Close

Malaga #4: daguitstap naar het Alhambra in Granada

In februari 2025 gingen het lief en ik de zon opzoeken in Malaga. We verbleven bij Tandem Soho suites, een appartementcomplex in de hippe Soho wijk. Naast een uitstap naar het Alhambra van Granada, werd het vooral een chille citytrip in deze kuststad. Ik laat je met plezier de fijnste plekken van de stad zien.

Er zijn zo van die plekken die bucket list materiaal zijn en voor mij was één van die plekken het Alhambra in Granada. Een groep gebouwen, paleizen en tuinen hoog boven de stad resterende uit de moorse tijd en nadien ingenomen door de katholieken na de val van het kalifaat El-Andalus in 1492. Dus toen we naar Malaga gingen en Granada op anderhalf uur te bereiken viel met de trein, werd meteen een plan gesmeed om het Alhambra te bezoeken.

Van Malaga naar Granada

Vanuit het station Malaga Maria Zambrano, niet ver van de wijk Soho, kan je een rechtstreekse trein nemen naar Granada. Je bent 1u30 enkel onderweg en de trein stopt nog 3x in de tussentijd. Je boekt best tickets op voorhand via de website van de vervoersmaatschappij Renfe. Je boekt dan ook een vaste plaats wat wel handig is.

Hou er rekening mee dat je even kort door een securitycontrole moet voor je de trein op kan, dus voorzie wat extra tijd. Ticketprijzen variëren en er zijn niet elk uur treinen dus het is een beetje plannen. Wij gingen heen om 9u25 en terug om 18u29. Op die manier hadden we een dikke namiddag om in Granada te spenderen.

In Granada zelf ligt het station in de universiteitsbuurt. Naar het Alhambra is het nog zo’n dik drie kwartier wandelen. Je kan ook een stuk met de bus doen, maar de klim naar het Alhambra moet je sowieso te voet doen (en is wel even klimmen, maar ik had erger verwacht ofzo).

Tickets voor het Alhambra

Het Alhambra is dé attractie in Andalusië, meer dan terecht, maar daardoor moet je goed op voorhand tickets boeken via de officiële website.

Het is misschien goed om te weten dat je het Alhambra complex gratis binnen kan wandelen, en ook het paleis van Karel V kan je gratis ‘binnen’ (binnen zijn musea, die je apart moet betalen, maar je kan de binnenplaats gratis bezoeken). Er zijn drie betalende onderdelen: Alcabaza (de moorse burcht), de Nasrid paleizen en Generalife (de tuinen). Je kan kiezen om een ticket te nemen voor alle drie of enkel voor de tuinen en het Alcabaza.

Een bezoek voor alle drie kost momenteel 22,27 euro per persoon. Bij aankoop moet je een tijdslot reserveren dat geldt voor de Nasrid paleizen aangezien ze daar maar een beperkt aantal mensen tegelijk binnen laten. Je moet zeker een kwartier op voorhand in de rij gaan staan en ze zijn heel streng. Ben je te laat, dan ben je te laat en kom je er niet meer in. Ik raad dus aan om wat tijd te nemen tussen je aankomstuur en je toegang tot de paleizen.

Onze planning was: eerst het Alcabaza (daar ben je zo’n half uur tot drie kwartier binnen), dan de Nasrid paleizen (ongeveer een klein uur) en dan de tuinen (hier kan je oneindig lang rondlopen :p).

Alcabaza

Wij kwamen aan via de Puerta De La Justicia en kozen er voor om eerst het Alcabaza te bezoeken. Net als in Malaga is het een versterkte moorse burcht. Het is het oudste gedeelte van het Alhambra, daterend sinds de 13de eeuw, opgericht door de eerste vorst van de Nasrid dynastie. Maar er stond waarschijnlijk al veel vroeger ook een soort burcht.

Links: de ingang. Rechts: resten van de huizen en zicht op de Torre de la Vela.

Het Alcabaza heeft een driehoekige lay-out met verschillende wachttorens die het gebied rondom Sierra Nevada overziet. Het uitzicht is daardoor echt fantastisch. Het is echt wel duidelijk dat het een militaire functie had, de muren hebben soms tot wel drie lagen ter bescherming.

