch tegen het lief die zijn camera om zijn nek droeg. ‘Photo ok’ mochten we een aantal keer aanhoren :).

De kerk zelf is niet zo bijzonder, maar je mag ook door een museum lopen met religieuze werken en moderne kunst door elkaar. En je kan met een lift naar een tijdelijke expositie boven gaan kijken.

Alle wegen in het historische centrum leiden naar het ayuntamiento (het stadhuis). Het was ooit een casino.

En daarmee waren we aan de wereldbekende Concha-baai. Al meerdere malen uitgeroepen tot het mooiste strand van Europa en ongetwijfeld ook al eens van de wereld. Er is een dijk die je kan volgen om heel de baai af te wandelen.

Er liggen bootjes op het water, het staat er vol strandstoelen en mensen liggen te zonnen in het zand. In het midden van de baai ligt het eiland Santa Clara. Ik kon het niet helpen maar kreeg een enorm Blankenberge gevoel. Ik hou van de zee, maar het strandleven is niet voor mij weggelegd. Ik bleef dus op de dijk en ondertussen stond de zon hoog te branden.

Na driekwart van de dijk kom je aan het palacio de Miramar. Vroeger een koninklijke residentie dat als vakantieverblijf werd gebruikt. Je kan er even uitrusten op een bankje met zicht op de baai.

Palacio de Miramar

Uiteindelijk kwamen we uit bij het einde van de baai aan het Peine del viento. Je kan hier nog ergens een kabellift nemen naar boven, waar ook een oud pretpark staat. Wij lieten het aan ons voorbij gaan.

Het terugwandelen naar het centrum stak wat tegen in de zon en ondertussen hadden we ook honger. Er is niet zoveel te eten aan de overkant. We ploften ergens neer in het historische centrum dat niet noemenswaardig genoeg is om te vermelden.

Om wat frisheid en rust op te zoeken besloten we het San Telmo museum te bezoeken. Dat is toevallig gratis op dinsdag (we waren er op een dinsdag) en kost de andere dagen 6 euro per persoon. En dat is de volle zes euro waard.

Het San Telmo museum gaat over de Baskische samenleving en cultuur en huist in een oud klooster uit de 16de eeuw.

Alleen al de moeite waard voor het gebouw. In de kerk hangen ook zeer speciale fresco’s van José María Sert.

Je leert er over folklore zoals de Baskische reuzen, en wat over de geschiedenis van de regio. Op de bovenste verdieping vind je Baskische kunst. Dit museum had voor mij alles: de combinatie van geschiedenis, architectuur en kunst. En rust in een drukke stad. Favorietje hier! Ik vond dit het beste museum dat we tijdens onze trip bezochten (sorry Guggenheim).

Na dit bezoek kwam stilaan de bus terug in zicht (wij namen die van 18u30), het plan was om in Bilbao te eten. Maar eerst nog tijd voor een ijsje bij Carlos Arribas. Aanrader! Van ijs kennen ze wel iets in het Baskenland, zo blijkt.

Wat vond ik nu eigenlijk van Donostia? Wel, ik heb wat gemengde gevoelens. Het is er – zeker in de zomer – zo toeristisch dat het me deed denken aan onze Vlaamse kust. De baai is mooi, daar niet van. Maar het is ook gewoon maar een strand – bomvol mensen. Het historische centrum is klein maar leuk. Je bent er snel doorheen. Het San Telmo museum vond ik echt wel de moeite.

Daarnaast heb je nog het culinaire: San Sebastian heeft het meest aantal sterrenrestaurants ter wereld en staat bekend om top pinxtosbars. Aangezien we er zelf amper hebben gegeten kan ik daar niet over oordelen.

Ik vond het fijn om er een dag te vertoeven, het was echt helemaal anders dan Bilbao. Maar ik hoef er ook niet meteen naar terug. De bus maakt het wel heel eenvoudig om er te raken, dus het is sowieso een ideale daguitstap vanuit Bilbao.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Lichtpuntjes #29

Lichtpuntjes #29

Het is belachelijk lang geleden dat ik hier nog eens een lijstje met lichtpuntjes deelde. Ik probeer elke maand drie grotere lichtpuntjes te noteren over de voorbije maand in mijn bullet journal en merk dat ik daar met momenten zelfs al moeite mee heb. Dankbaarheid is iets dat geoefend moet worden, zo blijkt. Dus ik doe nog eens een poging en nu het echt herfst wordt mag dat wel eens.

  • Een zalige Indian Summer. Sorry herfstfans, maar van mij mag het het hele jaar door 20-25 graden zijn.
  • Goed weer betekent ook nog veel ijsjes die laat op het seizoen werden gegeten, mmm
  • Heerlijk prullen in de bullet journal. Of ik een washi tape verslaving heb? Misschien

  • Ik las deze zomer veel, maar heel september deed ik over een van de Outlander boeken en het is soms zo fijn om lang in zo’n dik boek meegesleept te worden
  • Nieuwe recepten uitproberen en dus eindelijk een beetje een kookrepertoire hebben
  • Ik herbekeek het tweede seizoen van The Musketeers BBC-serie en dat is echt het fijnste seizoen van een serie ooit
  • Kantoorhondjes dagen zijn de beste kantoordagen
  • Danslessen die weer starten en het blijkt dat ik toch weer gemist had tijdens de zomer
  • Ondertussen keken we ook voor eerst naar een veldrit vanuit onze eigen huis
  • Ik ging voor het werk even heel kort naar Wenen, ik heb niets van de stad gezien, maar het was een leuke manier om even weg te zijn van de dagelijkse kantoorsleur

  • Er werden al heel wat zaterdagen en zondagen chill ingevuld met kleine uitstappen en ook wat zetelhangen, zo’n verschil met de afgelopen jaren – eindelijk weer weekend
  • En er zijn de laatste tijd ook best veel leuke feestjes geweest waar er tot laat gedanst wordt

Wat maakte jou de afgelopen tijd blij?

