In deze rubriek vertel ik jullie wat er leeft tijdens dat spreekwoordelijke laatste uur voor ik ga slapen. Welke boeken ben ik aan het lezen? Aan welke series ben ik hooked? En wat is er de afgelopen maand allemaal gebeurd?
Gelezen
Niet bijster veel wegens een heel drukke maand. En mijn treinboek was best een klepper. The king’s curse van Phillipa Gregory vertelt het verhaal van Margarat Plantagenet Pole. Een ware Tudorroman die heel wat gebeurtenissen beslaat. Margaret heeft een interessant leven geleid, alleen wist Gregory het jammer genoeg niet altijd even interessant te houden. Ik heb het gevoel dat ze steeds minder goede boeken aflevert. En dat ik me dus een tijdje ga richten op andere historische auteurs.
Mijn huidig thuisboek is er nog eens eentje over het Oude Rome en daar geniet ik altijd zo van. Imperium is het eerst boek van Robert Harris over Cicero. Het wordt wat afgedaan als een juridische thriller. Wat ik misschien wat overdreven vind, maar er zitten heel wat leuke stukken in en ik kan de Latijnse nerd in mezelf weer wat naar boven halen ;).
Gekeken
De eerste twee afleveringen van Gentleman Jack, de nieuwe zondagavondfictie op BBC. Het gaat over Anne Lister in de 19de eeuw. Zij is grootgrondbezitter en voor de vrouwen. Beetje een speciale stijl tot nu toe en ik ben nog niet helemaal overtuigd.
Meegemaakt
Drie dansshows afgewerkt en daarmee ook mijn 19de dansjaar afgerond. Zoals altijd was dat een pittig weekend met blauwe knieën en spierpijn tot gevolg.
Veel gewerkt aan #projecthuis, zoals je al kon in lezen in dit bericht. Dat zorgde voor betrekkelijk minder self-care deze maand.
Dat zorgt ook voor wat ziektekiemen momenteel. Jammer genoeg
Weer heel wat gesprekken op het werk. Goede gesprekken. Maar ook wel het besef dat we nog allemaal wat meer voor elkaar moeten zorgen.
Uitkijken naar
Etentjes en leuke sociale dingen
Een dagje verlof
Again. Rust en een gezond lichaam
Geblogd
Veel te weinig, maar er kwam wel wat online gelukkig!
De titel van deze post is misschien wat misleidend. Misschien doe ik dat ook wel een beetje met opzet ^^.
Want zonder er teveel MBTI bij te halen. Je hebt feelers (mensen waarbij zaken een fractie van een seconde sneller binnenkomen via de buik dan het hoofd) en je hebt thinkers (mensen waarbij zaken een fractie van een seconde sneller binnenkomen via het hoofd dan de buik). Meestal zijn vrouwen feelers en mannen thinkers. Maar het omgekeerde bestaat zeker voor 1/4de in de samenleving ook.
Thinkers focussen zich op de inhoud van een gesprek (Wat wordt er gezegd? Ben ik daarmee akkoord), feelers op de toon (Hoe zegt die persoon dat? Hoe voel ik me daarbij?). Wat wil zeggen dat we fundamenteel anders reageren op een conflict of een probleem bijvoorbeeld. Omdat wij andere zaken definiëren als een conflict.
Ik ben een die hard feeler, in die zin dat emotie heel sterk binnenkomt bij mij en me zelfs compleet doet afwijken van de inhoud van een conflict. Ik ervaar een conflict als iemand iets zegt op een manier die me kwetst. Ongeacht of de inhoud juist is of niet. Onterechte kritiek zal door een thinker rationeel afgedaan worden als gezever, voor een feeler ligt dit anders. Die blijft daar over malen, want er was iemand onvriendelijk en de harmonie is stuk. Ook al heeft die persoon ongelijk. Dat maakt niet uit. Het gaat om het gevoel dat ze erbij hebben.
Die drang naar harmonie zorgt er ook voor dat ik vaak dingen laat passeren omdat de relatie met die persoon belangrijker is voor mij dan het inhoudelijke argument winnen. Maar dat gevoel blijft desondanks nog wel even hangen.
Dat zorgt er ook voor dat ik op een lager niveau soms frustraties ervaar en daar wil over praten. Venten noem ik dat. Even afgeven als iemand iets vervelends zei of deed. Als iets oneerlijk is. Als ik mij niet betrokken voel. In 80% van de gevallen is er eigenlijk helemaal geen probleem rationeel gezien, maar voel ik emotionele onrust die ik eruit moet praten. Of schrijven.
De standaard reactie van een thinker (lees het lief, mijn vader, de bazen…): “Ah dat is simpel. Je kan dat zo oplossen.” of nog erger “Maar dat is toch geen probleem?”.
Ik weet niet, lieve lezer, of jij een feeler bent, maar als je dit wel bent dan zou je eigenlijk al bijna aan het roepen moeten zijn tegen het scherm. Want hoewel wij emotionele mensen zijn, zijn we niet dom. Wij beseffen heel goed dat er geen probleem is, of dat er een makkelijke oplossing is. Met die reactie ben ik dus absoluut niets.
Wij zoeken ook niet naar een oplossing als we aan het praten zijn over hoe we ons ergens bij voelen. Wij hebben gewoon nood om er even over te praten. En eens heerlijk af te geven. Soms is het nodig om daarbij te wenen. Soms beginnen we niet zo vriendelijke dingen te zeggen over iets of iemand. In mijn geval ook vaak over mezelf. Maar dat is puur omdat we ons gekwetst voelen. Omdat er iets leeft in ons hoofd dat eerst is binnen gekomen via de buik en allerlei reacties in gang heeft gezet.
Dit is reden waarom vrouwen doorheen de eeuwen als emotioneel onstabiel en onbetrouwbaar worden gezien. Omdat we soms zo emotioneel kunnen reageren. Nu is dit dus helemaal geen genderding, maar een persoonlijkheidskenmerk en kan een man op exact dezelfde manier reageren (misschien met iets minder tranen en meer cynisme, dat wel).
Dus aan alle venten -euh- thinkers. Laat ons soms gewoon even ventileren en aangeven waarom we ons gekwetst voelen. We weten ook wel dat dit zal overgaan en dat het eigenlijk geen issue is. Maar we voelen daar iets bij en voelen de nood om dit uit te spreken. Dramaqueens of -kings zijn we met momenten, maar dat is onze manier om iets verwerken.
Als ik zelf mocht kiezen zou ik graag een thinker zijn. Met een focus op het puur rationele en minder emoties die blokkerend in de weg zitten. (Het gaat hier om het in de weg zitten, het is niet zo dat thinkers minder emoties hebben, absoluut niet). Maar helaas hebben we dat niet te kiezen ;).
Even heel veel schrik dat ik over de grens zou gaan richting een crash.
Even puffen want het was meer dan warm genoeg om door te werken.
Even doorbijten en proberen blij te zijn met het resultaat. Want er is echt wel hard gewerkt.
Even balen bij de start van een nieuwe werkweek. Want wanneer kan ik nu eigenlijk rusten?