Dit Alcabaza is minder bewaard gebleven dan in Malaga. Je ziet nog de resten van de huizen die er binnenin stonden en je kan nog wel de hoogste toren ‘Torre de la Vela‘ op. Verder was het kleiner dan ik dacht. Je krijgt trouwens geen audiogids maar kan via de site naar wat extra info luisteren, maar ik had weer geen oortjes bij dus we deden het zonder.

Het hele Alhambra complex en zeker het Alcabaza heeft een rode gloed doordat de muren tot stand zijn gekomen door een mengsel van aarde en klei vol ijzeroxide wat voor die rode kleur zorgt.

Paleis van Karel V

Het paleis van Karel V, Keizer Karel zoals wij hem kennen, is het buitenbeentje in het complex. Het werd na de herovering gebouwd als prestigeproject van Karel V over andere moorse gebouwen. De bouw startte in 1527 waardoor de stijl renaissance is, wat redelijk uniek is, alleen ging de bouw traag waardoor er nooit echt een vorst heeft gewoond. Het dak kwam er zelfs pas in de 20ste eeuw.

Vandaag huist er het Alhambra museum en het museum der schone kunsten van Granada, hiervoor kan je apart een ticket kopen. De musea zijn niet open op maandag (wij waren er op maandag ;)).

De binnenplaats heeft een unieke ronde vorm met twee verdiepingen aan zuilen – eerst dorisch, dan ionisch. Ik vind zo’n gebouw vol zuilen echt prachtig!

Nasrid paleizen

Nadien was het even aanschuiven voor de Nasrid paleizen op ons tijdslot. Maar het ging allemaal heel vlot. De paleizen zijn verschillende gebouwen bij elkaar. Vandaag zijn er nog drie goed bewaard die je kan bezoeken.

Binnenkomen doe je via de Mexuar, gevolgd door het Palacio de Comares van Yusef I en Palacios de los Leones van Mohammed V.

De Mexuar is een soort van raadzaal die dateert uit de 13de eeuw. Meteen valt het enorme ambachtswerk je op. Typisch voor de moorse architectuur zijn geometrische en natuurkundige vormen en patronen (volgens de Islam mag je geen figuratieve afbeeldingen maken) miniscuul uitgesneden in het stucwerk en houtwerk.

Ook de typische tegeltjes met geometrische patronen in zachte aardetinten en blauw vallen meteen op. Al snel stap je over naar het Palacio de Comares. Met het Patio del Cuarto Dorado en de Cuarto Dorado of gouden kamer ernaast.

Dit zijn de bekende plaatjes van het Alhambra. De Moren hadden ingenieuze technologie om hun tuinen en paleizen van water te voorzien, wat leidt tot prachtige patio’s en waterpartijen.

Maar het is toch vooral de decoratie met het stucwerk en de tegels die mijn mond deed openvallen. Zo prachtig allemaal.

Het hoogtepunt is het Palacios dos Leones, het Leeuwenpaleis genaamd naar de leeuwenfontein die in het midden staat. Dit is iets recenter, uit de 14de eeuw.

Rechts: unieke, figuratieve kunst in één van de zijzalen, waarschijnlijk later toegevoegd door de katholieke koningen (Isabella & Ferdinand) die zichzelf een plek wilden geven in dit prachtige paleis.

Buiten de prachtige patio zijn er ook unieke zijzalen met muqarnas, een honinggraatgewelf, wat een typische vorm is van islamitische architectuur. Echt waanzinnig.

Links: ander soort prachtige koepel. Rechts; één van muqarnas, de foto doet het geen eer aan dus je zal zelf moeten gaan kijken.

Eigenlijk is er te weinig tijd om alles in detail in je op te nemen. Het is er druk en je moet vooruit. Maar wauw, dit was helemaal waarom ik de paleizen wou bezoeken. Je gaat nog buiten langs een kleine tuinpatio. Een bezoek aan deze paleizen duurt ongeveer drie kwartier.