Firenze #2: in het spoor van de Medici’s

Firenze #2: in het spoor van de Medici’s

In maart 2023 trokken Leen en ik eindelijk nog eens op citytrip. We kozen voor Firenze – de hoofdstad van Toscane, van de Italiaanse renaissance en van pasta, pizza en gelato. Cultuur meets lekker eten, de ideale combo.

Na een eerste dag in de San Frediano wijk trokken we nu iets meer naar het centrum. Meer bepaald richting San Lorenzo. En dat was ooit het terrein van de Medici’s, de bekendste Florentijnse bankiersfamilie. Met een woelige familiegeschiedenis. Ze kregen zelfs een eigen televisieserie (waarvan ik uiteraard fan ben!).

De San Lorenzo kerk

De San Lorenzo kerk, of zeg maar basiliek, was de familiekerk van de Medici’s. In de 15de eeuw werd deze gebouwd naar een ontwerp van Brunelleschi – dat is ook de ontwerper van de koepel van de Duomo. Zoals je ziet is de kerk nooit voltooid geweest. De voorgevel ontbreekt. Michelangelo himself heeft hier later nog wat ontwerpen voor gemaakt, maar ook die zijn nooit uitgevoerd.

Je kan de kerk tegen betaling bezoeken, maar wij hadden ons oog laten vallen op het gebouw aan de achterkant van de kerk (met aparte ingang): de Medici kappellen.

Cappelle Medicee

Langs buiten ziet het gebouw eruit als een enorme kerk met koepel. Maar eigenlijk is dit het mausoleum – het pantheon zeg maar – van de Medicifamilie. De kapellen zijn gebouwd door Cosimo II, dat is de latere tak van de familie die terug aan de macht raakte nadat de renaissance ten einde kwam en de Medici’s uit Firenze werden verdreven.

Je komt de kapellen binnen op het gelijkvloers waar je in een soort religieus museum terecht komt, maar de echte pracht en praal krijg je te zien als je de trap opgaat. Dan kom je in het praalgraf terecht, de cappella die Principe. Ik laat de foto’s even voor zichzelf spreken.

Het is een enorme marmeren zaal vol symbolen naar de medicifamilie en hun macht in Firenze. De tombes die je ziet zijn trouwens leeg. Het is nooit de bedoeling geweest om hier familieleden te begraven. Het is louter een praalgraf om mee te pronken, de echte graven vind je beneden en zijn net heel sober.

Na grondig de immensheid van het praalgraf in ons te hebben opgenomen liepen we verder naar de Sagrestia Nuova. Hier heeft Michelangelo voor de graftombe van de broers Lorenzo (Il Magnifico) en Guiliano De Medici gezorgd. De tombe werd gemaakt in opdracht van paus Leo X, een zoon van Lorenzo en één van de twee pausen die de Medicifamilie zou leveren.

Daarnaast vind je er ook zijn vier allegorische figuren: Dag, Nacht, Schemering en Dageraad.

Nacht (de vrouw) en dag (de man)

Schemering (de man) en dageraad (de vrouw)

Je bezoekt de Medici kappellen voor 9 euro per persoon. Ik vond het zeker de moeite, maar ik ben dan ook fan van de (geschiedenis van de) familie.

Palacio Medici Riccardi

Aan de overkant van de San Lorenzo basiliek en de Medici kappellen staat het Medici Riccardi paleis op een straathoek. Het heeft zijn naam gekregen dankzij de twee belangrijkste families die er hebben gewoond. De Medici’s woonden er tot 1540 waarna de Riccardi’s er hun intrek namen. Wij gingen voor 7 euro per persoon naar binnen.

Het binnenplein, de patio, kan je zeker ook herkennen uit de serie.

Beneden heb je een aantal kamers waar tijdelijke kunsttentoonstellingen lopen. Op de eerste verdieping bezoek je de paleiskamers. Hoogtepunt daar is de Cappella dei Magi. Een klein kamertje dat de huiskapel was en waarvan de muren vol zijn geschilderd met allegorieën en je de jonge Lorenzo De Medici – Il magnifico – herkent als een ware gouden prins op het paard. Ook deze kapel toont opnieuw de macht en het aanzien van de Medicifamilie. Zij waren de facto koningen.

Het is de kunstenaar Gozzoli die de Magi kapel versierde. Daarna passeerden we langs meer prachtige zalen waar levensgrote doeken aan de muren hangen.

Een andere hoogtepunt is de zaal Luca Giordano. Die doet denken aan de spiegelzaal in Versailles met veel bladgoud. Op het moment dat wij er waren was er ook een tentoonstelling van schilderijen van Giordano in de zaal, wat het wat moeilijker maakte om de grootsheid van de zaal in te schatten. Maar dan nog maakte het indruk. Het is de schilder Luca Giordano die op het plafond het werk ‘De apotheose van de tweede Medici dynastie’ schilderde. In opdracht van de Riccardi familie overigens.

Buiten ga je langs een mooi aangelegde citrustuin. Lang het buitenkant is het paleis best sober te noemen, maar ik vind dat wel een leuke stijl hebben.

En zo zijn we op drie belangrijke plekken geweest waar de Medici’s rondliepen van de 15de tot de 17de eeuw.

Ik vond het fijn om een halve dag ondergedompeld te worden in hun geschiedenis en zou zeker het paleis aanraden om te bezoeken omdat het voor ieder wat wils is. De kapellen zijn dan weer indrukwekkend. Zoveel geld dat in zo’n enorm bouwwerk is gegaan om de macht van één familie weer te geven.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Wat is jouw favoriete plek in Firenze?