Even op adem komen en dromen van betere tijden.
Even gewoon zondag.
Er staan echt wel nog meer berichtjes in concepten hoor, maar ik wou jullie even (pun intended ja!) een korte update geven in de vorm van dit lijstje ;).
In de categorie Annelies vindt het soms zo zalig om eens goed ironisch af te geven op onze maatschappij, presenteer ik jullie deze exclusieve gids. Het is een sequel op die andere gids, die ongetwijfeld jouw leven heeft veranderd. Nog ingrijpender dan Marie Kondo of Gretchen Rubin.
Want ik zou ik niet zijn als ik jullie, mijn allerliefste lezers, af en toe wil helpen. Er bestaan nu eenmaal heel wat onduidelijkheden over millennials. Ik ga deze uit de wereld proberen helpen. Oké, neen, ik ga er mee lachen ;).
Opgelet deze post kan sporen van sarcasme, vooroordelen en veralgemeningen bevatten. Wie allergisch is voor bovenstaande zaken leest maar beter niet verder. Wie zijn gevoel voor humor heeft laten amputeren bij zijn geboorte stopt ook best nu met lezen. Zeg niet dat ik u niet gewaarschuwd heb.
Zoals ik al zei bestaan er veel onduidelijkheden over millennials. Om te beginnen al hoe je het schrijft. Want is het nu millenial, milennial of millennial? Gelukkig voor de millennial zelf is zijn schrijvend leven pas begonnen na de nieuwe spelling uit 1993 waarin insekt insect werd enzoverder. Ik zei ‘gelukkig’ want zoiets simpel als heten en noemen juist gebruiken blijkt al een mega opgave.
Maar hoe oud is de millennial dan? Algemeen wordt aangenomen dat millennials tussen de 18 en de 35 jaar oud zijn. Maar dit wordt al zeker een kleine tien jaar zo aangenomen…. Er zit dus wat speling op.
Millennials doen aan job hoppen. Wanneer ze eindelijk afgestudeerd zijn willen ze graag werk vinden om ervaring op te doen, maar ze vinden geen job wegens te weinig ervaring. Daarom nemen ze een job aan onder hun competenties. Want de financiële crisis heeft hen geleerd dat zekerheid belangrijk is. Die job verlaten ze na een tijdje opnieuw omdat ze er geen kansen krijgen of zich dood vervelen. En daardoor krijgen ze het verwijt dat ze niet snel tevreden zijn.
Sommige millennials trekken al eens een jaar rond de wereld tijdens een zogenaamd sabbatjaar. Veroorzaakt door het feit dat ze geen werk vinden. Tijdens deze reis komen ze tot zichzelf. Wat dat ook mag betekenen. Bij thuiskomst starten ze een yogaschool of schrijven ze een boek, maar enkel Eva Daeleman wordt daar rijk van.
Millennials zijn lui. Zo werken ze meer uren dan eender welke generatie ooit en komen ze stikdood thuis. Ze hebben dan het lef om enkele uren in de zetel aan Netflix en chill te doen, terwijl ze eigenlijk ook huizen op Immoweb hadden kunnen kijken die ze niet kunnen betalen.
Millennials zijn verknocht aan technologie. Gelukkig maar, anders zouden ze nog op de trein naar de klaagzang moeten luisteren van die mevrouw over haar kleinkinderen. Nu biedt het bekijken van de Instagram Stories van je neefje van 12 redding.
Millennials denken enkel aan zichzelf. Zo durven ze hun mening openlijk verkondigen. In plaats van te zwijgen en te slikken zoals de vorige generaties dit altijd deden.
Millennials zijn niet serieus. Het zijn echte partybeesten, voortdurend op reis en niet bezig met de toekomst. Of dat denk je toch als je hun Instagramfeed ziet. Zei iemand Netflix en chill?
Babyboomers verwijten millennials dat ze het allemaal makkelijker hebben dan zij vroeger… Want wat hebben zij te klagen? Ze willen veel te veel hé en ze willen het zonder er moeite voor te doen. Zoals bijvoorbeeld aangenomen worden op een job die ze leuk vinden of een betaalbaar huur- of koophuis. Wat arrogant van hen dat ze denken daar recht op te hebben.
Millennials hebben last van sociale druk, twijfels, keuzestress en meer kans om een burnout te ontwikkelen. Kan iemand hen dat kwalijk nemen?
Oeps, het werd misschien niet alleen een ironische post, maar ook een licht cynische. Misschien omdat ik deze keer zelf onder de definitie val ;).
Begin november 2017 ging ik 4 dagen de winterzon opzoeken in het Spaanse Sevilla. Ik had niet echt verwachtingen van deze stad waardoor ik omver werd geblazen door de schoonheid, gezelligheid, palmbomen, het eten <3.
Vorige keer lazen jullie over twee Spaanse casas waaraan ik mijn hartje verloor. Casas de Las Duenas bleek de perfecte namiddagactiviteit op onze eerste dag. In de voormiddag verkenden we een van de minder toeristische wijken. Misschien niet de meest logische keuze om onze citytrip te starten, maar we kregen meteen heel wat lokale sfeer mee.
Macarena & Feria
La Macarena is een oude volkswijk met smalle straatjes, veel kerken, kloosters én oeroude tradities. De buurt was in verval geraakt en is begin jaren 2000 wat heropgewaardeerd, onder andere met de bouw van Metropol Parasol. Waardoor nu voornamelijk de buurt rondom het Alameda de Hercules een hippe en arty wijk is geworden.
We ontbeten als prinsessen bij La Cacharreria de Sevilla. Ik post niet vaak foodfoto’s, maar deze is de moeite waard.
Met een goedgevulde maag wandelden we al meteen voorbij de bekende parasollen, die we nog links lieten liggen.
Wat meteen opvalt zijn de honderden kerken met prachtige torens die we tegenkomen. De meeste kerken zijn, net als de bekende kathedraal, gebouwd op de funderingen van vroegere moskeeën en die moorse elementen vind je nog wat terug in hun uiterlijk. Vooral de torens doen nog heel ‘minaret’ aan.
De barokke kerk Iglesia de San Luis de los Franceses is dan weer iets helemaal anders. Er bestaat geen twijfel over dat deze kerk op en top katholiek is. Een protserige voorgevel zoals wij zeggen. Wie protsig niet kent komt al ver met weelderig, maar dan op een negatieve manier ;).
In Macarena vind je nog goed bewaarde overblijfselen van de oude stadsmuren, waar Caesar himself ooit de opdrachtgever van was. Ook de gele toegangspoort El arco de la Macarena staat nog overeind.
Als je door de poort loopt kom je aan de basiliek van Macarena, één van de belangrijkste religieuze plekken van de stad. Ook toen wij er waren zat de kerk vol voor een misdienst. De benaming Macarena heeft trouwens niets te maken met de gelijknamige dans. De wijk is genoemd naar El virgin de Macarena, de heilige waaraan de basiliek is gewijd. Eén keer per jaar gaat er een heuse optocht door de stad met het beeld van La Macarena, dat je dus in deze kerk het hele jaar door kan gaan bewonderen.