Generalife

Na de paleizen kan je onmiddellijk doorsteken naar Generalife, de tuinen die als buitenverblijf/zomerpaleis dienst deden. Het is even wandelen maar onderweg kom je al heel wat mooie plekken tegen.

Het Patio de la Acequia (Hof van het Waterkanaal) is ongetwijfeld het bekendste plaatje: een lange vijver omgeven door bloemen en paviljoenen.

Je hebt vanaf Generalife een mooi uitzicht op het Alcabaza en de rest van het complex. Ook in de tuinen kan het nog best druk zijn, maar het is de ideale plek om je even neer te zetten na al dat stappen.

In februari hadden we niet een heel warme dag, maar weet dat er ook weinig tot geen schaduw is dus breng zelf water en wat eten mee. Er zijn beperkt winkeltjes die iets verkopen.

Onze kaars was ondertussen wat uit en dus daalden we weer af naar centrum Granada om daar in een tapasbar even bij te komen. In Granada krijg je bij een drankje vaak een gratis tapa. Granada zelf heeft nog meer te bieden, maar wij kwamen niet veel verder dan eens rond de prachtige kathedraal te wandelen alvorens we de trein naar huis moesten nemen.

Was het de moeite waard? Absoluut! Ik zou het zo opnieuw doen en ook Granada zelf leek me een fijne stad om te ontdekken. Je hebt wel wat tijd nodig om het op je gemak te bekijken allemaal, dus het is een volwaarde daguitstap vanuit Malaga of stop op je Andalusische roadtrip. Ik wil er zeker nog wel eens naartoe ooit.

Al lijkt het me wel een uitdaging in het hoogseizoen. Ik had me echt voorbereid op drukte, maar dat viel in februari goed mee. Maar in de zomerhitte is het waarschijnlijk wel een ander verhaal. Goed plannen dus.

Ben jij er al geweest of staat het nog op de bucket list?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Malaga #3: Soho & Muello Uno

In februari 2025 gingen het lief en ik de zon opzoeken in Malaga. We verbleven bij Tandem Soho suites, een appartementcomplex in de hippe Soho wijk. Naast een uitstap naar het Alhambra van Granada, werd het vooral een chille citytrip in deze kuststad. Ik laat je met plezier de fijnste plekken van de stad zien.

Vorige keren zagen jullie dat Malaga een mooi historisch centrum heeft met resten uit allerlei tijden. Vandaag neem ik jullie mee naar het hipper gedeelte van de stad.

Soho

Toen wij een appartement boekten lazen we overal dat Soho een hippe wijk is met veel restaurants, bars en street art. Dat klonk goed, dus boekten we meteen.

Street art in Soho met rechts de kameleon van de Gentse ROA.

Maar ik moet zeggen dat Soho (niet te verwarren met de gelijknamige wijk in Londen) wat tegenviel. Het kan ook aan de timing gelegen hebben, we waren er in februari – niet meteen het hoogseizoen. Ik vond het uiteindelijk niet zo levendig als verwacht, veel restaurants waren dicht, de street art was minder dan verwacht én het leek vooral een toeristenbuurt.

Links: één van de (verlaten) straten in Soho. Rechts: de boulevard Alameda Principal heeft een leuk voetgangersgedeelte.

Vroeger was er hier een street art festival en werden er best wat grote namen uitgenodigd om een werk te komen maken. Er was toen ook het Centro de Arte Contemporáneo de Málaga – een museum voor hedendaagse kunst dat het festival organiseerde, maar dat is ondertussen gesloten. Je vindt er wel nog de mural Paz y Libertad (Vrede en vrijheid).

Links: Paz y libertad. Rechts: nog een ROA.

Muello Uno

Naast Soho ligt Muello Uno, een kleine wijk rond het haventje. Met het parque de Malaga waar je altijd schaduw vindt en een wandelboulevard met paravang.

Langs de kade van de haven zit een winkelcentrum, restaurants en bars- van de toeristische soort, een openlucht markt… En je vindt er ook een opvallende kleurrijke kubus. Het uithangbord van het Centre Pompidou Malaga – het kleine boertje van het bekende moderne kunstmuseum in Parijs.