Valencia #6: drie mooie parken
rhdr

Valencia #6: drie mooie parken

In maart 2020 (jawel, vlak voor de eerste lockdown) vertrok ik voor 5 dagen naar Valencia. Ik deed hier al eens een uitgebreid verslag van hoe die reis is verlopen in tijden van corona. Vanaf de vierde dag sloten restaurants en bezienswaardigheden hun deuren. Gelukkig zaten wij op een Airbnb appartement waar we zelf ons potje konden koken. Valencia is en blijft een populaire citytripbestemming en de stad is dat ook helemaal waard volgens mij. We hebben uiteraard niet ons volledige lijstje kunnen afwerken, maar we hebben toch wel een aantal hele fijne dingen gedaan. En die tips deel ik graag met jullie.

Op onze voorlaatste dag was de provincie Valencia in lockdown. Alle winkels, horeca, bezienswaardigheden en scholen bleven dicht. Later die dag zou Spanje een volledige lockdown aankondigen voor het hele land. We wisten dat dit in de lucht hing en hadden dus best wat stress over onze terugvlucht. Maar een hele dag op ons Airbnb appartement, dat zagen we niet zitten. En dus trokken we in de voormiddag met onze Time To Momo op pad naar wat we wel nog konden bekijken van de wijken die we nog niet hadden aangedaan. En zo deden we een lange wandeling langs drie zeer diverse parken. Die alledrie ook zonder lockdown de moeite zijn om eens te door te wandelen ;).

Jardins de la Glorieta



Om tot in de jardins de la Glorieta te komen, moet je eerst langs de Porta De La Mar. Een replica van een oude toegangspoort tot de stad midden op een drukke verkeersrotonde.


La Glorieta is eigenlijk een doodnormaal stadstuintje waarin locals hun hond uitlaten, of kinderen spelen. De blikvanger is echter een eeuwenoude monumentale ficus. We zaten een tijdje op een bankje onder deze boom mensen te kijken.

Van hieruit wandelden we opnieuw richting de Turia Gardens en namen we de brug richting de Jardins de Monforte.

Jardins de Turia

Jardins de Monforte



Van alle plekjes in Valencia is dit verborgen Engelse park misschien wel mijn favoriet. Er zijn zoveel mooie geheime hoeken. Met veel neoclassicistische elementen en standbeelden, pergola’s, een vijver, bloemperken…

We kwamen een Nederlands gezin tegen met twee tienerkinderen, die waarschijnlijk net als wij niet goed wisten hoe ze hun dag moesten spenderen. Locals lazen een boek op een bankje. En wij maakten van elke hoek een foto, terwijl de Spaanse zon bleef schijnen, covid or no covid.

Jardins del Real

Niet veel verder vind je een groter park. In de Jardins del real kunnen kinderen spelen tussen de fonteinen, neem je selfies met palmbomen, of bezoek je het Wetenschapsmuseum of het Museum der Schone Kunsten. Op dat laatste had ik mijn oog laten vallen tijdens de voorbereiding van deze reis, maar de deur was onherroepelijk gesloten.

We aten zelfgesmeerde pistolets in de schaduw bij een fonteintje met zicht op de koepel van het museum. We wandelden opnieuw terug over de Turiatuinen, de oude stille stad in. Het was niet alleen lockdown maar ook siesta dus er was letterlijk geen kat op straat.

Terug aan het Plaza de La Virgen gekomen speelde een eenzame straatmuzikant voor die paar verloren toeristen.

De namiddag spendeerden we met een boek op het balkon van ons appartement en veel contact met het thuisfront. ’s Avonds hebben we zelf gekookt en op onze laatste ochtend vertrokken we al heel vroeg naar de luchthaven om op alles voorbereid te zijn. Ons vliegtuig was het enige dat die dag naar België vertrok, dus in die zin hadden we veel meer geluk dan enkele andere mensen die op het vliegveld het huilen nabij waren.

Dit was mijn laatste verslagje over onze bewogen citytrip naar Valencia. Het is een prachtige stad en ik hoop er ooit nog eens te zijn in fijnere omstandigheden.

Staat Valencia bij jou op het lijstje?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

De boeken van de zomer

De boeken van de zomer

Het is alweer van begin juni geleden dat ik nog eens een boekenupdate deed, dus bij deze. Zoals steeds geef ik de titels in het Engels mee, met een Nederlandse titel tussen haakjes indien het boek vertaald is.

Er werd trouwens veel gelezen dus ik noem hieronder de boeken van begin juni tot begin augustus. Uitschieters zijn Het eeuwige vuur, Clythemnestra’s bind en De vrouwen van Troje.

The heart and the crown (UK title), the king’s pleasure (US title) – Alison Weir

Wanneer Henry’s oudere broer Arthur en niet veel later zijn moeder koningin Elizabeth plots sterven moet hij zich beginnen voor te bereiden op zijn taak als toekomstige koning. Hij laat zijn oog vallen op Arthur’s weduwe Catherine Of Aragon, maar zijn vader wil nog niet meteen opnieuw een alliantie met Spanje aangaan.

Alison Weir verwierf de laatste jaren veel bekendheid omdat ze een fictieboek schreef over elk van Henry VIII’s zes vrouwen. In dit boek geeft ze eindelijk Henry zelf een stem en doet hij zijn verhaal. Het lukt haar wel om alle belangrijke gebeurtenissen in één dik boek te stoppen, maar het lukt haar niet om meer inzicht te geven in waarom deze man zo’n gruwelijke zaken heeft gedaan.

Blackberry and wild rose – Sonia Velton

Sara Kemp moet van haar moeder vertrekken naar Londen om er een leven op te bouwen. Maar ze belandt in een bordeel onder het toezicht van de bazig Mrs. Swann. Wanneer Esther Thorel, de vrouw van een hugenootse wever, haar tegenkomt op straat besluit ze vanuit het principe van barmhartigheid Sara in huis te nemen als haar meid. Sara is Esther dankbaar, maar haar nieuwe leven is niet helemaal zoals ze had gehoopt. En al snel beseft ze dat Esther zo haar eigen geheimen heeft.