Voor wie meer wil weten over de mudejarstijl kan naar het Centro del Mudéjar in het Palacio de los Marqueses de La Algaba (een hele mond vol), dat gratis te bezoeken is. Mudejar betekent letterlijk ‘hij die mocht blijven’ en dat slaat op de moorse elementen die werden getolereerd en zich vermengd hebben met onze Christelijke cultuur. Het was de eerste patio die we zagen, maar heel spectaculair was hij niet. In het museum keken we wat tegeltjes en lazen we wat meer over mudejar in en rond Sevilla. Leuke introductie!
Vervolgens trokken we naar het Alameda de Hercules, wat een levendig plein werd genoemd. Maar blijkbaar leeft dit voornamelijk ’s avonds en is dit de uitgangsbuurt van de stad.
Ooit was dit de grootste openbare tuin van Europa vol beelden. Daarvan zie je nu nog twee pilaren staan met onder andere een beeld van Caesar on top.
Hierna hadden we een hongerke en aten we onze eerste en beste tapas van de reis bij La Huerta Mediterranea. Eenvoudige kip met curry en moussaka smaakten nog nooit zo lekker. Zware aanrader!
Met een volle maag bezochten we Casas de Las Duenas. Maar dat was niet onze laatste stop van de dag. Want we hadden deze morgen natuurlijk Las Setas gespot en het beloofde een heldere zonsondergang te worden.
Metropol Parasol
Of het nu parasollen of paddestoelen zijn, daar ben ik nog niet uit, maar Las Setas roept bij iedereen wel een mening op. De enorme houten constructie (de grootste ter wereld) is niet bij elke local even geliefd en kreeg vandaar de niet zo rooskleurige bijnaam Las Setas, oftewel paddestoelen. Onder de parasollen vind je opgravingen uit de Romeinse tijd en een overdekte markt.
Maar wij wilden natuurlijk naar boven. Voor drie euro mag je van het uitzicht genieten en krijg je er een nog drankje bij. Opgelet: dit gratis drankje krijg je niet op het terras, maar beneden bij het naar buitengaan. Dat is niet echt duidelijk aangegeven.
De constructie is echt wel groter dan je denkt. Je kan er zeker even op rondwandelen en het uitzicht is fantastisch. De parasollen staan pal aan het einde van Macarenawijk waardoor je een groots uitzicht hebt over het centrum tot aan de Guadalquivir. Met een frontaal zicht op de kathedraal met Giralda. Ondertussen was het golden hour en dat zorgde voor zeer mooie plaatjes.
La Macarena was een mooie eerste kennismaking met deze zuiderse stad en staat dus voor mij niet langer alleen voor dat dansje op een foute party ;).
Het is belangrijk om dankbaar te zijn voor die kleine alledaagse dingen die je blij maken. De lichtpuntjes die je door donkere of moeilijke periodes helpen. Als je goed rond je kijkt, zie je overal van kleine dingen die de dag een beetje beter maken. En daar wil ik regelmatig bij blijven stilstaan. Zodus deze rubriek.
Het lief liep maar liefst 40km ten voordele van Kom Op Tegen Kanker. Gelukkig was het dit jaar wel mooi weer om te gaan supporteren. Super trots
We wonnen een quiz. Super onverwacht eigenlijk, maar ook echt fijn om eens de winnaar te zijn :).
Palais Du Luxembourg in Parijs
Met een zeer groot uitroepteken! Parijs! Een stad die niet mijn stad leek, maar toch op veel momenten mijn stad was. En waar ik tegen alle verwachtingen in toch graag nog eens naar zou terugkeren.
Heerlijk weer in Parijs. Zo citytrippen zonder jas maakt alles toch nog net een beetje beter.
Een dagje naar Versailles. Mijn innerlijke prinses was zeer onder de indruk. Al was mijn outfit iets minder prinses-ig zoals je hieronder kan zien.
In Versailles en ja ook hier met mijn knalroze loopschoenen 😀
Die dag vakantie extra na de citytrip om uit te blazen. Ben ik blij dat ik mezelf dat heb aangeleerd :).
Project huis dat nu echt gestart is. Je ziet het vooruitgaan en voorlopig zonder al te veel problemen. Fingers crossed.
Goede gesprekken op het werk. Verandering is de enige constante en het is goed dat ik daar kan over praten om het allemaal verwerkt te krijgen.
Het zonnetje en de eerste ijsjes.
Met project huis en toch wel veel projecten op het werk en ook nog een opleidingstraject na de uren én een dansoptreden is elke seconde rust een lichtpuntje. Tijd voor mezelf is geen evidentie momenteel. Enjoy the little things is echt wel een must.
In deze rubriek vertel ik jullie wat er leeft tijdens dat spreekwoordelijke laatste uur voor ik ga slapen. Welke boeken ben ik aan het lezen? Aan welke series ben ik hooked? En wat is er de afgelopen maand allemaal gebeurd?
Gelezen
Omdat lezen met momenten noodgedwongen op een laag pitje komt te staan koos ik voor een boek uit de eigen kast, dan is er minder druk om deze uit te krijgen. De kroon is een historisch mysterie ten tijde van de reformatie in Engeland onder Henry VIII. Voor mij lag de focus op het verhaal en de personages eerder dan de historische setting die ik door en door ken. Ik vond vooral de personages echt goed uitgewerkt, maar het is geen boek dat me heel lang gaat bijblijven denk ik. Wel een ideaal boek voor deze drukke periode.
Ook op de trein koos ik voor iets minder moeilijk. De Schotse gevangene is het derde en laatste deel uit de Outlanderbijserie over Lord John. In dit boek speelt Jamie voor het eerst een hoofdrol en het leest dus als een trein. Ook al is het duidelijk een bijserie en schittert Gabaldon iets minder dan bij de Outlanderboeken zelf.
The bear and the nightingale is een lukrake keuze uit de bib. Het speelt zich af in Rusland en dan heb je mij meestal al mee. Het is fantasy, maar lichte fantasy gelukkig (ik lees eigenlijk nooit fantasy). Gaat over een meisje met een speciale gave zodat ze demonen ziet. Het is gebaseerd op Russische folklore. De eerste pagina’s nemen me wel meteen mee in het verhaal. Ik ben benieuwd wat er nog komt!
Gekeken
Weinig. Ik ben Poldark seizoen 4 aan het herbekijken ter voorbereiding op het 5de en laatste seizoen *snif snif*.
Meegemaakt
Drukte en stress. Schrijf ik wel mooi over mijn rode vlaggetjes, maar er zijn er een aantal aanwezig momenteel. Project huis, het werk, dansoptreden in zicht en een opleidingstraject na het werk zijn wat te veel allemaal momenteel. Op de tanden bijten even!
Veel dansrepetities.
Dus ook niet veel andere speciale dingen vrees ik :s. Sorry het is een saaie editie, I know.