Links: de paravang met één van de weinige Invader werkjes die in Malaga zijn mogen blijven hangen. Rechts: Centre Pompidou.

Wij wilden het museum bezoeken op zondagnamiddag en bij aankomst kregen we te horen dat als we nog een half uur wachtten we om 16u gratis naar binnen mogen. Zondag na 16u is toegang dus gratis. Het is uiteraard veel drukker dan, maar we kozen toch voor die optie. Op andere dagen kost een ticket voor het hele museum 9 euro per persoon, dat valt nog best mee dus.

Ieder jaar is er één groter thema waaraan de permanente collectie wordt gewijd. Bij ons was dat ‘place-ness’, daarnaast variëren er telkens wat tijdelijke expo’s – bij ons eentje over de architect Vilanueva.

Het museum ligt onder de grond, wat zorgt voor grote open ruimtes. Het is allemaal mooi opgebouwd, maar de werken zijn misschien iets minder toegankelijk dan in andere moderne kunst musea. Ik vond het wel fijn dat je in de binnenkant van de kubus kon gluren (je mag er helaas wel niet ‘in’).

Malaga pakt graag uit met zijn status als museumstad en het Centre Pompidou was wat mij betreft het museum met de meeste internationale uitstraling. Iets waarvoor je regelmatig zou kunnen terugkomen. Dus het heeft zeker een grote waarde voor de stad denk ik.

Vanuit Muello Uno loop je heel snel het strand van Malagueta op. Verder is Malagueta een typische strandbuurt, met veel appartementen, toeristenrestaurants en winkeltjes. Ik ben geen strandvakantieganger, maar kan me voorstellen dat wie van de combo citytrip-strand houdt, hier zijn gading wel vindt. Wij hielden het bij een avondwandeling op het strand.

Voila, dat was alweer een heel ander luikje van de stad. Eettips, ook in Soho, gaf ik al mee in deze blogpost.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Malaga #2: het centrum met de Kathedraal en het Picasso museum (+eettips)

In februari 2025 gingen het lief en ik de zon opzoeken in Malaga. We verbleven bij Tandem Soho suites, een appartementcomplex in de hippe Soho wijk. Naast een uitstap naar het Alhambra van Granada, werd het vooral een chille citytrip in deze kuststad. Ik laat je met plezier de fijnste plekken van de stad zien.

Vorige keer nam ik jullie mee naar het moorse erfgoed van Malaga, vandaag focus ik op het centrum. Ik wist op voorhand niet hoe klein en gezellig dat centrum van Malaga zou zijn. Het was ook carnaval toen wij er waren, wat voor een groot volksfeest zorgde.

Het centrum is dus zoals gezegd compact, met de winkelstraat Calle Larios die alles doormidden snijdt en uitkomt op het Plaza de la Constitucion. Dé twee trekpleisters zijn ongetwijfeld de kathedraal en het Picassomuseum.

De kathedraal

De kathedraal van Malaga is zo één van de plekken waar alle wegen naar lijken te leiden. Het is een enorme kerk met een gotisch fundament, de spitsbogen binnenin geven dat weg, en daarnaast renaissance en vooral barokke elementen. De kerk is gebouwd op de plek van de vroegere moskee, dus na de katholieke herovering aan het einde van de middeleeuwen. Dat is al laat om zo’n bouw te starten en het heeft dan nog eens 200 jaar geduurd om het af te werken, wat de mengelmoes van stijlen verklaart.

Links: gebouwde toren. Rechts: nooit voltooide toren 😉

Langs buiten ziet elke gevel er wat anders uit. Er is een klokkentoren en er ontbreekt er tegelijk een: de tweede is nooit gebouwd door geldgebrek in de 18de eeuw. Daardoor wordt de kerk ‘La Manquita’ genoemd, wat zoveel betekent als ‘één-armige of manke dame’. De toren die wel gebouwd is, is 87m hoog en daarmee de hoogste kerktoren van Andalusië.

Aan de zijkant heb je een – vond ik – hele mooie barokke ingang. We wilden deze kerk ook graag langs binnen bewonderen en toegang kostte 10 euro per persoon, daarin zit een audiogids inbegrepen. De hele kerk is gewijd aan de hemelvaart van Maria. Binnen vond ik licht echt heel speciaal, goudgeel als het ware. En het is een enorm hoge kerk door de gotische bogen.