Een boek over twee jonge vrouwen die het niet getroffen hebben met de mannen in hun leven en het elkaar ook niet makkelijk maken. Dit is Velton’s debuutroman met een originele setting, maar naar mijn mening was het plot net wat te rommelig. Wel een ideale weglezer.

A column of fire (Het eeuwige vuur) – Ken Follett

Ned Willard keert terug naar Kingsbridge om te ontdekken dat Margaret Fitzgerald, het meisje waarop hij verliefd is, verloofd is met Bart, de toekomstige hertog van Shiring. Wanneer na Mary Tudor, die heel wat protestanten op de brandstapel deed belanden, de jonge Elizabeth aan de macht komt en religieuze vrijheid predikt, zet dit kwaad bloed bij de katholieke fractie. Zij vinden dat Mary, queen of Scots, de ware koningin van Engeland zou moeten zijn. Maar die trouwt in Parijs met de erfgenaam van de Franse troon. Pierre Aumande hoopt via haar katholieke familie, de Guises, op te klimmen. Maar ook in Frankrijk zijn er religieuze spanningen, net als in Genève, Sevilla en de Nederlanden.

Ik hou van de Kingsbridge serie van Ken Follett en dit is vanaf nu mijn allerfavorietigste boek uit die reeks ❤️. Ik hou echt van dit plot omdat het zich afspeelt op zoveel plekken in de 16de eeuw en heel wat zaken aan bod laat komen. Het boek is dan ook ambitieuzer dan de vorige. Maar dat maakte het voor mij alleen maar leuker. Zware aanrader dus :).

Clythemnestra’s bind – Susan S. Wilson

Clytemnestra trouwt met de jonge Tantalus, erfgenaam van de Myceense troon en samen krijgen ze een zoontje Iphitus. Maar het huis van Atreus staat bekend om bloedvetes en wanneer haar man en kind haar ontnomen worden, moet ze trouwen met hun moordenaar Agamemnon.

Wat Anne Boleyn is voor Tudorfictie is Clythemnestra voor Griekse mythe hervertellingen. Het aantal boeken over haar is niet bij te houden, maar Wilson vertrekt deze keer van haar eerste huwelijk met Tantalus dat nogal dramatisch eindigt. Het geeft een beter inzicht in het waarom van haar daden. Ik kijk uit naar het vervolg.

City of vengeance – D.V. Bishop

Ex-soldaat Cesare Aldo werkt nu voor de Otto – een soort Florentijnse politiemacht uit de 16de eeuw – en moet de jood Samuel Levi veilig van Bologna naar Firenze escorteren. Onderweg worden ze echter aangevallen. Ondertussen wordt in Firenze een jonge man gekleed in vrouwenkleren vermoord. Vlak voor hij sterft spreekt hij Aldo’s naam uit.

Een nieuwe historische mysteriereeks met detective Cesare Aldo in de hoofdrol die zo zijn eigen manieren heeft om de waarheid te achterhalen. Firenze met al zijn vuiligheid, armoede en politieke intriges wordt prachtig weergegeven. Voor wie graag moordzaken oplost en dat eens in een andere setting wil doen.

Ook graag gelezen The darkest sin – D.V. Bishop het vervolg op City of vengeance dat start met een nieuwe moord, deze keer in een vrouwenklooster.

Sisi: empress on her own (vertaald als Sisi) – Allison Pataki

Na de geboorte van haar dochter Valerie trekt Sisi zich vaak terug op haar landgoed in Hongarije om voor haar te zorgen en paard te rijden in alle vrijheid. Graaf Andrassy bezoekt haar daar regelmatig, terwijl in Wenen de kranten haar gedrag afkeuren. Maar na een alarmbericht over haar zoon Rudolf trekt Sisi toch terug naar Oostenrijk.

Sisi is hot in series en films tegenwoordig, maar er zijn weinig fictieboeken over haar. Pataki is jammer genoeg geen aanrader. Haar Sisi is komt niet voldoende tot leven en is nogal oppervlakkig. Ik vond dit een teleurstellend boek. Elizabeth Van Beieren verdient beter.

Venus in winter – Gillian Bagwell

Bess of Hardwick gaat als jong meisje werken in het huishouden van Lady Zouche. Wanneer lady Zouche naar het Hof van Henry VIII gaat om diens vierde vrouw Anne Of Cleves te dienen maakt Bess kennis met de harde wil van de koning en hoe het is om uit ‘favour’ te raken. Later gaat ze in dienst bij Frances Grey en leert ze zo diens oudste dochter Jane beter kennen.

Bess of Hardwick was een harde tante in Tudortijden en trouwde maar liefst vier keer. Dit boek focust op haar jonge leven en gaat aan een rotvaart voorbij aan heel wat drama’s uit het Tudortijdperk, waaronder de val van Jane Grey. Graag gelezen.

Hild – Niccola Griffith

Wanneer Hild’s vader, troonopvolger van Elmet, wordt vergiftigd trekt ze met haar moeder en zus naar het hof van koning Edwin, haar oom. Hild’s moeder Breguswith heeft ambities voor haar beide dochters, zeker voor Hild want ze heeft gedroomd dat zij ‘The light of the world’ is. Hild krijgt visioenen en wordt zo wel heel belangrijk voor de koning.

Een nogal gehyped boek onder de liefhebbers van historische fictie maar ik vond dit boek zo enorm tegenvallen. Het is moeilijk geschreven, maar echt extreem moeilijk, en het hoofdpersonage is gewoonweg irritant. Ik heb me hier echt moeten doorworstelen. Jammer genoeg de tegenvaller van dit jaar tot nu toe.