Uitkijken naar
RUST
Beter weer
En verder is er ook al een vakantie geboekt voor juli. Een roadtrip in Roemenië. Transsylvanië meer bepaald. Het land van Dracula. Best hard uit de comfort zone, want ik ben chauffeur van dienst. Maar dat is nog net wat te ver om echt al naar uit te kijken.
Eerder vertelde ik jullie al over mijn rode vlaggetjes, oftewel de symptomen die optreden wanneer er stress is in mijn leven. Gelukkig zijn er ook heel wat zaken waar ik me goed bij voel. Wat neemt mijn stress juist weg?
Op tijd gaan slapen. Er is niets dat een slechte dag zo goed relativeert als slaap.
Schrijven. Als het op papier of op deze blog staat is het uit mijn hoofd en dat doet zo’n deugd soms.
Lezen. Of dit nu een boek of een magazine is. Lezen maakt me meestal rustig. Als ik me niet kan concentreren op een boek is het echt slecht met me gesteld.
Knuffelen met mijn katten (wetenschappelijk bewezen dat dit de bloeddruk doet verlagen). Of ja, als die niet in de buurt zijn dan maar met het lief ;).
Die smartphone wegleggen. Nog steeds een heel groot werkpuntje!
De verkregen offline tijd invullen met rustige activiteiten zoals puzzelen, kleuren, fotoboeken maken en kruiswoordraadsels invullen. Deze zaken komen er veel te weinig van.
Uitjes met vrienden. Restaurantavondjes, of gewoon thuis op de bank en uren praten over ditjes en datjes.
Muziek luisteren. Doe ik veel minder dan vroeger en probeer ik nu wat in mijn routine te krijgen terug. Meeschreeuwen, dansen… zalig toch!
Wandelen. Buiten zijn in de natuur en gewoon je voeten volgen.
Dansen, in de dansles dan. Al moet ik me er soms naartoe slepen. Eens ik er ben, heb ik daar nooit spijt van.
Naar de wellness gaan. En dan bedoel ik echt zoals het moet: naakt (want eik bacteriën tussen je huid en zwemkledij) en in de sauna zitten ook effectief. Afvalstoffen uitscheiden en je lichaam eens even goed laten vechten tegen al het slechte. Ik maak er het laatste jaar veel minder tijd voor. Ben nog geen enkele winter zo vaak ziek geweest als deze winter… Toeval? Misschien (niet).
Gezelschapsspelletjes spelen. Dit doe ik veel te weinig. Het lief is niet zo verzot op boardgames en met vrienden doen we dat zo vaak als het kan. Maar iedereen heeft zijn leven hé.
Nieuwe impressies op doen. Dat kan op reis. Maar eigenlijk is naar een museum gaan al goed genoeg. Tegenwoordig zijn kunstmusea grote favoriet. En kunst vind je natuurlijk ook op straat. En is zo ook combineerbaar met het wandelen ;).
Koers kijken. Het is de schoonste bijzaak ter wereld.
Soms kunnen series kijken ook zorgen voor ontspanning. Maar ik merk dat in gestresseerde periodes het moeilijk is om me helemaal te verliezen in een serie. Dan grijp ik te vaak naar de smartphone tijdens het kijken. Dus deze is wat dubbel.
Omdat Sevilla zo goed was meegevallen boekten Leen en ik een tweede citytripje naar Zuid-Europa. Zelf was ik nog nooit in Portugal geweest en hoewel ik ondertussen al weet dat ik hou van de mediterraanse sfeer wist dit land met zijn eigen accenten me heel erg te bekoren. We vertrokken midden april. De week na de paasvakantie was het allemaal wat rustiger en goedkoper. Het werden 5 dagen vol hoogtemeters, tuktuks, smalle straatjes, uitzichtpunten waar je tanden van uitvallen én kloosters. Amen.
Op onze tweede dag deden we de wijken Graça, Alfama & Castelo aan. Hier vind je tientallen bezienswaardigheden. In een vorige update vertelde ik je al over Graça, met veel uitzichtpunten en een prachtig klooster.
Na de lunch wandelden we stap voor stap de heuvel op met als einddoel het Castelo de Sao Jorge op de top. Maar eerst was het tijd om rond te dwalen in Alfama.
Alfama
Alfama is een van de zeldzame wijken die de grote aardbeving van 1755 heeft overleefd en waar de smalle middeleeuwse straatjes nog intact zijn. Je lijkt er zo verloren te lopen in de steegjes, ook al is de wijk niet groot.
Het is een echte volksbuurt met was aan de balkons, schotelantennes, afgebladerde verf en kinderen die spelen op straat. Het is ook nog steeds een arme buurt. En dat hakte er bij mij wel een beetje in. Daarover schreef ik eerder al een post.
Er is geen horeca in de wijk, terwijl er honderden toeristen rondlopen. De bewoners zelf verdienen dus niets aan het toerisme. Ik zag een mevrouw van niet veel ouder dan ikzelf haar auto parkeren in een klein steegje en met twee boodschappentassen een klein deurtje binnen gaan. Dat is toch wel heftig.
Omdat het leven hier zo hard is kent de Portugese Fadomuziek niet toevallig zijn oorsprong in deze wijk. De nostalgische harde klanken van de fado kan je als toerist echter niet horen in Alfama. Daarvoor moet je naar een toeristenbar hoger op de heuvels. We deden dit niet, omdat de weeklanken van de fado niet echt ons ding zijn.
We dwaalden nog wel even rond in de steegjes. Ik zag bomma’s met elkaar praten via hun balkon. Ze konden elkaar een hand geven en keken naar de hordes toeristen die foto’s aan het maken waren. Het is geen ‘jonge’ wijk, dat merk je.
In Alfama kan je ook de Chafariz d’El Rei bekijken. Het is een enorme fontein die in de stadsmuren is ingebouwd en uitkijkt op de Taag. Letterlijk een ‘koningsfontein’, maar toen wij er waren stond deze jammer genoeg droog.
Castelo
Ook de wijk Castelo dateert uit de middeleeuwen en is natuurlijk in trek bij toeristen door de aanwezigheid van het Castelo de Sao Jorge op de top. Ik geef het toe: ook ik was excited toen ik de kanteeltjes zag. Het kasteel speelde al in een 12de eeuw een belangrijke rol wanneer koning Alfonso de Moren verdreef uit Lissabon (het bekende boek ‘het beleg van Lissabon’ van Saramango is gebaseerd op deze gebeurtenissen trouwens). De eerste fundamenten werden gelegd in de Romeinse tijd, daarna volgde de moorse overheersing en later werd dit een paleis voor de koninklijke familie.
Om het Castelo te bezoeken en van het uitzicht te genieten betaal je ongeveer 8 euro. De rij ging goed vooruit toen wij er waren. Je moet wel weten dat je niet echt een kasteel bezoekt. In die zin dat er enkel nog muren en torens rechtstaan en dat er niet echt ‘een binnen’ is. Op dat vlak viel het misschien een beetje tegen, maar de views <3.
Wanneer je het kasteeldomein binnengaat word je meteen getrakteerd op een prachtig uitzicht over Lissabon. Die uitzichten werden wij niet beu, nee.