Het is heel groot binnen, met veel zijkapellen, een enorm altaar en een houten koor dat in drie lagen is opgebouwd, heel indrukwekkend ambachtswerk. Je loopt er al snel een dik uur in rond.

Ik heb al veel kerken gezien en meestal ben ik in Spanje geen grote fan door de overdreven barok. Ik had dat ook van deze kerk verwacht, maar het was dus niet wat ik dacht. Het sobere is behouden en dat maakt het allemaal heel mooi.

Links: het ambachtskerk in het koor.

De kathedraal was het eerste wat we bezocht hebben in Malaga en absoluut de moeite!

Picassomuseum

Picasso is een naam waar je niet rond kan in Malaga. Hij werd er geboren. Eén van de musea die je er vindt is dan ook zijn casa natal (geboortehuis) aan het enorme Plaza de la Merced. Dat bezochten we echter niet.

Plaza de la Merced

Niet veel verder vind je het Picasso museum in het historische Palacio de Buenavista, één van de vele musea over de kunstenaar in de wereld. Het museum doet een poging om Picasso’s hele oeuvre te overspannen en focust ook op zijn liefde voor Andalusië. Naast schilderijen, vind je er ook veel keramiek van de kunstenaar.

Een bezoek kost 12 euro per persoon en je reserveert best online op voorhand. Dat hadden wij niet gedaan en we hadden de populariteit een beetje onderschat. Het is het meest bezochte museum van Malaga (en er zijn er veel!). Er zijn twee rijen: voor mensen met een online ticket en voor mensen zonder ticket. Ook met een ticket is het dus even aanschuiven. Wij stonden eerst in de foute rij en nadien in de juiste die niet vooruit ging en kochten dan toch maar een ticket online voor het tijdslot dat er aankwam. Boek dus online.

De echt bekende werken hangen er niet. Maar je krijgt wel echt idee van zijn loopbaan en zijn turbulent liefdesleven. Picasso was allesbehalve goed voor zijn vele vrouwen, daarom heb ik een wat moeilijke relatie met hem als persoon. Maar hij is misschien wel één van de meest invloedrijke kunstenaars ooit en dan verdient hij een museum in zijn geboortestad.

Links: ik met gekruiste armen bij het werk ‘Vrouw met gekruiste armen’.

Je ziet het misschien een beetje op hoe ik mijn foto’s heb genomen: het is er enorm druk binnen. Het is geen groot gebouw dus hangen de werken in relatief kleine ruimtes. Er lopen heel wat mensen als een kip zonder kop door de werken. Het is niet de meest rustige museumbeleving, maar dat moet je er helaas een beetje bijnemen. Wij gingen ook op een weekenddag in de voormiddag, dus ik zou een rustiger moment uitkiezen ;).

Eettips

Een kleine midweek in Malaga zorgde ervoor dat we goed van de lokale keuken hebben kunnen genieten, hierbij onze tips:

Ijs:

Churros:

  • De lokale variant van churros zijn de tejeringos. Ze zijn gladder, dunner, langer en krommer :D. Er zijn een aantal toeristenplekken, maar als je ze graag lokaal eet moet je bij Churreria La Malaguena zijn. Opgelet: in Spanje eten ze churros als ontbijt/in de voormiddag met een kop chocolade erbij. Ik zou echt een goede Spanjaard zijn.

Lunch/avondeten:

  • In het centrum kan je kiezen voor tapas bij d’Platos (mijn favoriet!), het mega populaire Casa Lola (vond ik wat tegenvallen?), Madeinterranea, of Los Marangos (meerdere locaties). Los Marangos heeft ook heel lekkere paëlla (when in Spain…), maar is wel het meest toeristische van allemaal.
  • In de wijk Soho waar we sliepen aten we steengoede pizza bij Unica en lekkere fusionkeuken bij Fusion 87.
  • We aten ook een keer Mexicaans bij Mezcal. Oké, niet fantastisch, maar een goede afwisseling.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.