In her own right – Amanda Schiavo

Mary is de enige levende dochter uit het huwelijk van haar vader Henry VIII met Catherine of Aragon. Ze is dan ook zijn oogappel aan het hof, dat hij haar moeder aan de kant schuift voor Anne Boleyn. Catherine wordt verbannen, het katholieke geloof komt onder druk te staan en Mary moet als bastaard haar nieuwe halfzus Elizabeth gaan dienen. Mary wil blijven vechten voor haar status als ware erfgenaam en haar geloof – en dat zal haar niet altijd in dank worden afgenomen.

Een klein fijn boek over de eerste vrouwelijke koningin van Engeland (als je Jane Grey niet meetelt) dat een inzicht probeert te geven in de vrouw achter Bloody Mary.

The women of Troy (De vrouwen van troje) – Pat Barker

Na de val van Troje zijn alle Trojaanse mannen, kinderen en baby’s afgeslacht door de Grieken en de vrouwen verdeeld onder de grote overwinnaars. Briseis is na de dood van Achilles – van wie ze zwanger is – getrouwd met Alcimus en geniet daardoor iets meer vrijheid in het Griekse kamp. Die gebruikt ze om de vrouwen te helpen. Koningin Hecuba wiens man Priamus onbegraven op het strand ligt, prinses Cassandra die voorspelt dat haar huwelijk met Agamemnon diens dood zal worden, Hector’s weduwe Andromache wiens baby is vermoord door Pyrrhus, Achilles’ zoon én natuurlijk Helena die terug bij haar man Menelaos woont.

Afsluiten doen we met een topper van Barker die het succes van ‘De stilte van de vrouwen’ weet verder te zetten. We volgen de Trojaanse vrouwen na de val van hun stad wanneer ze als slaven wachten op een gunstige wind om hun vaderland voorgoed achter te laten. Dit boek is kleiner in opzet dan het vorige, maar nog steeds goed geschreven.

Heb jij veel gelezen deze zomer? Zaten daar aanraders tussen die je wil delen?

Een terugblik op de zomer

Een terugblik op de zomer

En plots zijn we september. Het is belachelijk hoe snel deze zomer (en daar tel ik juni graag bij) voorbij is gevlogen. De eerste zomer in vijf jaar die niet in teken stond van bouwen. Een zomer met dus best wat sociale activiteiten en jammer genoeg ook best wat regen. Het leek me leuk om even terug te blikken, want ik heb veel fijne momenten achter de rug die hier nog niet zijn gepasseerd.

Juni

Begin juni waren woonden we één maand in ons nieuwe huis. Dit zorgde voor nog best wat administratie met EPB en ventilatiekeuring, kadastraal inkomen aanvragen etc. Ik had het nog moeilijk met de overgang maar begon wel al plannen te maken.

Tijdens het eerste weekend van juni trouwde mijn schoonzus, een dag waarop ik geen foto’s heb gemaakt zo blijkt. In die periode switchte ik ook naar een nieuwe telefoon, misschien daarmee :). Ik trok in het bloedhete tweede weekend met een aantal collega’s naar een quiz voor het goede doel. Het was een toffe en zweterige avond. Mijn team werd derde, de andere Statikteams bezetten mee plaats 2 tot 5. We waren goed aanwezig en dat deed onze collega die mee organiseerde duidelijk veel deugd.

Hoogtepunt van juni was het dubbele Werchterweekend met Werchter Boutique en Classic. Ik ben eigenlijk nooit een festivalmens geweest. De gewone Rock Werchter zegt me al jaren niets meer. Maar nu kwam mijn all-time favorite artiest P!nk headlinen op Boutique. Het was nog maar de tweede keer dat ik haar live aan het werk zag en het was GE-WEL-DIG. De setlist zat goed in elkaar en was een goede mix van hits en toch ook wat nieuwe songs. Waanzinnig.

Bij Bruce stonden we pak verder van het podium 😀

De dag erna trokken we opnieuw naar de wei met de schoonouders voor Bruce Springsteen. We vertrokken wel al tijdens de bisnummers omdat we geen zin hadden in file aan de fietsenstalling en ik nog best moe was van de dag ervoor.

In diezelfde week vertrokken het lief en ik voor het werk naar Londen. We gingen twee dagen inspiratie tanken op een conferentie (UX Londen) en hebben er dan nog een weekend aan vast gebreid. Het was warm in Londen, net als het jaar daarvoor, en het maakt de stad nog fijner dan die anders al is. Londen verveelt nooit.

We gingen eten bij Gloria – wat al lang op de lijst stond. Wandelden op onze vrije avonden door de bekende delen van de Britse hoofdstad om dan op zaterdag Marylebone en King’s Cross wat te verkennen. Hoogtepunten waren ons bezoek aan The Wallace Collection – wat een tof museum! – en het uitzicht vanaf Primrose Hill. Gek eigenlijk dat ik daar nog nooit geweest was.

Amai, Londen lijkt alweer eeuwen geleden, maar deze foto’s doen me terug dromen van een volgend bezoek.

Na Londen organiseerde mijn team de maandelijkse sociale avond nog eens. We speelden board games en kookten een driegangenmenu voor de groep. Op één of andere manier is er altijd veel en goed eten als wij organiseren :D.

Juli

In juli werkte ik traditioneel door, terwijl de eerste collega’s op verlof vertrokken. Ik gaf een fijne opleiding aan een leuke klant in Brussel en die avond gingen we ook kanoën op de Dijle in Leuven. Dat was een hele beleving want in tegenstelling tot een kajak, die redelijk stabiel zijn, is een kano dat niet. We zaten met drie in een kano en hoe dichter bij Leuven, hoe complexer het parcours om daar te raken. Wij kieperden dus om en hebben regelmatig vast gezeten in de struiken of op kapotte fietsen – lang leve Leuven.