Daarna krijg je al snel de oude kasteelmuren in het vizier. Er staan hier en daar bordjes met uitleg en je krijgt ook een plannetje mee waarop je wat meer info kan vinden. Er zitten pauwen, die sommige toeristen interessanter vonden blijkbaar dan het kasteel zelf. Ik kwam toch vooral voor de kanteeltjes. Die waren er gelukkig in overvloed.
Je kan op de torens en verdedigingsmuren wandelen opnieuw vergezeld van een mooi uitzicht. Ik vond het leuk om te doen, al waren we snel rond want erg groot is het niet. Je vindt op het domein ook archeologische opgravingen uit de Romeinse tijd.
Ik ben blij dat we het Castelo gedaan hebben voor Sintra, want het castle of the moors is daar toch nog indrukwekkender. Maar ik heb geen spijt dat we deze must-bezienswaardigheid hebben bezocht. Zoals je ziet is Lissabon onder een bewolkte hemel nog altijd een plaatje.
Sé Cathedral
Na de hele klim naar het Castelo hadden we, ondanks de regen, zin in een ijsje. Bij Gelato Therapy schuilden we voor een nieuwe regenbui met een heerlijk authentiek Italiaans ijsje en een wafel. We hadden nog een laatste stop op de planning staan: de Sé-kathedraal.
De Sé-kathedraal is na de overwinning op de moren gebouwd op de resten van een moskee en is het oudste kerkgebouw van de stad. Maar door de aardbevingen is de kerk een aantal keren heropgebouwd en daardoor kan je een mix van architecturale stijlen ontdekken in de speciale voorgevel. Binnen is de kerk opvallend sober en donker. Het is eens iets anders dan de overdadige barok die je meestal in het zuiden van Europa vindt. Door een misviering zijn we er niet ontzettend lang binnen geweest, maar ik vond het toch de moeite.
Hierna hadden we wel echt de nodige kilometers achter de rug. We ploften neer bij Esperança Sé, een van de eerste horecazaakjes die een vergunning kreeg in de buurt van de kathedraal. Ze serveren dunne Italiaanse pizza. Die inderdaad lekker was, maar ik had niet veel honger (B-12 tekort ^^) dus heb ik het jammer genoeg niet opgekregen. We waren ontzettend moe die dag en kropen lekker vroeg onder de wol.
Het was absoluut een geslaagde dag. Graça, Alfama & Castelo laten het echte Lissabon (van vroeger) zien. Je vindt er verschillende toeristische plekken en toch ben je tegelijk soms heel alleen. Dat vond ik een mooi evenwicht.
Wat is jouw favoriete plekje in Lissabon? Of moet je er nog naar toe?
Ik maak me soms van die bedenkingen. En dat wil ik dat van me af schrijven in een blogpost. Maar ik wil allesbehalve mensen beschuldigen met mijn woorden. Het gaat deze keer om iets dat zelfs niet vaak op mijn leven van toepassing is, want ik ben er nog net te jong voor. Maar mijn pupillen rollen aan een snelvaart door mijn oogkassen bij het horen van een zin zoals hieronder.
Wat moet dat gemakkelijk zijn voor jou, zo zonder kinderen, jij hebt geen zorgen.
Aargh. Ik wil hier niet beweren dat kinderen geen zorgen met zich mee brengen. Want dat doen ze wel. Let’s be honest. Maar let’s be honest again. Dat weet je als je aan kinderen begint. Dus die uitspraak zegt eigenlijk meer over jou dan over je gesprekspartner… En het is behoorlijk arrogant van jou om te denken dat zorgen alleen maar betrekking kunnen hebben op kinderen.
Maar opnieuw ik wil niet wijzen naar ouders. Ik wil wijzen naar die mensen die vinden dat hun zorgen staan boven alle andere zorgen van anderen. Van die mensen die in elk gesprek proberen overtreffen wat jij vertelt. Dat kan gaan over negatieve zaken (Oh, je oma heeft kanker, maar zij is dan ook al oud, mijn nicht is veel jonger en heeft ook kanker.) of over positieve dingen (Ah tof, je bent naar Malta geweest, kijk mijn foto’s van Canada, daar zie je pas mooie natuur).
We kennen allemaal zo iemand. En jammer genoeg is het vooral een feit in de context van kinderen. Zeker mensen zonder drommels krijgen het dan vaak te verduren. Maar ook ouders onderling kunnen er wat van. “Ah je slaapt niet goed ’s nachts met die baby, wacht maar tot je twee kleine kinderen hebt zoals wij, dan slaap je pas echt niet; wacht maar tot ze puberen, dan beginnen de problemen pas echt…).
Het ding is namelijk dit: emoties (en je zorgen maken is per definite een sterke emotie) zijn niet, nooit of te nimmer, vergelijkbaar tussen mensen. Wat jij helemaal niet verontrustend vindt kan iemand anders nachtenlang wakker houden. Het heeft gewoon geen zin om zorgen te vergelijken.
Iedereen heeft een ander perspectief op de dingen. En dat is de kern van het probleem. Wanneer jij praat vanuit jouw perspectief, waarin bv. het hebben van kinderen je aanzienlijk meer doet piekeren, iemand anders zijn situatie gaat beoordelen zal dat enkel maar leiden tot kwetsende vergelijkingen. Je kwetst iemand altijd dan. Hoe goed je het ook bedoelt.
Er is geen overtreffende trap in emoties. Sommige mensen kunnen pijn, verdriet of frustraties voelen over zaken waarvan jij het met de beste wil van de wereld niet kan begrijpen. Dat is moeilijk om mee om te gaan. Maar daar is ook een mooi woord voor: empathie. Oftewel, je proberen in te leven in de situatie van een ander. En laat dat nu net datgene zijn dat bij personen die ‘wacht maar’ of ‘geen zorgen’ uitspraken doen ontbreekt.
Niemand hoort graag dat hij of zij zich zorgen maakt om iets belachelijks. Geef maar toe, dat wil jij toch ook niet horen?
Deze week staat mei voor de deur. Hoe belachelijk snel gaat het jaar voorbij zeg? Dit jaar valt mijn dansoptreden op 24 en 25 mei. En dus trok die datum mijn aandacht want er hangen heel wat herinneringen aan vast. Vorig jaar was 25 mei de GDPR-deadline. 25 mei was toen ook de vrijdag voor ons teambuildingsweekend met het werk waar iedereen naar uitkeek. Het was pokkewarm. Een collega had een taart gebakken voor mij met de boodschap ‘I agree’. En ik? Ik zat er compleet door.
Ik had er een hele tijd alleen voor gestaan en de drukte was overweldigend. Zeker de twee weken voor GDPR kon ik met niets anders meer bezig zijn en er wachtte nog zo’n berg werk – mijn echt werk namelijk. Mijn lichaam zat ondertussen te kreunen onder een nijpend B-12 tekort en mentaal was mijn hoofd één grote puinhoop. Ik was terecht gekomen in een doemdenkspiraal.
Ik wil al even een postje schrijven over hoe het nu met mij gaat na de B-12 diagnose en heel wat ingrepen om het rustiger aan te doen. Nee, ik heb geen burnout gehad. Ik kan me zelfs niet inbeelden hoe hard dat moet zijn. Ik was er op tijd bij. Maar ik weet dat ik in de gevarenzone ben geweest, lichtjes. En ik weet dat ik een persoonlijkheid heb die sowieso in de gevarenzone zit.
Maar nogmaals: ik wil hier geen klaagzang houden over hoe moeilijk het was. Want again, ik heb tijdig ingegrepen en daar ben ik nog elke dag dankbaar voor.
Daarom is het belangrijk om te weten wat mijn valkuilen zijn. Wat zijn mijn stresssymptomen? Leen noemt het rode vlaggetjes, en dat vind ik best wel een goede terminologie. Want uiteindelijk draait het daarom: ik liep vorig jaar rond deze tijd rond met een berg stress in mijn hoofd en mijn lijf. En het is naïef om te geloven dat dat nu voorbij is. Dat het ooit volledig uit mijn leven zal verdwijnen.
Dit zijn mijn rode vlaggetjes. Van lichte symptomen tot de vrij serieuze.
Mijn nek die vast zit.
Vaker hoofdpijn hebben.
Vermoeide en pijnlijke ogen. Veel last hebben van (fel) licht.
Weinig concentratie op het werk. Ook wanneer het om een taak gaat die ik graag doe. Iedereen is wel eens niet geconcentreerd (op vrijdagnamiddag bijvoorbeeld), maar geloof mij, echt nul concentratie is nog een heel ander gevoel. Je ziet dat ook aan het resultaat van je taak. Dat is meestal niet zo goed.
Duizeligheid wanneer ik ’s morgens opsta of ’s nachts wakker word en me omdraai. Vaak maar langs één kant. De kant waar mijn nek vastzit of net de andere kant die alles opvangt. Uit zich in extreme periodes ook in het feit dat ik als de trein vertrekt het perron zie duizelen voor me. Heel raar gevoel.
Niet kunnen eten. Geen hongergevoel. Eten uit gewoonte en mijn bord niet leeg krijgen. Niet constant in mijn chocolaschuif zitten.
Afvallen. Een logisch gevolg van het vorige puntje.
De aandachtige lezer zal de lijn hebben opgemerkt. Wel alles onder de streep (lees: de meer serieuze zaken) heb ik de afgelopen maanden onder controle gekregen. Met B-12 supplementen. Deze winter aangevuld met vitamine D en magnesium. Dan zie je dat ik fysiek weer de controle terug krijg. Met de bovenste puntjes worstel ik soms nog. Dit zijn ook vooral de mentale puntjes.
Want stress volledig uit je leven bannen is moeilijk. En de winter zorgt bij mij sowieso voor mentaal moeilijkere momentjes (veel piekeren, wenen, hoofdpijn, moe…). Klinkt nog altijd niet fijn, en dat is ook zo. Maar ik heb voor mijn gevoel al best een grote vooruitgang gemaakt. Niet langer roofbouw plegen op mijn lichaam. Mentaal is er zeker en vast nog werk aan de winkel. Het herkennen van rode vlaggetjes is maar de eerste stap. Maar het is wel een belangrijke stap.
Het doel is dan ook om nog meer te focussen op mijn groene vlaggetjes en op wat mij energie geeft. Maar dat is voor een volgende keer.
Aan mijn normaal tempo zou de eerste post over mijn vijfdaagse citytrip naar Parijs vorige maand ergens deze zomer online komen. Als alles goed gaat ten minste. De Notre Dame, die we pas de vierde dag bezochten zou dan ergens binnen anderhalf tot twee jaar zijn gloriemomentje krijgen op deze blog.
Maar toen was er die brand. Nu een dikke week geleden. Twee weken nadat ik me stond de vergapen aan de prachtige glas-in-lood rosettes en de hoge gotische zuilen. En dus krijgt de Notre-Dame wat ze verdient. Een eigen ode.
Het was een prachtige zaterdag. We slenterden met ons lekker Berthillon-ijsje over het Ile-De-La-Cité. Ik was deze keer echt eens mijn oriëntatie kwijt en was ervan overtuigd dat de Notre-Dame zich aan de andere kant van het eiland bevond. Maar ineens verscheen ze daar.
We gingen dichterbij. Steeds meer toeristen. En bloesems. Er zitten mensen achter de kerk in het parkje tussen de bomen te genieten van het zonnetje met het zicht op de Seine.
Aan de zijkant nog meer bloesems. Ze geven het gebouw net dat beetje extra.
De zijkant is Leen haar favoriet. Je hebt langs buiten een prachtig zicht op de Romaanse elementen. En één van de rosettes.
Stilaan komt de voorkant met de twee iconische klokkentorens in zicht. Meer bloesems. Witte deze keer.
Aan de voorkant wemelt het van de mensen. Ik neem foto’s in de hoogte en probeer de hele gevel erop te krijgen.
“Wil je naar binnen?” vraagt Leen. Ze ziet een rij staan en twijfelt daardoor. “Ik wil graag naar binnen” zeg ik. “Het is gratis, we zijn hier nu toch en de rij gaat goed vooruit. Volgens mij is het niet zo druk. Gewoon eventjes binnen kijken?”. Leen capituleert, want zelf is ze toch ook wel nieuwsgierig naar de binnenkant.
Vijf minuten later staan we binnen. We zijn niet alleen, maar het valt mee. Een kerk als deze krijg je moeilijk representatief op de foto. Leen brandt ondertussen een kaarsje voor haar dierbaren. Ik staar naar het plafond. Zo hoog. Met enkel daarboven ramen. En toch valt hier licht binnen.
Ik heb nog niet veel verteld over de geschiedkundige en architecturale waarde van dit gebouw. De Notre-Dame is een gotische kerk. Maar het gaat om vroeggotiek. Voor gotiek was er de Romaanse bouwstijl, dit zijn vaak donkere kerken. Met gotiek probeerden men indertijd (voor de Notre-Dame hebben we dan over de 11de eeuw!) meer licht en ruimtegevoel binnen te brengen.
De Romaanse stijl is vooral behouden in de rosettes. Maar de echte waarde van deze glasramen zit hem in het glas zelf. Elke kerk is onderhevig aan restauratie en probeert zo goed mogelijk oude elementen te behouden. In het geval van glas is dit heel moeilijk. Maar “the rose windows” in de Notre-Dame bevatten nog steeds 14de eeuws glas. Niet volledig, maar stukjes. Dat vind je bijna nergens meer ter wereld. Een vroeggotische kerk uit de 11de eeuw met glas uit de 14de eeuw. Laat even bezinken hoe speciaal dit is.
De rosettes waren onmogelijk goed op foto te krijgen. Leen en ik doen samen een poging of 65. Dit is het beste wat ik uit mijn camera krijg. En het doet het raam oneer aan.
Dit is the north rose die dateert uit 1250!