De begeleiding was jammer genoeg niet zo top, dus ik was redelijk ambetant tegen het einde van de tocht (en de begeleider had dat wel door vrees ik 🫣). Maar we praten nog steeds over deze avond, dus het was wel memorabel 😅.

In juli pikte ik ook nog eens een liveconcert van Stan Van Samang vlakbij huis mee en ging ik met een vriendin naar Beleuvenissen waar we de Oekraïnse band Go A aan het werk zagen. Ik kende ze niet, maar de sfeer was geweldig. Ik ben fan geworden.

Er kwamen vrienden langs om het huis te bekijken. En ook de collega’s waren een avond van de partij om alles te inspecteren 😁. We bleven op een random zomeravond na het werk wat langer hangen op ons dakterras met de ‘harde kern’ en een paar glazen cava. De coronajaren voelden plots al een eeuwigheid voorbij. Ondertussen reden de dames een geweldige Tour De France femmes die ik zeer actief volgde.

Het laatste weekend van juli stond ik om 5u op om de Thalys naar Parijs te nemen. Ik had de vrijgezellen van één van mijn beste vriendinnen gemist omdat ik toen in Londen zat. En dus gingen we als alternatief naar Parijs. Ook niet slecht hé.

Bovenstaande foto’s zijn op dezelfde dag getrokken en illustreren hoe’n vreemd weer het was. Hevige regenbuien terwijl het wel 20 graden was en dus wanneer het niet regende was het warm in de zon.

Het hoogtepunt was redelijk letterlijk ons avondlijk bezoek aan de Montparnasse toren met een prachtig uitzicht over ‘De Lichtstad’.

Op onze tweede dag trokken we o.a. naar de jardin Du Luxembourg, het pantheon, de grote moskee en eindigen deden we in Montmartre. Ik ga hier sowieso nog wel eens iets aparts over schrijven denk ik.

Augustus

Ondertussen was het weer in België op zijn zachtst gezegd herfstig te noemen met ellenlange regendagen. De eerste twee weken van deze maand bleven we werken – ik was het ondertussen goed beu want het was te rustig naar mijn goesting. Op weg van een klantenmeeting terug naar kantoor verzwikte ik dan ook nog eens mijn enkel. Redelijk serieus want op het einde van de dag was die flink gezwollen. Ik heb daarna enkele dagen op de zetel doorgebracht en vreesde voor onze vakantie.

Gelukkig kwam mijn voet helemaal in orde tegen dat ik mijn out of office kon aanzetten. We gingen uiteten met ons dansgroepje en ik trok naar het verjaardagsfeestje van de vriendin waarmee ik naar Parijs was geweest. Dansen tot een kot in de nacht lukte ondertussen met de voet, al sprong ik nog op één been voor de zekerheid 😅. Ook weer geen foto’s van die avond, maar amai – het was zalig!

En dan was het eindelijk tijd voor onze vakantie naar Ierland en Noord-Ierland. We verbleven twee nachten in Dublin en vijf nachten in Belfast. Dat hadden we goed ingeschat want hoewel Dublin mooie plekken heeft, voelde ik er de vibe niet. We gingen er wel wandelen aan de kust, wat heel mooi was. In Belfast voelde ik me wel meteen thuis. Ook vanuit die stad deden we enkele toffe uitstappen.

In Balintoy aan de Causeway coast van Noord-Ierland

Belfast had gewoon die vibe die ik graag heb in een stad. Niet op en top toeristisch, leuke hippe eetplekken, veel street art en een aantal toffe plekken met geschiedenis, architectuur en een musea. Na 7 dagen citytrippen en wandelen langs kusten met dagen van gemiddeld 22.000 stappen was mijn kaars wel uit. We kwamen beiden thuis met een beginnende verkoudheid die nog steeds niet helemaal achter de rug is.

Zoals verwacht bleken Ierland en het Noorden mijn ding. En geen zotte temperaturen zoals in het zuiden van Europa op dat moment. We hadden een paar dagen met regen, en gelukkig vaker zon en droog. Verslagjes komen er zeker nog aan.

In mijn sas in Belfast

De laatste dagen vakantie werden thuis doorgebracht. We gingen nog een dag naar de sauna, trokken naar Brussel voor een bezoek aan het legermuseum (met de Museumpas) en geweldige pizza bij La Pizza è Bella (verkozen tot 5de beste pizza van Europa, de niet zo vriendelijke bediening moet je er dan maar bijnemen).

Het legermuseum deden we vooral omdat ze onlangs hun zalen met harnassen en historische objecten hadden vernieuwd – en tja, ik ben fan van harnassen 🙈. De andere zalen zijn nog veel meer zoals vroeger en onder constructie. Er is dus nog wat werk aan de winkel om het te moderniseren. Maar ze komen er wel.

Legermuseum, Brussel

Op mijn 30ste verjaardag deed ik tijdens de dag niet bijster veel want ’s avonds werd ik verwacht op twee trouwfeesten. Twee collega’s uit mijn team trouwden per ongeluk op dezelfde dag (wat dus ook nog eens mijn verjaardag was). Ik ging met ons team eten bij de ene en dansen bij de andere. Het werd half zes voor ik in bed lag en was dus een geweldige avond – waar geen foto’s van zijn want ik was te druk bezig met dansen.

En zo was deze mooie zomer weer voorbij. Ik hoop stiekem nog op een Indian Summer want heel veel zon heb ik niet kunnen meepikken. Maar het is wat het is. Dit najaar staan er minder grote plannen op de agenda. September is veel rustiger en hoop ik te gebruiken om toch nog wat klusjes in huis te doen (en eerst van die mottige verkoudheid af te geraken). In oktober hebben we twee trouwfeesten van vrienden en in november trekken we naar Rome. Genoeg om naar uit te kijken dus.