We lopen de kerk helemaal rond. Er is ondertussen een misviering bezig. Onderweg kom ik bordjes tegen die de geschiedenis van de kerk uit de doeken doen. Het is er veel te druk om iets te kunnen lezen. Er stond waarschijnlijk dat de kerk te prooi viel aan de beeldenstorm tijdens de Hugenotenvervolging in de 17de eeuw. Er zal ook te lezen geweest zijn dat de kerk geleden heeft tijdens de Franse Revolutie en zelfs geneutraliseerd werd. Misschien ook wel dat Napoleon er terug een kerk van maakte, Victor Hugo er in 1830 een boek over schreef en dat doorheen de 19de eeuw er allerlei restauraties plaatsvonden om de kerk weer zijn vroegere glorie te geven. Het is tijdens die restauraties dat de torenspits werd opgebouwd, naar model van de middeleeuwen. De torenspits die bij de brand moedeloos in elkaar zakte.
We kwamen buiten na een half uurtje. Leen zei dat ze blij was dat we binnen zijn geweest. We nemen nog een selfie met de voorkant (die zal ik jullie besparen ;)). Wat verder aan de Seine doet een laatste foto-opportuniteit zich voor.
De Notre-Dame zal weer opstaan. Misschien in zijn herkenbare vorm, misschien lichtelijk anders. Maar de Notre-Dame zal altijd een belangrijke plek zijn voor Parijzenaars en mensen over de hele wereld die de lichtstad bezoeken. Laten we ons niet beetnemen door discussies over geloof, geld van miljonairs dat beter aan armen wordt besteed en politici die de ramp aangrijpen voor hun eigen propaganda.
De Notre-Dame bracht die rampzalige maandagavond heel wat mensen samen. Dat was in de 11de eeuw al het doel van de kerk en dat zal altijd haar doel blijven. ❤️
In de categorie Annelies vindt het soms zo zalig om eens goed ironisch af te geven op onze maatschappij, presenteer ik jullie deze exclusieve gids. Want ik zou ik niet zijn als ik jullie, mijn allerliefste lezers, af en toe wil helpen. Want geef toe, er bestaan veel wannabe hipsters. Hoe je de echte van de fake onderscheidt ontdek je via dit handige lijstje.
(Deze post kwam tot stand naar aanleiding van het Instagramaccount van The avocado Bar in Leuven. Zij leggen heel erg de nadruk op het Instagramgehalte van hun gerechten. Maar daarnaast beweren ze ook honest te zijn, terwijl ze ondertussen één van de meest niet duurzame groenten ooit promoten en Instagram nu niet bepaald bekend staat om zijn eerlijkheid. De wereld is om zeep jongens.)
Opgelet deze post kan sporen van sarcasme, vooroordelen en veralgemeningen bevatten. Wie allergisch is voor bovenstaande zaken leest maar beter niet verder. Wie zijn gevoel voor humor heeft laten amputeren bij zijn geboorte stopt ook best nu met lezen. Zeg niet dat ik u niet gewaarschuwd heb.
Hipsters dragen vintage kleren alsof ze nieuw zijn. En dat zijn ze ook. De t-shirts en pulls met inspirerende of iconische quotes en de ruitenhemdjes lagen nooit vaker in de winkels dan de afgelopen jaren. Hadden houthakkers geweten dat ze nu zo populair zouden zijn, er zou geen boom meer rechtstaan.
Borden en glazen zijn passé. Een hipster eet bij voorkeur vanop een leisteen, een houtstronk of (dear help me God) uit een bowl. En hij drinkt zijn homemade lemonade (lees water met een smaakje bestond ook al in de jaren ’90) uit een confituurpot. Een ongebruikte maar speciaal hiervoor in de Ikea aangekochte confituurpot.
De hipster drinkt niet langer een latte macchiato of een flat white (tenzij met havermelk) in zijn favoriete koffiebar. Dat is veel te mainstream. Hij wil een kombucha of een black tonic. Id est gefermenteerde schimmel of koude koffie met tonic. Heerlijk!
Hipsters drommen ’s avonds samen in een trendy eetcafé. Te herkennen aan het feit dat je er niet kan reserveren, er maar een achttal tafeltjes staan met sowieso een lampje (zonder lampenkap) boven tafel en een ongemakkelijke retrostoel. Uiteraard staan de tafeltjes dicht tegen elkaar, je moest de ruzie van het koppeltje naast jou zo eens missen.
Wanneer je eindelijk een plaatsje heb weten te bemachtigen en je hebt je tussen de tafel en de stoel kunnen wringen waarbij de ober al een paar keer net niet een volledige maaltijd over je schoot heeft laten vallen (zo’n leisteen glijdt makkelijker), besef je dat er helemaal geen menukaart is. Het menu, vol met tijdelijke gerechten van verse seizoensgroenten, exotische combo’s en – niet te vergeten – avocado, staat vooraan genoteerd… op een krijtbord. Sta maar weer op dus.
Als je pech hebt moet je zelfs je bord, euh leisteen, nog delen met je gezelschap. Echte hipsters doen namelijk aan food sharing.
Hipsters laten soms ook hun home-made lemonade staan voor craft beer, biologische wijn of Fritz Cola & Ritchie Lemonade (of andere aanverwanten lokale versies van frisdranken). Hipsters zijn met name tegen de grote mainstream merken en kiezen voor lokale alternatieven. Die dan zo populair worden dat ze ineens op grote schaal geproduceerd moeten worden.
Wie dacht dat hipsters zich alleen verplaatsen met een bakfiets is eraan voor de moeite. Vanaf nu scheuren ze met gevoel voor risico door de straten met een elektrische step of een lichtblauwe Swapfiets.
Het Instagramaccount van de hipster is bedekt met witte flatlays van voornamelijk plantjes, koffie en foto’s van polaroidfoto’s… Of reisfoto’s waarbij de hipster de achterkant van zijn geruit hemdje toont terwijl hij op een bergtop zit.
De hipster is ondertussen alles geworden wat hij/zij nooit wou zijn. Mainstream.
Ik vraag mij nu vooral af of er veel hipsters zitten onder mijn lezers? En zijn dat dan nu ex-lezers? 🙈
In deze rubriek vertel ik jullie wat er leeft tijdens dat spreekwoordelijke laatste uur voor ik ga slapen. Welke boeken ben ik aan het lezen? Aan welke series ben ik hooked? En wat is er de afgelopen maand allemaal gebeurd?
Gelezen
Nog steeds bezig in deel 3 van de Millenniumtrilogie. De conclusie nadert en ik weet niet of ik mentaal al klaar ben om afscheid te nemen.
In Parijs las ik Noord van Sien Volders, je weet wel, de vrouw van Lieven Scheire. Ik denk niet dat ik een negatieve review van dit boek heb gelezen. Sorry, maar dan zal de mijne de eerste zijn. Ik vond het ontzettend melodramatisch, cliché en helemaal geen originele schrijfstijl zoals iedereen dat verwoordde. De schrijfstijl was ontzettend inconsistent en de personages allesbehalve sympathiek. Het boek was dun en alles werd snel afgehaspeld. Enfin, geen fan hier. Overrated much vind ik.