Hoe was jouw zomer?

Londen #17: blikvangers in Aldgate en The City
cof

Londen #17: blikvangers in Aldgate en The City

In juni 2022 trok ik nog eens naar mijn favoriete stad Londen. Omdat ik al wel vaker over de Britse hoofdstad heb verteld, focus ik voor deze trip in mijn verslagjes op de nieuwe dingen die ik er heb gedaan.

Deze keer verbleven we in Motel One Tower Hill, een Duitse keten die ook in Londen een hotel heeft. Ondertussen is het al veel duurder geworden, net als alles in Londen. Motel One heeft kleine kamers die in orde zijn. De echte troef is de locatie. Je bent op een tiental minuten stappen van Spitalfields en Brick Lane, op 1 minuut ligt de metrohalte Aldgate met een verbinding met de Circle line en in 5 minuten sta je aan The Tower Of Londen en dus ook Tower Bridge.

Het was al de tweede keer dat we verbleven in deze coté van Londen, maar blijkbaar heb ik nog nooit mijn favorieten van The City en Aldgate uit de doeken gedaan. The City is een superrijk zakendistrict met eigen wetten, terwijl in Aldgate en nog verder in East Londen het door de eeuwen heen armoede troef was. En nog steeds is het leven er hard. Twee uitersten zeg maar.

The Tower Of Londen moat

In juni 2021 vierde Queen Elizabeth II 70 jaar op de troon. Historic Royal Palaces, die o.a. instaan voor The Tower Of Londen, kwam op het idee om de brede slotgracht die rond het gebouw huist in ere te herstellen en het vol te planten met bloemen. Maar dus echt vol vol! Het concept heette Superbloom. Je kon een unieke wandeling boeken in de gracht. Als grote fan van The Tower liet ik me dat geen twee keer zeggen.

Het was ook een unieke kans om dicht bij de buitenmuren van The Tower zelf te komen.

Ook al waren we er in de tweede week van de opening waardoor de bloemen nog niet voldoende in bloei stonden, dat kon de pret niet bederven. Er was zelfs een heuse glijbaan aangelegd, er werd bijpassende muziek gespeeld en er stonden allerlei informatieborden over de slotgracht door de eeuwen heen. Zo werd deze gedraineerd wegens geuroverlast en kwam de gracht weer volledig onder water te staan in 1928 toen the Thames overstroomde.

Happy kiddo 🙂

The Tower Of Londen bezochten we zelf niet (dat deed ik al eerder, hier kan je dat verslag lezen). Vanaf dit jaar (2023) kan je ook de slotgracht bezoeken als deel van je ticket. En dus wil ik graag nog eens terug.

All Hallows by The Tower

Veel minder bekend dan The Tower is de All Hallows kerk vlakbij. Het is nochtans één van de oudste kerken van Londen. De kerk zou gesticht zijn in de 7de eeuw, maar er werden ook Romeinse opgravingen gevonden. De kerk ontsnapte nipt aan de grote brand in Londen van 1666. Vandaag kan je de All Hallows gratis bezoeken. Wij gingen binnen een kijkje nemen en ontdekten een minimuseum.

Het interieur van de kerk is niet zo speciaal, maar het wordt wel fascinerend wanneer je afdaalt naar het museum. Eerst kom je voorbij de Saksische muur uit de 7de eeuw, nadien passeer je langs de crypte, een verdoken kapel en dus ook de restanten uit de Romeinse tijd. In de crypte hoor je de metro iets verderop razen. Je waant je hierbinnen op een plek die niet op haar plaats lijkt in deze moderne tijd. All Hallows staat maar wat verdwaald naast die grote skyscapers verderop.

Soit aanrader voor op je Londenlijstje, want weinig bezoekers vinden de weg hiernaar en dat maakt het nog authentieker.

St. Dunstan in the East

Veel bekender is de ruïnekerk van St. Dunstan in the East. Toen ik er de eerste keer was in 2017, was het er vredig rustig. Vandaag staat dit plekje in elke reisgids of op elke blog en het was er dan ook druk. Deze kerktuin is een van de verborgen parken in the City. Nu ja, verborgen :).

De tuin is aangelegd in de ruïne van de St. Dunstan’s kerk die wel werd geraakt door de grote brand van Londen. Niet onherstelbaar, maar wanneer de blitzkrieg ook in 1941 nog langskwam, werd besloten om niet meer herop te bouwen. En nu is het dus een openbare ruimte waar locals en toeristen samen in de zon op een bankje zitten.

The garden at 120

Voor iedereen die de Sky Garden is vergeten boeken, blijkt The garden at 120 -ook in Fenchurch Street- een goed alternatief. Je kan gratis naar het groene dakterras (wel even langs security), waar je je tussen de enorme glazen flatgebouwen waant. Dit moet ook de moeite zijn tijdens de zonsondergang, daarvoor moet ik nog eens terug.

Postman’s Park

Nog een groene oase midden in The City: Postman’s park. Hier staat een monument opgedragen aan helden die zichzelf hebben opgeofferd. Mensen die dus zijn gestorven terwijl ze zelf iemand anders redden. Intrigerend.

Christchurch Greyfriars Church Garden

En de laatste verborgen tuin met nog een ruïnekerk in de hoofdrol is die van Greyfriars. Ook deze kerk viel prooi aan de grote brand, werd nadien weer opgebouwd door de architect Wren (net als St. Pauls), maar vernietigd tijdens de Blitz. Nu is het dus een openbare tuin en de bloemen zijn zo aangelegd dat ze de structuur van de originele kerk volgen.

Jack The Ripper Tour

Terug even naar Aldgate. Vroeger stond er een fameuze Romeinse stenen muur tussen The City and wat nu Aldgate is. En na een bepaald uur sloten de toegangspoorten. De armen woonden buiten de muren. En het is ook in deze buurt dat de beruchte seriemoordenaar Jack The Ripper zijn slachtoffers uitkoos.

Elke avond gaan er tientallen Jack The Ripper tours door. Wij kozen voor die van London with a local en hadden een sympathieke gids die vooral de verhalen van de 5 vrouwelijke slachtoffers uit de doeken deed. Wie Jack The Ripper echt was en waarom hij deze gruweldaden beging zullen we wellicht nooit weten. De wandeling duurde twee uur en ging van Tower Hill naar Spitalfields. Eigenlijk bleven we vooral wandelen rond ons hotel, wat dus blijkbaar midden in het moordgebied staat.

Ik vond de wandeling boeiend, maar lang. Het was veel uitleg en weinig wandelen (omdat de plekken niet zo ver uit elkaar lagen).

En zo, dat waren voorlopig mijn favoriete plekken in the city en Aldgate.

Heb jij een favoriete buurt in Londen?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Geen ordinair leven
oznor

Geen ordinair leven

Ik ben een trouwe fan van Flow Magazine, al loop ik gemiddeld enkele edities achter met lezen – alleen daarvoor zou een extra week vakantie al handig zijn. Een vaste rubriek is dat ze in elk nummer minstens één portret brengen van een bekend persoon – vaak een vrouw. Soms is de persoon in kwestie al overleden – soms vertelt ze zelf haar verhaal. Het gaat vaak om vrouwelijke schrijfsters, filosofen of kunstenaars. Om voorvechters. Om vrouwen die leefden in een tijd dat ze moeilijk konden zijn wie ze waren en die daardoor opvielen.

Los van een vaak moeilijke jeugd en dus heel wat uitdagingen tijdens hun leven om taboes en mannelijke patronen te doorbreken, merk ik dat die vrouwen zelden een gewoon, ordinair leven leiden. Zeker op vlak van de liefde. Heel vaak hebben deze vrouwen meerdere mannen in hun leven gekend – mannen die veel ouder of net veel jonger waren dan hen, slechte mannen, vluchtige mannen… Ze hebben ook vaak geen gemakkelijke band met hun kind(eren). Om van alcohol-, drugsproblemen of depressies nog maar te zwijgen.

Natuurlijk is het minder boeiend om een portret te brengen van een vrouw die gelukkig getrouwd is gebleven met twee kinderen en binnen dat typische plaatje haar stempel op de wereld heeft gedrukt – het is net vaak het punt dat deze vrouwen de typische patronen proberen doorbreken. Creativiteit en innovatie komt meestal voort uit felle emoties: hevige liefde, intens verdriet of andere problemen. Kunst ontspringt net op die felle momenten.

Maar het maakt dat er weinig is om jaloers op te zijn. Deze vrouwen hebben zelden een gemakkelijk leven. En hoe hard ik soms ook de wereld zou willen helpen veranderen – ik weet niet of ik mijn ordinair en in vergelijking eerder simpel leven daarvoor aan de kant zou willen schuiven. Ook al hebben we veel te danken aan zij die dat wel hebben gedaan.

Heavy is the heart that wears the crown – dat geldt jammer genoeg ook voor veel beroemdheden of bekende artiesten.

Zou jij willen ruilen?

Kwakkelen
oznor

Kwakkelen

Ik dacht altijd dat het begrip ‘kwakkelzomer’ dialect moest zijn, maar toen ik op verschillende nieuwssites kwakkelweer en kwakkelzomer tegenkwam twijfelde ik daar plots aan. De Van Dale schept duidelijkheid:

kwak·ke·len (kwakkelde, heeft gekwakkeld)
1 een slechte tijd doormaken; = sukkelen
2 afwisselend vriezen en dooien
3 vaak een (lichte) ziekte hebben

Niets dialect dus. Het is effectief kwakkelweer geweest de afgelopen weken. En samen met weer kwakkelde ik mee. Mijn humeur ging op en neer, net als mijn goesting. Ik had een aantal productieve dagen op het werk en een aantal ontzettend onproductieve dagen wegens de jaarlijkse zomerrust. Mijn gezondheid kwakkelt ook mee. Van energieke dagen naar keelpijn, moeheid en weer terug.

Toen ik anderhalve week geleden mijn voet verstuikte en een dikke twee dagen op de bank moest doorbrengen met zicht op de aanhoudende regen was het vat vol. Ik had er genoeg van. Is dit nu de eerste vrije zomer na 5 jaar bouwen?

Ik heb het even gehad met dat kwakkelen. Met dat aanhoudende op en neer, met dat sukkelen. Ook al is het misschien wel de samenvatting van het leven – de ene dag gaat het goed, de andere wat slechter. Ook al is het mentaal best vermoeiend om op die slechte dagen te relativeren, het deed me allemaal wat denken aan dat kinderliedje dat we zongen wanneer er gewandeld moest worden. ‘Zo gaat het goed, zo gaat het beter, alweer een kilometer.’ Vooruit gaan (al is het op één been 😅) en positief denken (alweer een dag dichter bij de zon), daar draait het toch om?

Ik kwakkel dit weekend mijn vakantie in – gelukkig ondertussen terug op twee voeten. En je raadt het nooit: terwijl hier in België de zon gaat schijnen, blijft het kwakkelweer in Ierland. Maar ach, ook dat kwakkelen went op den duur, toch?

En hoewel het Belgische weer ons deze zomer anders heeft willen doen geloven: het regent zo goed als nergens de volledige dag. Het is aan ons om de zon tussen de wolken op te merken.

Ben jij blij met de terugkeer van de zon? Heb je nog vakantie in het vooruitzicht?