Ik ben dan toch eindelijk eens begonnen aan een klassieker. Rebecca van Daphne Du Maurier. Gothic romance wordt het genoemd. Voorlopig is het nog wat wennen en heel inleidend allemaal, maar ben benieuwd of het terecht is dat dit boek de tand des tijds heeft doorstaan. Het leest alvast heel vlot voor een klassieker.
Gekeken
Eindelijk begonnen aan Baptiste. Ik vind het één grote mindfuck en heel wat lijnen door elkaar precies. Ik kijk dus liever niet te veel afleveringen na elkaar. Maar goed gemaakt alweer. Ik ben fan!
Meegemaakt
Project huis is begonnen en dat heb ik geweten. Er is veel minder tijd voor rust in mijn hoofd. En om boeken uit te lezen, laat staan series te bingen. Maar het loopt goed voorlopig en dat is het belangrijkste.
Vijf dagen Parijs. Het was zalig! Ik had helemaal niet verwacht dat Parijs een stad voor mij zou zijn. Want groot, veel verkeer en brede boulevards (en dus helemaal niet meer middeleeuws) en dure winkels en weet ik veel wat allemaal. Maar ik vond het een verrassend fijne stad met veel mooie en rustige plekjes. Belleville en Montmartre zijn by far mijn favoriete wijken.
En dus ook één dag naar Versailles. Daar komt ooit een super enthousiaste post over online, of twee. Zoveel foto’s! Nee echt, paleizen en kasteeltjes, ik doe dat zo graag en zeker als ik vrij veel ken van de geschiedenis die zich daar heeft afgespeeld, zoals in Versailles. Ik vond het fantastisch. Gelukkig was het er ook niet te druk. En ik moet nog eens terug. Ah ja!
Verder nog heel wat leuke dingen zoals een quiz gewonnen (dat stond op de bucket list), het lief gaan aanmoedigen op de 100km run en genoten van de zon in de wellness.
Uitkijken naar
Geen grote dingen gepland voorlopig dus het is uitkijken naar de kleine dinges des levens. Rust. Zon. Gezellige momentjes met vrienden en het lief.
Het einde van 40 dagen bloggen. Want ik ben niet meer mee, sorry voor mijn weinige/late reacties alvast. Ik probeer zo veel mogelijk te komen lezen en reageren. En al die korte berichtjes zijn mijn ding sowieso ook wat minder want dan weet ik precies niet wat reageren.
Recent hadden we op het werk een sessie rond MBTI. Een hele dag lang zelfs. Ik zou er ondertussen een boek over kunnen schrijven. Maar ik had het er hier al eens over (spoiler: de test zorgde opnieuw voor een andere uitslag bij mij, ik ben blijkbaar niet zo makkelijk in een hokje te stoppen). Misschien wijd ik er nog wel eens een post aan, maar voorlopig viel mijn aandacht op een andere zinnetje dat besproken werd.
Opposites attract. Oftewel: de meesten onder ons worden verliefd op iemand die andere persoonlijkheidskenmerken heeft dan hij- of zijzelf. Bijvoorbeeld: een introvert voelt zich aangetrokken tot een extravert omdat die hem/haar naar buiten trekt en altijd een gesprek weet aan te knopen, een extravert valt voor een introvert omdat die zo goed kan luisteren. Samen ga je elkaar uitdagen en ontwikkel je de tegenovergestelde skills door de jaren heen meer en meer. Zo zal de introvert steeds makkelijker extravert uit de hoek kunnen komen en omgekeerd.
Er begon meteen een soort kritisch alarmbelletje af te gaan in mijn hoofd. Het lief en ik zijn niet alleen twee introverten, maar verschillen verder maar één letter van elkaar blijkbaar. T & F. Ofwel de typische verdeling dat de man een thinker is en de vrouw een feeler. Dit klopt bij ons ook, gelukkig maar, want ik ben een vrij harde feeler en heb absoluut iemand nodig die me helpt relativeren.
Interessante sidenote: ik kwam een T uit op mijn test, omdat ik als feeler (dat blijkbaar zorgt voor een groot aanpassingsvermogen) had geleerd om mij meer als thinker te gedragen doordat mijn omgeving heel thinkgericht is. Zoals ‘de expert’ het zo plat verwoordde ‘den IT, dat is een typische thinkerswereld’. Heerlijk toch, die veralgemeningen?
Onze expert zei er natuurlijk ook meteen bij dat na twee jaar relatie de verschillen steeds meer en meer beginnen opvallen en dit kan zorgen voor frustraties. En het eeuwige elkaar proberen veranderen (waarbij hij meteen bevestiging vroeg aan een van de wat oudere vrouwen uit de groep: “En hoeveel is uwe man al veranderd in al die tijd?” “Niets?” “Exact!”)
Ik kon het niet laten om na de sessie nog eens even langs te gaan met wat kritische vragen rond het opposites attract thema. Of het soms niet beter is dat mensen iets meer op elkaar lijken. Omdat het net die frustraties kan verminderen, omdat er op langere termijn meer begrip is.
Neem nu het voorbeeld dat Susan Chain in haar boek Quiet aanhaalt over een introvert-extravert koppel. Mevrouw wil graag elke vrijdagavond rustig in de zetel zitten, meneer doet niets liever dan op vrijdag vrienden uitnodigingen voor een etentje. Ik moet je niet vertellen wie de introvert en wie de extravert is zeker? Susan stelt dat het koppel hun ‘crisis’ heeft overwonnen met een compromis. Twee avonden in de maand een etentje, de overige twee avonden rust.
*Insert mijn kritische geest*. Als meneer en mevrouw allebei introvert of allebei extravert zouden zijn, zouden ze elke vrijdagavond hebben wat ze willen, toch?
Ik kreeg de repliek terug dat 75% van de koppels, twee of drie MBTI-letters verschillen. En zeker bij drie letters is dat al best moeilijk en zorgt dat vaak voor vuurwerk. Een koppel met 0 of 1 letter verschil komt veel minder voor. Maar dat hoeft op zich geen probleem te zijn. Feeler-thinker zorgt sowieso voor de sterkste tegenstellingen, dus daar blijven wij niet van bespaard. We gaan enkel iets minder gedwongen worden om de andere eigenschappen te ontwikkelen. Zo kunnen we niet van elkaar leren om ons extraverter te gedragen.
Gelukkig zijn clichés niet altijd correct. In den IT zijn zogezegd ook alleen maar introverten. Dat wij absoluut geen standaard IT-bedrijf zijn was na die dag wel duidelijk. We hebben heel wat extraverten en gelukkig ook een heel aantal feelers. Dus wat dat betreft zijn er leermogelijkheden genoeg om mijn extraverte kant te ontwikkelen denk ik.
Opposites attract? Het zal voor mij nog wat een mysterie blijven denk ik.
En hoe zit dat bij jullie? Lijk je qua persoonlijkheid net wel of net niet op je partner?